Onze bevers

Bever in Lebbeke    (en onder dit bericht ook nog artikel over Bevers in Vlassenbroek)

Bever in wachtbekken op grens van Lebbeke en Sint-Gillis-Dendermonde

Bericht uitgegeven door Universiteit Antwerpen, Natuurpunt Dendermonding, Aalst en Beneden-Dender en 's Heerenbosch op maandag 1 april 2013

De Europese Bever doet het goed in Vlaanderen. De soort verspreidt zich steeds verder en dringt zelfs door tot in het sterk verstedelijkt landschap. Aanvankelijk was de Vlaamse populatie beperkt tot twee aaneengesloten kernpopulaties: één ten zuiden van Leuven, één aan de Grensmaas in Limburg. Maar de laatste jaren gaat het snel, met vestigingen aan de Maas, Dijle, Demer, Nete, Durme, Rupel en Schelde. Sinds kort heeft ook het Denderbekken een eigen beverterritorium.

De sporen liegen er niet om: typische potloodpuntige afgeknaagde boompjes en een dammetje. Het leidt geen twijfel meer: op de grens van Sint-Gillis-bij-Dendermonde en Lebbeke woont een Bever in een van de wachtbekkens van de VMM, dat samen met Natuurpunt wordt beheerd. Dit is geen primeur voor Oost-Vlaanderen: die ging naar de Vlassenbroekse Polder in Dendermonde, waar sinds 2007 een beverterritorium werd vastgesteld. In 2012 werden hier zelfs jonge Bevertjes gefilmd. Dit was meteen het eerste bewijs van voortplanting in Oost-Vlaanderen sinds de uitroeiing van de Bever in 1848. Ook in het Molsbroek in Lokeren zat in 2012 een Bever. Waar dit exemplaar nu zit, is niet duidelijk. Mogelijk hebben de meldingen in het Bulbierbroek (Hamme) en Eksaarde, waar recent sporen werden gevonden, betrekking op de 'Molsbroekbever'. En nu zijn Sint-Gillis-bij-Dendermonde en Lebbeke dus aan de beurt. Vermoedelijk gaat het hier om nakomelingen van het paartje uit Vlassenbroek.

De Lebbeekse Bever gekiekt tijdens zijn nachtelijke activiteiten (foto: Daan Stemgee)
De Lebbeekse Bever gekiekt tijdens zijn nachtelijke activiteiten (foto: Daan Stemgee)

Dat de Bever zich op deze locatie vestigt, is niet zo raar. Bevers zijn uitgesproken planteneters. In de zomer eten ze vooral kruidachtige planten, gras en waterplanten maar ook wortels en wortelstokken. In de winter wordt overgeschakeld op boomschors. En de gemakkelijkste manier om aan voldoende boomschors te geraken, is bomen omknagen en die vervolgens schillen. Vooral niet te dikke bomen van zachte houtsoorten zoals populier en wilg vallen goed in de smaak. Aan beide soorten is in het wachtbekken alvast geen gebrek.

Bever in Lebbeke-Sint-Gillis


Bever in Sint-Gillis-bij-Dendermonde/Lebbeke gefilmd door een automatische camera tijdens het eten van schors van een takje.

Op sommige plaatsen wordt de komst van de Bever op gemengde gevoelens onthaald. Reden: Bevers doen zich regelmatig tegoed aan landbouwgewassen (vooral maïs en bieten), kunnen duchtig graven in oevers en dijken (met de nodige onrust voor de waterbeheerder tot gevolg) en bouwen dammen. Zo'n dam zorgt er o.a. voor dat de gebieden in de ruime omgeving onder water worden gezet, wat tot conflicten kan leiden met aangrenzende landbouwpercelen. Maar de kans lijkt klein dat de Lebbeekse Bever voor overlast zal zorgen:in het wachtbekken is voldoende plaats voor een dam, zonder negatieve gevolgen voor de omgeving. Het waterbergend vermogen van het wachtbekken wordt momenteel slechts minimaal beïnvloed door de beverdam.

 
Beverdam in het wachtbekken. Deze beperkte waterstandverhoging levert momenteel geen problemen op.(foto: Daan Stemgee)
Beverdam in het wachtbekken. Deze beperkte waterstandverhoging levert momenteel geen problemen op.(foto: Daan Stemgee)

Als deze Bever een partner zou vinden (vermoedelijk zit er momenteel maar één exemplaar) en er zich zou voortplanten, dan zijn er zeker nog voldoende mogelijkheden voor de jongen om nieuwe gebieden in te nemen. Via het stroomafwaartse Denderbellebroek kunnen ze naar de rest van het natuurgebied Beneden-Dender afzakken. De Hogedonk en Wiestermeers vormen alvast geschikte beverlocaties. Ook stroomopwaarts zijn er kansen, o.a. in de Wellemeersen. Zover zijn we nog niet want tussen Lebbeke en de Wellemeersen moeten eerst nog Aalst en een sluis worden gepasseerd. Steden zoals Leuven (met enkele kleine stuwen) vormen voor Bevers geen migratie-obstakel, maar hoge sluizen zoals in Aalst zijn toch een ander paar mouwen. Afwachten of de Bever zich hier zal laten versassen …

Bevers zijn ecosysteemingenieurs: ze brengen variatie in het landschap en helpen verbossing tegen te gaan. Natuurpunt heeft er als het ware een extra vrijwilliger bij om gratis beheerwerken uit te voeren op moeilijk toegankelijk terrein. Gebieden waar een Bever aanwezig is, worden door deze toegenomen variatie soortenrijker qua fauna en flora. Goed nieuws dus!

