Onze mening

Op deze pagina geven we onze mening over een recente ontwikkeling in het onderwijs. Ditmaal niet onze eigen mening, maar wel een mening die we delen. Filosoof Sebastien Valkenberg over onderwijs als oplossing voor alles. Oorspronkelijk verschenen in de Volkskrant van 26 maart 2017.


Onderwijs als panacee? Stop daarmee.

Het heeft iets gemakzuchtigs: Is er een maatschappelijk probleem, dan moet de meester of juf dat oplossen. Afgelopen week was het de overdaad aan het internet-bloot waarmee kinderen geconfronteerd worden. Het is hoog tijd dat scholen de jeugd voorlichten, vindt de directeur van kenniscentrum Rutgers. 

Als het nu bleef bij dit ene appèl, maar nee. Eind vorig jaar moesten scholen hun leerlingen nog mediawijs maken. Trump was net verkozen en daarom zou het noodzakelijk zijn om nepnieuws te leren herkennen. Het jaar daarvoor waren scholen onmisbaar in de bestrijding van radicalisering. De docent als vooruitgeschoven post in de strijd tegen het terrorisme. O ja, anti-pestlessen dient hij ook nog te geven.

Er was een tijd dat leraren vakken doceerden: Nederlands, wiskunde, geschiedenis. Nu lijken ze nog het meest op super-oplossers die je inzet bij allerhande kwalen. Vooral beleidsmakers duwen ze nogal gretig in die rol.

Pathos van het nieuwe
Gemakzucht? Allicht, maar dat is nog maar een gedeeltelijke verklaring voor het uitdijende takenpakket van scholen. De verleiding is nu eenmaal groot om bij nijpende maatschappelijke kwesties naar docenten te kijken. Zij zien hun leerlingen toch elke dag? Nou dan! 

Bij beleidsmakers manifesteert zich ook het 'pathos van het nieuwe', zoals Hannah Arendt het noemde. Veranderingen zijn iets om danig van onder de indruk te raken. Voor je het weet raak je achterop en dat schrikbeeld rechtvaardigt ingrijpende hervormingen.

Dus moeten we tegenwoordig leerlingen 21ste eeuwse vaardigheden bijbrengen. Of zoals het meestal heet: "21st century skills". Zo geef je uitdrukking aan het besef dat de geglobaliseerde wereld de toekomst heeft. Jij trekt je tenminste niet terug achter de dijken: dat is de boodschap die je met dat Engels afgeeft. 

Een tijdje terug wijdde SLO (nationaal centrum leerplannen) een dik rapport aan die 21ste eeuwse vaardigheden. Al meteen op de eerste bladzijden wordt de toon gezet. We leven in "een snel veranderende maatschappij"; "de hoeveelheid beschikbare informatie groeit exponentieel"; een "statische samenleving maakt plaats voor een dynamische kenniseconomie". 

Opdat we er van doordrongen raken dat dingen niet bij het oude blijven. Ik kan me vergissen, maar het lijkt erop dat we in Nederland nog meer dan elders bevreesd zijn de tekenen des tijds te missen. Conservatief zijn, erger bestaat niet.

Permanente revolutie
Beleidsmakers in het onderwijs krijgen voor elkaar wat de communisten niet lukte: de permanente revolutie. De boel moet steeds flink op de schop, of het nu is vanwege technologische ontwikkelingen, globalisering of de multiculturele samenleving.

Maakt niet uit welk advies je erop naslaat. Vorig jaar kreeg de minister het eindrapport van Platform Onderwijs2032 met aanbevelingen voor het onderwijs van de toekomst. Daarin onder meer deze zin: "Door globalisering en migratie wordt de samenleving cultureel steeds gevarieerder". En daarom moeten burgers de kernwaarden van de democratische rechtsstaat leren kennen, aldus het advies.

Dat is inderdaad heel belangrijk, dus stond er altijd al staatsinrichting op het lesprogramma. Daar leerde je over de Tweede Kamerverkiezingen en de trias politica. Maar dat is kennelijk niet meer genoeg. De maatschappelijke realiteit is zodanig veranderd dat een nieuw vak nodig zou zijn: burgerschap. Wat het precies inhoudt, is niet duidelijk. Je krijgt de indruk dat het vak moet fungeren als panacee. Problemen met integratie? Gooi er een lesje burgerschap tegenaan.

Al dat ontzag voor de toekomst. Of is het angst om de boot te missen? Hoe dan ook wordt onderwijs steeds meer de voortzetting van de opvoeding met andere middelen, lijkt het. Voorstel: laten ouders hun kroost vooral zelf vertrouwd maken met het internet en andere noviteiten die om speciale aandacht vragen. Dan kunnen docenten hun tijd besteden aan de vakken waarvoor ze zijn opgeleid.

Sebastien Valkenberg (1978) studeerde filosofie in Amsterdam en Leuven. Hij schreef de boeken Het laboratorium in je hoofd (2006), Geluksvogels (2010) en Op denkles (2015).

Eerdere artikelen in deze rubriek 'Onze mening'