Het Vlaams Tram- en Autobusmuseum





Het Vlaams Tram- en Autubusmuseum

Het Vlaams Tram- en Autobusmuseum is een trammuseum waar trams en bussen, van vroeger en nu, worden tentoongesteld aan het publiek. Het museum is gelegen in Berchem in de vroegere stelplaats Groenenhoek. Het gebouw dateert uit 1912 en is sinds 19 maart 1996 als beschermd monument geklasseerd. Het werd nog tot 15 december 1997 door de Lijn gebruikt.

De vzw die het museum beheert is opgericht en wordt ondersteund door De Lijn. In het museum zijn Stadstrams en bussen van de NMVB en diverse Vlaamse trambedrijven aanwezig (waaronder die van Antwerpen). Wegens renovatie is de heropening voorzien in de loop van 2015.



Verzameling

Het museum is gewijd aan de geschiedenis van het openbaar vervoer in België (en vooral Vlaanderen) in het algemeen en in Antwerpen in het bijzonder. De pakwagen B 2227 van de Buurtspoorwegen, een zogenaamde Boerentram uit 1899, is het oudste voertuig uit collectie. Andere merkwaardige voertuigen zijn, onder andere, de eerste Antwerpse elektrische Stadstram (bouwjaar 1899), een open tram uit Gent (bouwjaar 1908), een stoomtramlocomotief (bouwjaar 1915) en de enige bewaard gebleven gyrobus in de wereld. Bij een gyrobus is de elektrische energie niet afkomstig van een bovenleiding zoals bij de trolleybus, maar van een generator die wordt aangedreven door een 1500 kilo zwaar vliegwiel in de bus.




Het interieur van de gyrobus , met in het midden het vliegwiel






In totaal is het museum 55 trams en bussen rijk. Naast de voertuigen zelf bezit het museum een uitgebreide collectie van foto's, modellen, dienstuniformen en dergelijke.


Geschiedenis

De Antwerpse tram startte in 1873 als paardentrambedrijf. De vroegere (paarden)trambedrijven werden overgenomen op 1 januari 1900 door de Compagnie Générale des Tramways d'Anvers (CGTA). De eerste elektrische trams reden in normale dienst vanaf  2 september 1902.In 1913 waren de meeste van de momenteel bestaande lijnen al in gebruik, zij het vaak in een lichtjes andere versie.

Na de CGTA hebben de volgende maatschappijen hebben de Antwerpse stadslijnen geëxploiteerd:

  1. Vanaf maart 1927: Tramways d'Anvers (T.A.).
  2. Vanaf 1 januari 1946: Tramwegen van Antwerpen en Omgeving (T.A.O.).
  3. Vanaf 1 januari 1963: Maatschappij voor het Intercommunaal Vervoer te Antwerpen (MIVA).
  4. Vanaf 1 januari 1991: Vlaamse Vervoermaatschappij "De Lijn"

Na de overname van de dienst door de T.A.O. in 1946 telde het Antwerpse Tramnet achttien tramlijnen en twee trolleybuslijnen (6 en 31). Vanaf de jaren '50 werden geleidelijk tramlijnen geschrapt of omgevormd tot een busdienst vanwege het dalende reizigersaantal. Lijnen 1, 5, 9, 13, 16, 17, 18 en 23 werden tussen 1952 en 1965 opgeheven en vervangen door autobusdiensten, die vaak een ander en langer traject volgden. Ook nieuwe autobusdiensten kwamen tot stand.

In 1975 opende het eerste deel van de westelijke premetrotak (Groenplaats - Centraal Station). Op 1 januari 1991 ging de MIVA samen met de Gentse MIVG en het Vlaamse deel van de NMVB op in de Vlaamse Vervoermaatschappij 'De Lijn'.


Map stadstram & Buurtspoorweg in 1949




Stadstram in 1949


 1  Noordplaats  Zuidstatie
 2  Suikerrui  Hoboken
 3  Zuidstatie  Merksem
 3b  Suikerrui  Mersem
 4  Groenplaats  Hoboken
 5  Groenplaats  Wilrijk
 7  Tolhuis  Mortsel (Oude God)
 8  Groenplaats  Eksterlaar
 9  Van Schoonbekeplein  Berchem station
 10  Melkmarkt  Deurne
 11  Rooseveltplaats  Eksterlaar
 12  Centraal Station  Petrol Tanks
 14  Noordplaats  Hoboken
 15  Centraal Station  Mortsel (Oude God)
 16  Melkmarkt  Luchthaven
 17  Centraal Station  Wilrijk
 18  Schijnpoort  Ooststatie
 23  St-Michielskaai  Noorderlaan
 24  Silsburg  Schoonselhof


Buurtspoorwegen (1885-1968)

De buurtspoorwegen (Boerentram) was oorspronkelijk ageëxploiteerd door pachters die hun eigen lijnen, stelplaats en organisatie hadden. De NMVB heeft bij de overname van de concessies, de pachter organisatie niet veranderd.

Oorspronkelijk zijn bijna alle buurtspoorweglijnen in de provincie Antwerpen met kaapspoor (1067 mm) aangelegd. Deze spoorwijdte was gekozen in verband met de aansluiting met de tramlijnen in Zuid Nederland, waar kaapspoor werd gebruikt. De meeste lijnen waren tijdens de 1ste Wereldoorlog door de Duitse bezetter opgebroken. Deze lijnen worden dan metersporig opnieuw aangelegd. Vanaf 1919 worden de nog overblijvende lijnen omgespoord naar de standaard meterspoor.

