Cursisten vertellen

Het verhaal van Johan (67)

Niet naar school

Ik ben de middelste van zeven jongens. Thuis hadden we het niet breed. Ik ging wel naar school, maar bleef ook vaak thuis. Ik hield van opruimen en schoonmaken. Mijn moeder niet. Dus het kwam goed van pas als ik dat deed. Lezen en schrijven vond ik moeilijk. Ik kon niet goed meekomen, maar daar was op school geen aandacht voor. Aan het einde van de lagere school kon ik prima rekenen, maar lezen en schrijven kon ik nog steeds niet.

Brood op de plank

Op mijn dertiende ben ik gaan werken. Er moest brood op de plank komen. We hadden altijd te weinig geld. We woonden boven een drankengroothandel, daar kreeg ik mijn eerste baantje. Later heb ik nog heel veel verschillende baantjes gehad. In een tuinderij, een patatzaak, een nachtclub, een café en een stomerij. Bij al dat werk hoefde ik niet te lezen en te schrijven.

Schaamte

Ik ben 65 geworden zonder ooit iemand te vertellen dat ik niet kon lezen en schrijven. Lange tijd miste ik het ook niet. Je weet niet beter. Kijk, als je bijvoorbeeld geen auto hebt, denk je ook niet voortdurend: had ik maar een auto. Ik was gewoon met andere dingen bezig. Tegelijkertijd schaamde ik me te erg. Iedereen kent wel de smoesjes over je bril vergeten of dat je het thuis wel gaat lezen, maar geloof me, ik ken nog tientallen andere smoesjes.

Geld weg

Op mijn 65e veranderde alles. Er werden rare dingen afgeschreven van mijn rekening. Zoals twee tv-abonnementen. Ik kreeg ook een belastingaanslag voor een krantenwijk in een andere stad. Die had ik helemaal niet. Er klopte niets van. Ik ben voor duizenden euro’s opgelicht. Samen met een paar lieve buurjongens heb ik aangifte gedaan. Daar, op het politiebureau, heb ik voor het eerst van mijn leven verteld dat ik niet kon lezen en schrijven. Daardoor kon dit alles gebeuren. Want ik las natuurlijk nooit de post, ook niet die van de bank. Ik durfde mijn brievenbus niet eens open te maken.

Hulp

Via de politie kwam ik bij Slachtofferhulp en bij het buurtteam. Zij hebben mij enorm geholpen. Ik had hele stapels papieren, dat hebben ze allemaal uitgezocht. En ze hebben me het telefoonnummer van de Stichting Lezen en Schrijven gegeven. Zo kwam ik weer op school, het ROC om te beginnen. Er ging een wereld voor me open die ik bijna vergeten was. Een lokaal, een klas, schriften en pennen. Het was heel erg wennen en het kostte ook heel veel energie. Ik ging eens per week.

Eenzaam

Raar eigenlijk: als ik niet was opgelicht, kon ik nu nog steeds niet lezen en schrijven. Kennelijk moest er iets vreselijks gebeuren voordat ik mij over mijn schaamte heen kon zetten. Zo hoog was die drempel. Pas nu zie ik wat ik al die tijd heb gemist. Ik was ook eenzaam, omdat ik altijd bang was om door de mand te vallen. Een weekendje weg? Met de trein ergens naartoe? Nieuwe vrienden maken? Naar de film? Ik durfde het allemaal niet.

Een oude muur

Nu kan ik redelijk lezen en schrijven. Ik ben steeds meer aan het ontdekken. Alsof ik achter een hele oude muur zat, die ik nu steentje voor steentje aan het afbreken ben. Ik kan er al overheen kijken. De wereld is veel mooier dan ik dacht! Ik lees korte verhalen en ga naar musea. Ik maak mijn brievenbus open en lees mijn post. Ik ga naar een vereniging voor de gezelligheid. Ik ontmoet nieuwe mensen. Ik voel me zekerder van mijzelf dan ooit. Ik heb ook geen geheim meer. Dat komt allemaal doordat ik kan lezen.

Niet snel genoeg

Laatst was ik in het ziekenhuis en ik las: cholesterolgehalte. Daar was ik zo trots op! Ik ben ontzettend enthousiast geworden over leren. Daarom ga ik nu naar Prago. Daar kan ik twee keer per week naar school in plaats van eens per week. Ik wil graag sneller leren lezen. De ondertitels op tv gaan nog te snel voor mij. Ik lees ongeveer drie woorden voordat de tekst weg is. Ik zou graag de hele regel willen lezen, zodat ik de film echt goed kan volgen.

Energie

Het belangrijkste wat het mij heeft opgeleverd, is niet eens mijn eigen zelfvertrouwen. Ik ben gelukkig en trots, dat is waar. Maar het belangrijkste vind ik dat ik andere mensen energie kan geven. Je hebt veel energie nodig van iemand anders, om over de drempel te stappen en te gaan leren. Ik weet precies hoe het voelt. Dus ik kan heel goed andere mensen steunen. Dat is wat ik het liefste doe. Daarom ben ik taalambassadeur geworden. Ik dacht altijd dat ik de enige was die niet kon lezen en schrijven. Nu kan ik andere mensen vertellen dat ze niet de enigen zijn. En hoe gelukkig ik nu ben. Dat ik mijn brievenbus openmaak. Ja, daar word ik gelukkig van. Dat snap jij niet, maar andere mensen snappen dat wel. Ik kan bijna alles lezen. Ik wil vertellen hoe veel zelfstandiger ik ben geworden. Als ik dat vertel, zit mijn gevoel erin. Dat voelen andere mensen en dat hebben ze nodig. Die energie wil ik geven. Dat vind ik nu het belangrijkste.