(klik op ▼, ► om in / uit te klappen)

Citaten daoïsme

Opdracht

Vlak voor haar dood zei mijn eenentachtigjarige moeder tegen me: Wil je geloven dat ik geen idee heb hoe ik hier gekomen ben?
En mijn even oude vader: Ik ben helemaal kapotgeschoten. Begrijp je wat ik bedoel? Ik sta de hele dag versteld.
Ik zei: Ik begrijp precies wat je bedoelt.

Deze website draag ik op aan iedereen die het net als ik, om wat voor reden dan ook, niet meer weet - in het bijzonder aan mijn moeder die op 25 juli 2011 en mijn vader die op 21 april 2012 ook het niet weten voorgoed achter zich lieten.

Disclaimer

Citaten op deze website zijn over het algemeen niet representatief voor de auteur of het werk in kwestie.

Ik ben het nergens mee eens of oneens, ook hiermee niet. Ik erken of ontken niets, ook dit niet. Dat geldt niet alleen voor de citaten maar ook en vooral voor alles wat gezegd moest blijven in mijn dwaalteksten.

Lasker, Marloes



Verlichting voor dummy'sCitaten >  Spiritualiteit > Marloes Lasker

Deze pagina
Citaten over niet weten uit de blog van zenmonnik Marloes Lasker.
Samensteller: Hans van Dam.
Deze website: NIET-WETEN.NL.

Meer citaten (zen-) boeddhisme
> Boeddhisme a-z
> De Grote Weg
> Huang Po
> Nagarjuna
> Niet-weten is het meest nabij
> Poortloze poort
> Santideva
> Tydeman, Nico
> Wetering, Janwillem van de

Dwaalteksten zen
> Zen
> Zen 2


Marloes Lasker


Bron: www.tussenpozen.com


Vrijdag 6 april 2012
En zoals dat dan gaat, word ik vanochtend attent gemaakt op een artikel van Natalie Goldberg (bekend van Writing down the bones) over Dogen, en dan met name over de Mountains and Rivers Sutra. "You don’t keep stopping and asking what the wind is saying, do you? You let it blow." Wat mij onder andere aanspreekt is dat ze het accent legt op de fysieke beoefening. "Don’t struggle to understand practice, show up, be here and, like osmosis, the teachings will enter your whole body."

Dogen, can there be a world beyond words? van Natalie Goldberg

Woensdag 4 april 2012
Ik lees verder in de Mountains and Rivers Sutra van Dogen.

"Turning circumstances and turning mind is rejected by the great sage. Speaking of mind and speaking of of essence is not agreeable to buddha ancestors. Seeing into mind and seeing into essence is the activity of people outside the way. Confined words and phrases do not lead to liberation. There is something free from all these views. That is: Green mountains are always walking and Eastern mountains travel on water. Study this in detail."

- Dogen, Treasury of the True Dharma Eye, Shambhala Publications, 2010, p 156 (!).

Dit doet me ineens denken aan een passage uit het boek Only don't know van de zenmeester Seung Sahn. Ik zoek het op en vind:

"Don't check your understanding, don't check anything. A good answer, a bad answer, or no answer - this doesn't matter. How much do you believe in yourself? This is very important. If you believe in yourself, all that you see and hear, all that you smell, taste and touch, is the truth just as it is. This is a living, true koan."

- Seung Sahn, Only don't know, Shambhala Publications, 1999, p 156 (!).

"Only don't know", zegt Seung Sahn, "Confined words do not lead to liberation", zegt Dogen.

Als ik niet vasthoud aan waarheid of onwaarheid, aan logisch of onlogisch, als ik niet vasthoud aan ook maar één vast idee (dat buiten mijzelf om als waar of bestaand zou gelden), dan wandelen alle groene bergen en reizen de bergen in het oosten op water.