Tekst: Kristijn Swinnen (Universiteit Antwerpen), Dirk De Mesel (Natuurpunt Dendermonding) en Rik De Baere (Natuurpunt Aalst)
Foto's en beeldmateriaal: Kristijn Swinnen, Daan Stemgee (Natuurpunt Beneden-Dender), Albert Mannaert (Natuurpunt Dendermonding)



Bevers in Vlassenbroek Dendermonde

Met de suikerbonen zijn we een jaartje te laat

Dat er sinds 2007 een bever in Vlassenbroek zit, is al lang geen geheim meer. Een tweede bever werd onder grote persbelangstelling in juni 2009 door het Natuurhulpcentrum vrijgelaten. In november 2011 hielden we nog een succesvolle beveravond waarop we de aanwezigheid van beide exemplaren konden bevestigen. En dan komt natuurlijk de vraag, komt er iets meer van of niet?


Beversporen zijn opvallend en makkelijk te vinden, maar de Bever zelf spotten, is niet eenvoudig. In dit digitale tijdperk kan er natuurlijk meer en meer. Doctoraatsstudent Kristijn Swinnen van de Universiteit van Antwerpen doet onderzoek naar de bevers in Vlaanderen en heeft op verschillende plaatsen nachtcamera’s hangen. Deze camera’s reageren op warmte en beweging en maken filmpjes. Enkele weken werd ons geduld op de proef gesteld. Eind februari was het dan eindelijk zover en kwam het heuglijke nieuws: een beverjong werd samen met mama en papa op film vastgelegd. Het jong is nu ongeveer 1 jaar oud en zal nog even blijven. Rond hun tweede verjaardag gaan ze op zoek naar een eigen leefgebied. Hopelijk komen deze jongen ook weer op een plek terecht waar ze gewenst zijn en vinden ze een partner om hun eigen gezinnetje te stichten. Ondertussen gaat het de bever ook voor de wind in de provincie Antwerpen (o.a. in het Viersels Gebroekt) en in Vlaams-Brabant, zodat de kans op het vinden van een partner steeds groter wordt.

Beverfamilie in Vlassenbroek ‎‎(C)‎‎ Kristijn Swinnen


Het is meer dan een eeuw geleden dat er beverjongen werden geboren in Oost-Vlaanderen.
Dat dit gebeurt in ons Natuurreservaat de Vlassenbroekse Polder stemt de Natuurpuntafdeling 's Heerenbosch heel gelukkig.
Dank aan de vele vrijwilligers die jaren aan het natuurreservaat hebben gewerkt.
Zij maakten het mogelijk dat de bever hier weer zijn thuis vond.

 27-03-12 / De bever verovert Vlaanderen

Anderhalve eeuw nadat de laatste Europese bever in Vlaanderen verdween, dook het grootste knaagdier van Europa in de herfst van 2000 hier terug op. In de twee jaar die daarop volgden, werden bevers waargenomen zowel langs de Grensmaas als in de zuidelijke Dijlevallei. Kort daarna plantten de dieren zich hier ook voort. Sindsdien heeft de bever zich verder over Vlaanderen verspreid en komt hij enkel in West-Vlaanderen nog niet voor. Het totaal aantal bevers wordt inmiddels geschat op een honderdtal dieren, die zich voornamelijk in de valleien van de Dijle en de Maas ophouden. Dat de bevers het in Vlaanderen naar hun zin hebben, wezen de recent vastgestelde succesvolle voortplantingen in de provinvies Antwerpen en Oost-Vlaanderen uit. 
De eerste Vlaamse waarnemingen van bevers sinds 1848 vonden plaats in de Dijlevallei in de herfst van 2000. Het betrof dieren afkomstig van een populatie die net over de grens met Wallonië (Rixensart) geïntroduceerd werd. In april 2003 werd opnieuw een twintigtal bevers vrijgelaten, ditmaal langs de Dijle en de Laan. Sindsdien kent de populatie in de Dijlevallei een gestage groei. Naarmate de geschikte gebieden ten zuiden van Leuven verzadigd raken, trekken de bevers de stad Leuven door op zoek naar nieuwe gebieden ten noorden van de stad. Ondanks het feit dat de Dijle in Leuven deels gekanaliseerd is en zelfs een stuk ondergronds loopt, blijken ze de stad met weinig moeite te passeren. Onder andere vanuit deze populatie verspreidden de bevers zich over de rest van Vlaanderen.

