Anna van Loon

Anna van Loon de vrouw van Hans van Loon

De invloed van vrouwen op het polderbestuur en daardoor in de polder is in de archieven moeilijk te vinden, wij hebben zelfs tot 2002 moeten wachten op de eerste vrouwelijke Dijkgraaf, drs. Monique de Vries van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, waartoe de polder Heerhugowaard thans behoort. Anna van Loon-Ruychaver heeft eveneens een belangrijke rol gespeeld in de begin jaren van de droogmaking en de polder. Zij is geboren in 1573, als dochter van Alyd en Marten Ruychaver en trouwde in 1597 met Hans van Loon, op wiens naam het Octrooi voor de droogmaking van de Waert stond en van wie de handtekening is te zien in het poldermuseum.

Haar vader Marten was burgemeester van Haarlem en verdiende zijn fortuin als handelaar in buskruit. Door haar huwelijk bracht zij geld en macht binnen de familie van Loon, die oorspronkelijk uit Loon op Zand bij ’s-Hertogenbosch komt. De vader van Hans, Willem van Loon was een van de oprichters van de Vereenigde Oostindische Compagnie in 1602 en woonde toen al in Rotterdam. Ook Hans van Loon, geboren in 1577, is koopman en drijft handel op China en Japan, hij wordt in 1628 bewindhebber van de VOC en woont op de Zeedijk in Amsterdam, toen één van de duurste straten van de stad en wordt, mede dankzij Anna een belangrijk man in Amsterdam. In 1615 signeert hij de oudst bewaard gebleven scheepsverzekering.

Door Nanning van Foreest wordt hij gevraagd mee te doen in het grote project, de drooglegging van de Waert. Dit heeft grote gevolgen voor de familie, niet alleen wordt van Loon hoofd-ingeland, van 1626 tot zijn dood in 1658, maar zij verwerven ook aanzienlijk veel grond in de Waard, ruim 80 hectare. Anna schenkt haar man drie kinderen, waarvan er twee later als hoofd-ingeland in het polderbestuur van Heerhugowaard zullen zitten. De familie van Loon drukt zodoende een duidelijk stempel op de polder. Pieter Hansz. Van Loon was hoofd-ingeland van1669 tot hij bedankte in 1679, zijn broer Willem Nicolaes van Loon van 1676 tot 1691 en mr. Johan van Loon van 1713 tot 1727. De drooglegging was toch eigenlijk een groot familie-project, zoon Nicolaes van Loon was getrouwd met de dochter van de eerste Dijkgraaf Adriaan van Veen, die weer getrouwd was met een zuster van Nanning van Foreest, Hilgonde of Helena. Haar naam wordt nog genoemd in de papieren van de betalingen aan ingezetenen, zij kreeg "voor de aanmaak van 9 groene kussens f 25-16-". De derde zoon van Anna van Loon, Pieter was getrouwd met een dochter van Nanning van Foreest, Anna.

Het was één grote familie aangelegenheid, de regenten en kooplieden zorgden goed voor elkaar, de teleurstelling was dan ook groot toen bleek dat de grond in de drooggevallen Waert zeer slecht was en er slechts onkruid groeide. “de Cost gaet voor de Baet”, moet men gedacht hebben, maar de kosten van de 47 molens en molenaars drukt zwaar op het polderbestuur. De gedachte de polder weer onder water te zetten zal bij menigeen gespeeld hebben. De kavels die de van Loons bij loting verkregen, lagen grotendeels in het zuiden van de polder aan de Middelweg, o.a. kavel D3 (zie de kavelkaart in het museum) waarop de boerderij De Kieft, Middenweg 6, gebouwd werd, die tot 1733 in het bezit van de familie was. Voor de nieuwbouw kocht de gemeente de weilanden rond de boerderij, die nu als een baken van historie in de Stad van de Zon ligt.

Ook de boerderij “ het Druifje” aan de Middenweg 13 stond op de kavel van Hans en Anna van Loon en werd gebouwd tussen 1680 en 1733. De boerderij maakte een bewogen geschiedenis door welke helaas eindigt met de brand in 1968 waarbij “het Druifje” verloren gaat. Het was een van de weinige stolpen in Heerhugowaard met een ronde schoorsteen, een teken van rijkdom. De gegevens over de bezittingen van de familie van Loon in Heerhugowaard zijn ontleend uit het boek van Henk Komen “Stolpboerderijen in Heerhugowaard, deel 1, verkrijgbaar in het museum of online via onze webshop.

Anna Ruychaver zal overigens niet vaak in Heerhugowaard geweest zijn, zij overleed in 1649, maar heeft door haar huwelijk de familie van Loon naar Noord-Holland en Amsterdam gebracht, waardoor deze in de gelegenheid kwamen in de droogmakerijen te investeren. Hans van Loon werd hierdoor naast koopman ook bestuurder evenals zijn zonen. Hij werd tevens de stamvader van de Amsterdamse tak van de familie van Loon, die in het begin van de 19e eeuw in de adelstand werden verheven. In het familiewapen staan naast drie morenkoppen, wijzend op de VOC handel, ook drie molenijzers (zg. rijn) verwijzend naar de water-korenmolen in Loon op Zand, eigendom van de familie.

In Amsterdam werd in 1671 aan de Keizersgracht 672 een statig patriciërshuis gebouwd met als eerste huurder de schilder Ferdinand Bol, een leerling van Rembrandt. Dit huis werd in 1884 gekocht door Hendrik van Loon voor zijn zoon Willem, die in dat jaar trouwt met Thora, de dochter van de Noorse Consul Egidius. Zij was Dame du Palais van Koningin Wilhelmina en woonde tot haar dood in 1945 aan de Keizersgracht. In 2006 overlijdt de laatste mannelijke telg uit het geslacht , Maurits van Loon, een directe afstammeling van Anna en Hans van Loon.

Het Museum van Loon aan de Keizersgracht 672 toont de geschiedenis van de familie in de prachtige omgeving van een Amsterdams grachtenhuis uit de 17e eeuw. De collectie van het museum omvat naast meubels, zilver en porselein, vele geschilderde familieportretten, ook van Anna en Hans van Loon-Ruychaver. Heerhugowaard eert de familie met de van Loonstraat, een zijstraatje van de Middenweg.