Vrijdag 24 februari 2012
Gisteren zag ik bij De Wereld Draait Door fotograaf Huub van der Put die een fotoboek heeft samengesteld: The mind is a muscle. Hierin is vooral Huub, maar ook zijn vrouw en twee kinderen, geportretteerd met als rode draad en thema Huub's dodelijke ziekte ALS. Ik was onder de indruk. Er staan prachtige foto's in, onder andere van Erwin Olaf. Ik ben er sowieso wel een voorstander van om kunst te maken van de ernstige ziekte die je zelf onder de leden hebt.
Ook kon ik mij goed vinden in het antwoord van Huub op de vraag hoe het ging. Het antwoord daarop was niet eenduidig. Er ging van alles tegelijk door hem heen. Dat is heel herkenbaar. Het wordt mij ook steeds duidelijker dat het niet eenduidig is, ook al denk ik in eerste instantie wel dat dat zo hoort. Het gaat goed, of het gaat niet goed. Allebei tegelijk kan niet. Of toch wel?

Het kan wel. Ik ben tegelijkertijd verdrietig, levenslustig, hoopvol, wanhopig, bang, blij.. Regelmatig kan ik zoveel facetten in mezelf aanwijzen, dat ik de hele vraag gewoon niet meer beantwoorden kan. Want dan moet ik er maar iets uit pikken, al naar gelang wat de situatie vraagt. Hoe gaat het met je? Ik weet het niet. Het zit allemaal, allemaal in mij. Ik ben niet alleen maar het verdriet, of alleen maar de angst. Het leeft, het ontspruit, het vlamt en traant. En dat heeft iets bevrijdends.

Maandag 9 januari 2012
Leidt handelen uit angst altijd tot iets slechts? Leidt handelen uit liefde altijd tot iets goeds? Kan ik dat bepalen?

Weerloos overgeleverd aan mysterieuze stromen, en net zo weerloos, want hetzelfde mysterie, behept met de altijd weer opdoemende arrogantie die denken te kunnen kennen...

Zondag 8 januari 2012
Als ik op spiritueel gebied denk een antwoord te hebben, dan zit ik niet diep genoeg. Een antwoord is voor de mysticus altijd een teken dat er iets (dieper) te beoefenen valt.

Zondag 1 januari 2012
"Beginners mind", zei Suzuki Roshi.
"Receptive samadhi", schreef Dogen.
Steeds minder een leraar willen of denken te zijn, steeds meer een leerling worden.
Dat wens ik mijzelf (en u, indien gewenst) toe in het nieuwe jaar.
Moge 2012 u al het goede brengen!

Donderdag 8 december 2011

Thuisloosheid is pure liefde.


Er is geen plek in mijn leven, in dit bestaan, waar ik me meer thuis voel dan de plek waar ik machteloos en met lege handen sta.

Dat meen ik serieus. Ik ben niet voor niets een monnik. Als kind wist ik dit al, maar had ik er geen uitdrukkingsvorm voor. Ik vond het niet op school of universiteit, niet op de ene, niet op de andere. Het was me allemaal net te oppervlakkig, want elke opleiding gaf antwoorden op de vragen. Maar ik had een vraag waarop geen antwoord mogelijk was.

Bij de paarden vond ik het op zich wel. Zij waren mijn eerste zenmeesters. Ze laten je pas goed met hen omgaan als je bereid bent om de leegte niet op te vullen, om alles te verliezen. Zo heb ik het althans ervaren. Maar paarden zijn altijd omgeven door mensen die heel veel weten. Dus was ik er ook door omgeven.

Toen ik met zen begon, en helemaal toen ik mijn huidige leraar Nico Tydeman Sensei ontmoette, wist ik dat ik was thuisgekomen. Dat was geen weten in de zin van begrijpen, maar een ervaren, een inzicht. Dit is de plek waar ik thuishoor, op de plek waar geen antwoord is, waar ik volkomen met lege handen sta.

Dit gaat voor mij onherroepelijk gepaard met een enorme pijn en lijden. Die plek maakt dat los, als je bereid bent steeds dieper te gaan. En ik begrijp heel goed dat dat voor sommige mensen heel moeilijk is om te zien. Dat moet verschrikkelijk zijn. Ik houd die mensen ook niet tegen om het verschrikkelijk te vinden.

Maar ikzelf kan niet anders. Het is de enige plek waar ik me thuis voel. De plek waar ik met lege handen sta, hoe pijnlijk ook, is de enige plek die mij troost biedt.

