J.A. Leeghwater

Jan Adriaenszoon Leeghwater "de grondlegger van de Droogmakerijen"

Jan Adriaenszoon, de grote legende uit de Rijp, geboren in 1575 en gestorven in Amsterdam in 1650, is een van de beroemdste waterbouwkundigen van ons land. Mede dankzij hem, door het aanbrengen van vele technische verbeteringen aan de windmolens, werd het mogelijk de grote meren in Holland droog te maken. Zijn betekenis bij de droogmaking van de ‘Grote Waert’ was misschien niet zo groot; alleen bij de rekeningen uit 1629 is een stuk gevonden, waaruit blijkt dat een zekere “Jan Aeriesz Laechwater” f193-18-0 ontving, voor bewezen diensten, maar indirect heeft zijn constructie van de 8-kantige poldermolen, een bovenkruier of ‘Hollandsche dikkop’, met draaibare kap, er zeker toe bijgedragen.

De overgang van korenmolen naar een molen om water te verpompen, verliep via de koker- of wipmolen. Het probleem was dat het koren boven in het molenhuis gebracht kon worden, maar het water zich op grondniveau bevond en de aandrijving van het scheprad dus van het wiekenkruis naar beneden gebracht moest worden via de ‘koker’ of de Koningspil. Leeghwater, een naam die hij trouwens pas op latere leeftijd, heel toepasselijk aan zijn naam toevoegde, was zeer geïnteresseerd in de technische ontwikkelingen van de industriemolens.

In 1592 vond Cornelis van Uitgheest de krukas uit en daarmee de houtzaagmolen, met weer als gevolg dat Leeghwater hierna de oliemolen construeerde om olie uit zaden te persen. Men stond aan het begin van de ‘Gouden Eeuw’, de 17e, een eeuw waarin alles mogelijk scheen: oorlog voeren tegen Spanje; handel drijven op de Oostzee, met China, Japan en Oost-Indië; Antonie van Leeuwenhoek verbeterde de microscoop, uitgevonden trouwens door de Alkmaarder Cornelis Drebbel; Christiaan Huygens vond het slingeruurwerk uit en tussen 1608 en 1643 werd ongeveer 20.000 ha land op het water veroverd! Niet te vergeten de bloei van de schilderkunst met Rembrandt als beroemdste opponent. Waarlijk een tijd om bij stil te staan.

Leeghwater was in 1612 nauw betrokken bij de drooglegging van de Beemster als opzichter bij de bedijking en de bouw van de 26 molens. Ook bij de Schermer en de Wormer was hij betrokken en maakte berekeningen en kaarten. In het buitenland was hij een beroemd waterbouwkundige, in 1619 peilde hij de moerassen in Vlaanderen, in 1628 adviseerde hij bij het droogleggen van moerassen bij Bordeaux en in 1633 werkte hij in Sleeswijk-Holstein als landmeter en ingenieur, alwaar hij een sluis ontwierp. Maar Jan Adriaenszoon kon veel meer! In 1605 demonstreerde hij in den Haag voor Prins Maurits, in de Hofvijver, een soort duikerklok, waarmee hij lange tijd onder water bleef! De Prins was onder de indruk en verleende hem octrooi op zijn uitvinding. Hij was een veelzijdig man, zo vervaardigde hij ook het uur- en speelwerk voor de Zuiderkerk en de Westertoren in Amsterdam! Voor het Raadhuis in zijn geboorte plaats de Rijp maakte hij in 1630 de tekeningen en het bestek. In de houten balans van de Waag staan de letters:”J.A.L.W.”

Zijn grote faam dankt hij echter vooral aan het in 1641 uitgegeven ” Haerlemmer-Meer-Boeck”, waarin hij een lans brak voor de drooglegging van dit enorme water. Hij dacht het meer met 160 molens te kunnen droogmalen en schatte de kosten op zo’n 4 miljoen gulden! Het boek trok veel aandacht en beleefde 13 herdrukken, de laatste in 1838. Rond 1850 werd de Haarlemmermeer drooggemaakt, één van de drie stoomgemalen kreeg zijn naam: het Leeghwater gemaal aan de Kaag.

Wilt U meer weten over het leven van Leeghwater en van de dorpen Graft en de Rijp dan moet U zijn eigen boekje lezen: ”Een Kleyne Chronycke ende Voorbereydinghe van de Afkomst ende ’t Vergrooten van de Dorpen van Graft ende Rijp”, waarvan de eerste druk verscheen in 1649 bij Dominicus van der Stichel, boekdrukker aan de Lauriersgracht in Amsterdam, de stad waar Leeghwater toen woonde. Nog geen jaar later, eind januari 1650 overleed hij op 75 jarige leeftijd in Amsterdam.

Hoe gedenken wij deze geniale en veelzijdige man? In Alkmaar met de Leeghwaterbrug, maar in Heerhugowaard ? Zonder zijn kennis hadden wij heden zeker geen “droge voeten” in onze Stad van de Kansen!