In de pers

De Baas

Rob Migchelbrink, Mabeon Achterhoek Schoon: van SW-bedrijf naar commerciële schoonmaker

Voor de rubriek 'De Baas' trekt oud-hoofdredacteur Dick van Zomeren  van Service Management het land in en gaat in gesprek met schoonmaakondernemers. Ditmaal ging hij langs bij de baas van Mabeon Achterhoek Schoon: Rob Migchelbrink. Op de vraag wat een probleem is bij sociaal ondernemen blijft deze het antwoord schuldig. Migchelbrink reageert namelijk onmiddellijk enthousiast. “Mensen kansen geven is juist het allerleukste dat er is.” Hij kan het weten, want hij doet het al vijftien jaar en noemt het zelfs in de bedrijfsnaam Mabeon: Maatschappelijk Betrokken Ondernemen.

Het schoonmaakbedrijf heet voluit Mabeon Achterhoek Schoon b.v., is gevestigd in Doetinchem en voert de slogan ‘Betrokken dienstverlening’. Net als zoveel lokale en regionale mkb’ers levert het bedrijf voornamelijk klassieke schoonmaakdiensten. De directeur kwalificeert de onderneming toch nadrukkelijk als “een bijzonder schoonmaakbedrijf, omdat we juist zoeken naar mensen met een achterstand om bij ons facilitair werk te doen”. Dat wordt ook nadrukkelijk ingevuld, want ruim meer dan de helft van de uitvoerenden heeft een psychische of fysieke beperking.

Publiek-private samenwerking

Rob Migchelbrink (56) is bijna veertig jaar actief in de branche. Hij begon in 1984 als assistent-bedrijfsleider bij het toenmalige Fair (schoonmaak en beveiliging) in Lelystad en Doetinchem, waar hij eindigde als operationeel directeur. In die laatste plaats was er contact met het SW-bedrijf Wedeo, waar men over honderd tewerkgestelden voor de schoonmaak beschikte, “maar slechts werk had voor twintig”. Wedeo zocht in 2006 contact met Fair om dat op te lossen, waarop de gedachte rijpte gezamenlijk een professioneel schoonmaakbedrijf op te zetten.

Migchelbrink: “De gedachte was Wedeo de mensen, wij de commercie en operatie. Dat betekende de start van Mabeon in 2007. Wij participeerden met zestig procent en de gemeente via Wedeo met veertig procent. Die publiek-private samenwerking is nu gemeengoed. Maar ik denk dat wij de eerste in Nederland waren in deze sector. Vanaf de start werd gewerkt aan een mix van SW’ers en reguliere krachten om zo tot een commercieel schoonmaakbedrijf te komen met een grote inbreng van uitvoerenden met een achterstand. Erwin Peters en ik zijn toen samen de directie gaan vormen van Mabeon Achterhoek Schoon.”

Veel ontwikkelingen

Tussen 2007 en 2015 gebeurde er veel rond de onderneming. Wat de SW betreft werd eerst de Participatiewet van kracht, waarbij Mabeon een voorbeeldfunctie kreeg. Vervolgens werd onder meer door gemeentelijke fusies SW-bedrijf (en Mabeon-participant) Wedeo opgeheven en vervangen door Laborijn. Daardoor konden Migchelbrink en Peters de resterende veertig procent aandelen in Mabeon kopen en werden 1 januari 2015 samen eigenaar. In die periode verkocht Fair de schoonmaakactiviteiten aan CSU en de beveiliging aan G4S.

Recentelijk zijn de eigendomsverhoudingen weer gewijzigd. Rob Migchelbrink als algemeen directeur (met commercie en operationele zaken) heeft sinds begin dit jaar twee mede-eigenaren, beiden ook werkzaam bij Mabeon. Astrid Dinnissen (financiële zaken) en Helga Peters voor algemene zaken.

