Beginpagina‎ > ‎Nieuws en agenda‎ > ‎Nieuws‎ > ‎

Lezing 14 januari 2020 over Begraafplaatsen in Best en Oirschot

Geplaatst 13 dec. 2019 01:58 door Ton van Erp   [ 13 dec. 2019 02:02 bijgewerkt ]
Begraafplaatsen en kerkhoven zijn niet direct de plaatsen waar mensen vaak naar toe trekken. Men gaat er heen om overleden familieleden te gedenken en met Allerzielen wordt er een extra bloemetje op veel graven geplaatst. Er is daar een stukje cultuur te vinden, maar daarnaast vind je er de historie van de woongemeenschap, die er zijn overledenen begraaft. In de presentatie wordt ingegaan op de geschiedenis van het begraven, daarna wordt u meegenomen, niet alleen langs een paar belangrijke begraafplaatsen in binnen- en buitenland, maar ook wordt getoond hoe de begraafplaats in het algemeen zich heeft ontwikkeld in de tijd. 
 
De grote begraafplaats in Best dateert waarschijnlijk uit het begin van de twintigste eeuw. Die van Oirschot werd in 1879 officieel in gebruik genomen. Beide begraafplaatsen geven een mooi beeld van een Brabantse dodenakker uit de twintigste eeuw. Oirschot heeft naast de grote begraafplaats nog een aardig aantal kleinere, bij kloosters en in de afzonderlijke dorpen. In het totaal zijn dat er zeventien! Best heeft in Wilhelminadorp nog een echt kerkhof.  De hoofdbegraafplaatsen hebben een aantal uitzonderlijke en bijzondere monumenten, zowel qua uitvoering, maar ook qua belang voor de historie van het dorp, omdat er bekende personen begraven liggen.  
 
In Oirschot zijn zelfs een paar grafmonumenten tot rijksmonument bestempeld. Beide locaties hebben een fraai baarhuis (in Oirschot zelfs rijksmonument). Een begraafplaats is een weerslag van de wijze waarop een dorp of stad met zijn overledenen omgaat. En welke bekende personen liggen er begraven? Notabelen, zoals artsen, kantonrechters, burgemeesters en pastoors, hebben er een prominent graf of soms een heel eenvoudige gedenksteen. Een stukje historie, dat niet zo bekend is bij veel inwoners. 

Paul Stoffels bezocht als kind samen met zijn ouders tijdens vakanties in Frankrijk vele kerkjes. Hij vond de naastgelegen kerkhoven fascinerend. En als tiener kwam hij al vroeg in aanraking met de dood. Die bezoekjes, rituelen en begrafenissen hebben een grote indruk achter gelaten. Als voormalig bestuurslid van Vereniging de Terebinth, een vereniging die zich inzet voor behoud van begraafplaatsen, bezocht hij ook vele Europese begraafplaatsen. Zijn boek ‘De zouaven uit Oirschot’ handelt over de Oirschottenaren die in 1860 reageerden op de oproep van de paus om de pauselijke staat te verdedigen.Hij beschrijft de lotgevallen van 19 zouaven die vanuit Oirschot via Oudenbosch en Brussel naar midden Italië vertrokken. 
Er zijn nog veel Oirschottenaren van wie een voorouder intrad in het pauselijke leger. Paul heeft zich verdiept in deze materie, omdat er nog steeds een paar graven van zouaven in Oirschot aanwezig zijn. als