In de provincie Antwerpen dook de eerste bever op in het Mechels Broek in 2003. Eind 2005 vestigde zich ook een exemplaar in de Schijnvallei. Het dier van de Schijnvallei werd echter in april 2006 weggevangen door het Vlaamse Gewest en weer losgelaten op de Dijle. Het dier in het Mechels Broek en de dieren die enkele jaren later opdoken in Broek De Naeyer (Willebroek, Antwerpen) en langs de benedenloop van de Kleine Nete (omgeving Lier en Viersel) hadden ondertussen meer geluk en mochten blijven.

Sinds het voorjaar van 2008 vestigde zich een bever in het natuurgebied Viersels Gebroekt. Het dier liet zich zelfs af en toe in de schemering zien vanaf de picknickbank langs het Netekanaal. Toch blijven het schuwe, nachtactieve dieren die zelden overdag worden waargenomen. Dankzij de inzet van cameravallen slaagde Kristijn Swinnen, doctoraatsstudent Biologie aan de Universiteit Antwerpen, erin een volwassen bever met een jong te filmen. Hiermee was meteen bewijs geleverd dat er niet alleen meerdere bevers aanwezig zijn, maar dat ze zich ook succesvol voortplanten.

In Oost-Vlaanderen verscheen de eerste bever verscheen in de zomer van 2007 in de Scheldevallei, te Vlassenbroek. Vermoedelijk was ook dit een zwervend dier afkomstig van de groeiende populatie op de Dijle. Niettegenstaande de bever als doelsoort is opgenomen in de instandhoudingsdoelstellingen voor de Schelde, scheelde het niet veel of de eerste bever van de Scheldevallei werd weggevangen en teruggebracht naar de vermoedde plaats van herkomst. Na tussenkomst van Natuurpunt kon het dier uiteindelijk blijven en was de weg ook vrij voor andere zwervers in Vlaanderen.

In juni 2009 werd door het dierenopvangcentrum uit Heusden-Zolder een bever weggevangen op het terrein van een petrochemisch bedrijf in de Antwerpse haven en in de Vlassenbroekse polder vrijgelaten. Het geslacht van beide dieren was niet gekend en het was dus afwachten wat ervan zou komen. Het duurde tot de zomer van 2011 om bevestiging te krijgen dat beide dieren nog aanwezig waren. Begin 2012 kon ook hier dankzij het gebruik van cameravallen succesvolle voortplanting worden vastgesteld. Op onderstaand nachtelijk filmpje zijn drie dieren te zien: twee volwassen dieren en een jaarling.

De eerste Limburgse bevers doken in 2002 terug op langs de Berwijn (Voerstreek) en op de Maas. Vermoedelijk zijn deze dieren afkomstig uit Wallonië, later nog aangevuld met dieren die vanaf 2003 uitgezet werden in Nederlands Limburg. Momenteel worden een aantal Maasplassen ingenomen en vormen de bewoners ervan één populatie met de Nederlandse bevers aan de andere kant van de Maas. Ook zijn er enkele territoria op kleinere waterlopen verder verwijderd van de Maas. Deze Limburgse populatie doet het goed en ook hier breiden de bevers zich uit. Door hun aanwezigheid creëren ze een meer diverse natuur, en hiervan kunnen andere soorten weer profiteren.

Hoewel bevers over het algemeen voor een verrijking van de natuur zorgen, kunnen er ook problemen optreden. Af en toe ondervinden landbouwers schade aan hun gewassen of zijn er problemen met vernatting van gebieden. In de Hagelandse vallei in Holsbeek lopen schraallanden met orchideeën onder met voedselrijk water ten gevolge van beverdammen. Vanuit de overheid wordt aan een visie in verband met de bever gewerkt. Bevers, hun holen, dammen, burchten en leefgebied zijn strikt beschermd door de nationale en Europese wetgeving; ook het verstoren van de dieren is verboden.

Momenteel loopt er een vierjarig onderzoek naar de bever in Vlaanderen aan de Universiteit Antwerpen. Er wordt nagaan wat de habitatvereisten zijn, en welke nog niet ingenomen gebieden geschikt zijn voor de bever. Vervolgens wordt geanalyseerd hoe gemakkelijk deze gebieden bereikt kunnen worden. Ook wordt er onderzocht welke riviereigenschappen bepalen of er dammen gebouwd zullen worden. Tot slot wordt bekeken op welke plaatsen in Vlaanderen deze dammen de grootste economische schade kunnen veroorzaken. Er worden observaties uitgevoerd en bevers worden zowel genetisch als met behulp van cameravallen gemonitord. Als je geïnteresseerd bent om te helpen of je hebt informatie over bevers bij jou in de buurt, dan mag je altijd contact opnemen met Kristijn Swinnen. Waarnemingen van bevers en hun sporen mogen doorgegeven worden via www.waarnemingen.be.

Bron: Natuurbericht.be


Comments