Drie jobcoaches actief

Mabeon Achterhoek Schoon opereert vanuit één vestiging in Doetinchem in een gebied omschreven als de Gelderse Achterhoek, begrensd door Winterswijk, Twente, Zutphen en Arnhem. Elke klant is binnen een half uur bereikbaar. Bij het bedrijf werken 270 personen, waarvan er 150 een doelgroep-indicatie hebben, een afstand tot de arbeidsmarkt op basis van fysieke of psychische oorzaken. Migchelbrink: “Van alle medewerkers hebben 145 mensen een arbeidsovereenkomst van 24 uur per week of meer. Op die manier zorgen we ervoor dat de mensen uit een uitkeringssituatie komen.”

Voor hen zijn bij Mabeon drie gecertificeerde jobcoaches actief. Zij verlenen hulp of bijstand bij schulden, gezondheids- of privéproblemen. Het is een platte organisatie, want er is bij Mabeon slechts één bedrijfsleider met direct daaronder een laag met acht objectleiders. Van de omzet wordt zeventig procent behaald met klassiek schoonmaakwerk. Conciërge en huismeesterdiensten dragen vijftien procent bij, net zoveel als nevendiensten: bezorgen, in- en uitpakwerk en hulp in kantines.

Bron: Service Management








De directie van Mabeon Achterhoek Schoon v.l.n.r.: Astrid Dinnissen, Rob Migchelbrink en Helga Peters









"Hulp bieden en problemen oplossen is echt het allerleukste om te doen"

Ondernemers niet blij met plan om sociale werkbedrijven nieuw leven in te blazen.

’Terugkeer sociale werkplaats is klap in gezicht’

Door JOOST SPIJKER


De Tweede Kamer wil de sociale werkplaats nieuw leven inblazen, maar niet iedereen is blij met dat plan. Ondernemers zijn gefrustreerd dat de conclusie wordt getrokken dat de markt niks doet voor mensen met een arbeidsbeperking, zegt Piet Adema van branchevereniging Schoonmakend Nederland (SN).

Jamilla Wassink (26) en Peter Roes (30) zijn werknemer bij het schoonmaakbedrijf Mabeon, dat wekelijks het stadion van De Graafschap in Doetinchem schoonhoudt. Ⓒ FOTO APA ARNHEMSE PERSAGENTSCHAP 

Adema vreest de concurrentie van gesubsidieerde sociale werkbedrijven. „Dit voelt als klap in het gezicht voor inclusieve werkgevers.”

Erbij horen

Ondanks dat er al maanden geen supporters meer op de tribune hebben gezeten, is er vandaag genoeg te doen voor Jamilla Wassink (26) en Peter Roes (30). Beiden zijn werknemer bij het schoonmaakbedrijf Mabeon, dat wekelijks het stadion van De Graafschap in Doetinchem schoonhoudt. „Ik werk hier nu twee jaar, maar had de overstap al jaren eerder moeten maken”, zegt Jamilla. „Bij mijn vorige werk liep ik soms met pijn in mijn buik rond omdat ik dingen niet durfde te vragen. Hier is een jobcoach die me helpt en dat geeft me zelfvertrouwen.” De autistische stoornis PDD-NOS zorgt ervoor dat een reguliere baan voor haar niet haalbaar is. „Maar het is fijn om in een echt bedrijf te werken, het geeft me het gevoel dat ik erbij hoor.”

Het onbenut arbeidspotentieel in Nederland bestaat uit 1,1 miljoen mensen, blijkt uit cijfers van het CBS. Daar zitten veel mensen tussen met afstand tot de arbeidsmarkt, zoals met een lichamelijke handicap of een geestelijke stoornis.

Participatiewet

Een deel van die groep kon lang aan het werk bij sociale werkplaatsen, tot het kabinet in 2015 besloot daar het mes in te zetten. Met de invoering van de participatiewet moesten ze voortaan aan het werk in een reguliere baan, was het idee. Het plan pakte slecht uit, concludeerde het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in 2019. De kans op werk was afgenomen en daardoor belandden mensen steeds vaker in een uitkering. Inmiddels ligt er een initiatiefnota van CDA en SP om sociale werkbedrijven (SW-bedrijven) nieuw leven in te blazen, met steun van een meerderheid in de Tweede Kamer.