In Antwerpen werden veel sporen gemeenschappelijk gebruikt met de Antwerpse Stadstram, die ook op meterspoor reed. In 1935 werden alle NMVB-tramlijnen die tot dan toe aan de rand van de stad eindigden, doorgetrokken naar de centrale Victoriaplaats (Na de oorlog Rooseveltplaats).


Buurtspoorwegen (boerentram) in 1949

 40  Rooseveltplaats  Oostmalle
 41  Rooseveltplaats  Turnhout
 42  Rooseveltplaats  Lier
 50  Ijzerlaan  Boom
 52  Ijzerlaan  Mechelen
 54  Ijzerlaan  Rumst
 61  Osystraat  's Gravenwezel
 63  Osystraat   Brasschaat
 65  Osystraat  Putte
 70  Rooseveltplaats  Lillo
 72  Rooseveltplaats  Putte
 75  Osystraat  Zandvliet
 77  Osystraat  Oordenen
 H  Linkeroever  Hamme



Eerste/Laatste buurttram 

De eerste buurtspoorlijn die op 15 augustus 1885 wordt geopend was deze van Antwerpen (Turnhoutse Poort) naar Wijnegem (vaart). Kort daarna, op 20 september 1885, is de rest van de lijn naar Oostmalle en Hoogstraten geopend.

Al tijdens de 2de Wereldoorlog zijn veel niet-geëlektrificeerde lijnen opgebroken. Al snel worden de overblijvende lijnen opgeheven en vanaf 1955 bleven er alleen de elektrische lijnen over.

Vanaf de eindjaren '50 en beginjaren '60 wordt ook het elektrisch spoornet afgebouwd. Dit was afhankelijk van de instroom van de vele nieuwe bussen, nodig om de trams te vervangen. Vaak reden de trams alleen nog maar in de spits.

Op 25 mei 1968 reden de laatste trams op de lijn 61: Van Antwerpen Rooseveltplaats tot Schotenhof (Lindelei) in Schoten. Drie weken eerder op 4 mei 1968 reed op de lijn 64, van Antwerpen Rooseveltplaats tot Prins Kavellei in Brasschaat, de laatste tram.

 

Trolleybus

Antwerpen heeft, van 1929 tot 1964,  drie trolleybuslijnen gehad.

Lijn 13 was een proeflijn op het traject van tram 13 (Zuid - Petroleum). Deze lijn reed van 1929 tot 1931, aanvankelijk in gemengde dienst met trams maar later ook  met enkel trolleybussen.

Lijn 31 reed sinds 1933 tussen Kaai 204 en de Mexicobrug. In 1935 werd de dienst verlengd over de Noorderlaanbrug tot aan de Noorderplaats. In 1955 werd de trolleybus vervangen door een autobus om de lijn te kunnen verlengen naar het Koningin Astridplein.

Lijn 6 werd aangelegd in 1938 tussen het Zuidstation en de Gijselsstraat, langs de kaaien en de Brouwersvliet. De trolleybus verving hier tramlijn 6, die vaak gestremd werd in de kleine straatjes in Antwerpen-Noord en door het havenverkeer langs de kaaien. Deze lijn reed tot 30 maart 1964, toen deze vervangen werd door een autobusdienst, verdween de trolleybus uit het Antwerpse stadsbeeld.


Premetro

Vanaf de jaren '60 werden in Antwerpen plannen voor een metronet getekend. Eerst moesten de trams in deze tunnel rijden, maar later zouden de stations en tunnels  verbouwd worden voor metro-exploitatie. Dit systeem noemde men premetro. De eerste premetrotunnel werd in 1975 geopend. Ze liep van de Groenplaats tot de Keyserlei met de stations GroenplaatsMeir en Opera. In 1980 werd dit deel verlengd naar de Belgiëlei met de stations Plantin en Diamant.

De grote doorbraak voor het ondergrondse reizigersvervoer kwam met de doortrekking van de tunnel onder de Schelde naar de Linkeroever in 1990. Veel bezoekers voor de Antwerpse binnenstad parkeren hun auto bij de grote parkeerplaatsen op Linkeroever en gaan met de tram naar de binnenstad. In 1996 werd de tunnel van Diamant/Opera naar Schijnpoort en Sport afgebouwd en in dienst genomen.

Om diverse redenen werd een groot deel van de tunnels nooit afgebouwd en bleef in ruwbouw liggen, o.a. onder de Turnhoutsebaan en de Kerkstraat. De plannen voor ombouw tot metro heeft men intussen laten vallen. In 2013 is men begonnen met de afbouw van de tunnel onder de Turnhoutsebaan, die volgens de planning in 2015 in gebruik genomen zal worden.

 





De 17 stadstramlijnen van Antwerpen



Stadstram uit 1901








Stadstram uit 1907









Stadstram uit 1907





Een Gyrobus uit 1955, het enige overgebleven exemplaar




Stoomtram van de Buurtspoorwegen  









Buurtspoorwegentram  Merksem Turnhout  uit 1919 





Buurtspoorwegentram uit 1959




PCC tram uit de jaren 60




Trolleybussen reden in Antwerpen van 1929 tot 1964

Comments