„Het frustreert ons hoe er over dit onderwerp wordt gepraat”, zegt Piet Adema van Schoonmakend Nederland. Volgens de branchevoorzitter is de sector ’de poort tot de arbeidsmarkt’ en komen er nergens zoveel mensen zonder diploma’s, vanuit andere culturen of beperking aan het werk als in zijn branche.

„Ik zie juist ondernemers die enorm hun best doen en klaarstaan met banen. Het probleem is juist dat ze te weinig mensen krijgen aangeboden.”

De coronacrisis is volgens Adema het perfecte voorbeeld. „Je zou zeggen dat ze er als eerste uitvliegen, maar de mensen uit de doelgroep die zonder werk kwamen te zitten zijn op één hand te tellen. Het toont aan dat wij als branche deze werknemers een volwaardige plek gunnen.”

Fabeltje

Dat onderschrijft ook Rob Migchelbrink, eigenaar van schoonmaakbedrijf Mabeon. „Het is een fabeltje dat bedrijven niet op arbeidsbeperkten zitten te wachten”, aldus de ondernemer.

Van zijn 250 medewerkers hebben er 130 een afstand tot de arbeidsmarkt. „Dat zijn mensen van allerlei pluimage. Als iemand het werk fysiek aankan, is hij of zij welkom.”

Mabeon biedt werknemers extra begeleiding, budgetbeheer en past de werkzaamheden aan op wat iemand kan. „Als je er extra tijd instopt, kan het werken. Wij schrijven gewoon zwarte cijfers.”

Toch is er veel discussie over de banenafspraak, een erfenis uit het sociaal akkoord dat in 2013 werd gesloten tussen kabinet, vakbonden en werkgevers. Begin 2026 moeten er 125.000 extra banen zijn bijgekomen voor mensen met een arbeidsbeperking. Volgens Cedris, de branchevereniging van sociale werkbedrijven, is dat doel ver uit zicht en zijn het er slechts 12.000 tot nu toe. Het ministerie zegt op basis van UWV-cijfers dat er sinds 2012 ruim 61.000 banen zijn gerealiseerd, een aantal dat weliswaar nog steeds achterloopt op de doelstellingen.

Klap

„Het rapport van Cedris deugt niet”, zegt Adema. „Dit voelt als klap in het gezicht voor inclusieve werkgevers.”

De cijfers schetsen een verkeerd beeld, zo haakt adviseur inclusie bij SN Leonore Nieuwmeijer in. „De participatiewet is niet mislukt. Ja, het beschutte werk loopt achter, maar jonggehandicapten en mensen uit de klassieke bijstand zijn meer aan het werk gekomen. Inclusieve organisaties moeten worden gesteund in wat ze goed doen. Dit rapport doet het tegenovergestelde.”

Cedris-voorzitter Job Cohen erkent dat de publicatie van het rapport niet goed is gegaan. „Wij hadden het niet naar buiten moeten brengen zonder anderen te kennen.” De conclusie, namelijk dat de totale werkgelegenheid achterblijft voor mensen met een arbeidsbeperking, is volgens hem wel een feit. „De schoonmaakbranche doet het fantastisch, daarover geen misverstand. Maar als je kijkt naar andere branches moet je constateren dat het minder gaat. Werkgevers willen vaak wel, maar slechts een klein deel doet het ook.”

Internationaal gezien staat Nederland er niet goed op als het gaat om een inclusieve arbeidsmarkt, zegt hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen. „We doen het slecht als het gaat om mensen met een beperking aan het werk houden. Werkgevers doen gewoon niet genoeg.”

Het probleem is volgens Wilthagen dat werkgevers de groep als een risico zien. „Ze worden gezien als langzame werkers of ondernemers zijn bang dat klanten het vreemd vinden. We roepen hier altijd dat we sociaal zijn, maar als puntje bij het paaltje komt blijkt dat niet.”

Cohen vindt wel dat de participatiewet is mislukt. „Het idee was mooi, maar veel mensen lukt het niet om bij een reguliere werkgever aan de bak te komen of te blijven. Zorg er dan in ieder geval voor dat er een vangnet is en dat ze aan het werk kunnen blijven.”

Weggeconcurreerd

Adema vreest juist dat het versterken van sociale werkinstellingen er voor zorgt dat ondernemers worden weggeconcurreerd. „Er is een deel waarvoor beschut werk de beste oplossing is. Daarvoor bieden de sociale werkbedrijven een fantastische voorziening. Voor de andere groepen moeten ze zich vooral richten op het aanleren van dagritme, toeleiding naar werk en het ontzorgen van werkgevers. Zo versterken we ieders kracht. Als je nu die sociale ontwikkelingsbedrijven uitbreidt, stop je daar mensen in die er nooit meer uitkomen.”

De branche is volgens Adema bereid om met het nieuwe kabinet afspraken te maken voor duizenden mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. „We hebben de handjes ook gewoon nodig.”

De markt beconcurreren is ’absoluut niet’ wat Cedris wil, zegt Cohen. „Wij kunnen het bedrijfsleven juist ontzorgen. Onze missie was opkomen voor sociale werkplaatsen. Onze missie is nu opkomen voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Dat is een gezamenlijke opdracht.”

Wilthagen benadrukt het enorme belang van werk voor de groep. „Niet alleen bespaar je uitkeringen, het maakt mensen aantoonbaar gezonder en gelukkiger en zorgt voor minder criminaliteit. Dat wordt onderschat.”

Peter Roes wil in ieder geval nooit meer iets anders dan zijn huidige baan. „Vooral de vrijheid vind ik leuk, je komt overal en nergens. Als ik het aan mijn vrienden vertel, vinden ze het geweldig dat ik als fan het stadion van De Graafschap mag schoonmaken. Ik moet er niet aan denken dat een Vitesse-supporter het moet doen.”

Mensen met een arbeidsbeperking komen volop terug in de verkiezingsprogramma’s.Ⓒ FOTO ANP 

Politiek: versterk het sociaal ontwikkelbedrijf

De Tweede Kamer is het erover eens dat er iets moet gebeuren om de baankansen van mensen met een arbeidsbeperking te verbeteren. Wel verschillen de partijen van mening over de manier waarop. Het onderwerp komt volop terug in de verkiezingsprogramma’s en het nieuwe kabinet moet keuzes maken op de formatietafel.

De initiatiefnota Aan de Slag in het Sociaal Ontwikkelingsbedrijf van CDA en SP kan rekenen op steun van een meerderheid in de Tweede Kamer. Ook VVD, D66, ChristenUnie, PVV, PvdA, GroenLinks, Denk, 50Plus, en de Kamerleden Krol en Van Kooten-Arissen stemden voor het plan.

De partijen pleiten voor een landelijk netwerk van sociale ontwikkelingsbedrijven waar niet alleen mensen terecht kunnen die vroeger naar de sociale werkvoorziening gingen, maar ook mensen die moeten integreren of willen re-integreren. Wel is er discussie over wie er precies tot de doelgroep behoren en de financiering. Het blijft de insteek om mensen op een reguliere werkplek te krijgen.

Springplank

Meerdere fracties wijzen op de rol die sociaal ondernemers al spelen. Het sociaal ontwikkelbedrijf moet dan ook een springplank worden om naar een reguliere baan te komen, maar ook een vangnet zijn als dat niet haalbaar is.

Ook werkgeversclubs VNO-NCW en MKB-Nederland bespreken het in hun nieuwe toekomstvisie Ondernemen voor Brede Welvaart. „Wij willen geen 100.000 maar 200.000 mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in 2030 werk hebben geboden.”


Bron: de Telegraaf