Maandag 21 november 2011
Er is niets dat mij meer thuisloos maakt, in de boeddhistische betekenis van het woord, dan mijn ziekte. Absoluut niets. Het trekt me volledig uit mijn comfort-zone, ontdoet me van veel vaste ideeën, laat me in niet-weten verblijven. In die zin is het opvallend dat ik monnik werd ("het huis verliet") in hetzelfde jaar als het jaar waarin mijn ziekte daadwerkelijk en exponentieel begon te verergeren -het voorlaatste stadium inging- en mij daarmee begon te confronteren. In spiritueel opzicht is de thuisloosheid die mijn ziekte veroorzaakt dus heel interessant.

Het is echter een pijnlijke manier. Er is een ongelooflijke hoeveelheid lijden mee gemoeid.

Zaterdag 10 september 2011
Het Absolute is niet kenbaar. Het Niets is niet kenbaar. Toch maken we er liever een "iets" van, om ons (opnieuw) aan vast te kunnen klampen, dan dat we daadwerkelijk springen.

Zaterdag 2 juli 2011
Binnen de zenbeoefening is de relatie tussen leraar en leerling niet zozeer een psychologische, maar (bovenal) een mystieke relatie. Als ik binnen onze relatie gedragspatronen bij mezelf opmerk, of inzichten verkrijg die betrekking hebben op mijn verleden, of iets in die trant, is dat mooi meegenomen, maar het wordt niet beoogd. Wat wordt dan wel beoogd tussen leraar en leerling?

Dat weet ik niet.

Woensdag 9 maart 2011
Bij de Bijenkorf koop ik kleine Lavender Tea en Rose Vanilla cupcakes. Thuis zet ik het koffiezetapparaat aan en schik de mini-muffins op een kleurig bordje. Mijn vriendin Connie komt op bezoek. Gezellig! Vanochtend schreef ze op haar eigen log weer een inspirerend en ontroerend zen-verhaal.

Later praat ik met haar over de beoefening. Dat ik het thuis in mijn eentje al gauw helemaal voor elkaar heb. Ergens heel subtiel in mezelf mijn eigen zenmeestertje ben. "Ik weet niks en dat doe ik best goed." Lekker sereen en verlicht, stiekem. En zodra ik dan in de zendo kom (de Amsterdamse met name): Poef! Dan gebeurt er wat binnen de Sangha en weg is dat verlichte idee!

Seung Sahn schrijft daar ook over in Only don't know. Hij gebruikt daarvoor de metafoor van het wassen van aardappelen. Aardappelen was je niet per stuk. Je stopt ze allemaal in een pan met water en husselt ze door elkaar. Zo botsen we, wrijven we, schuren we elkaar schoon.. Daarom is het belangrijk voor me om naar de zendo te blijven gaan. Me in het midden van de levende Dharma te blijven begeven; de Sangha. In mijn eentje red ik het wel, maar met andere mensen, ja, dát is pas beoefening!

Dinsdag 8 maart 2011

"Don't check your understanding; don't check anything. A good answer, a bad answer, or no answer - this doesn't matter. How much do you believe in yourself? That's very important. If you believe in yourself 100 percent, all that you see and hear, all that you smell, taste and touch is the truth just as it is. That's a living, true koan."

uit: Only don't know, selected teaching letters of Zen Master Seung Sahn

Ik kan 100% in mijzelf geloven terwijl ik mijzelf 0% ken.
Hoe?!

Donderdag 16 december 2010
Dharmazus L. is op bezoek. Ik vertel haar van de leegte op mijn geestelijk pad. Hoe alles verdwenen is, mijn ambities, mijn verwachtingen, mijn ideeën erover. Dat ik niet meer weet waar het nog toe gaat leiden, of het nog wel ergens toe gaat leiden, of wat dan ook. Niets meer, leeg.

Een sprankje Groot Vertrouwen, al weet ik niet wat dat is. Dat maakt dat ik het maar gewoon uit zal zitten. Momenteel ben ik er rustig onder, merk ik. Ik kan het haar heel berustend vertellen, ook al is niets me meer duidelijk en is het totaal leeg van binnen.

Het gewoon maar uitzitten.

"Ga gewoon een trui breien ofzo", zegt L.

Dat brengt me op een idee. Ik haal de doos met origami kraanvogeltjes tevoorschijn. Ik schat dat er zo'n tweehonderd in zitten. L. is verrukt, wat mooi! Ik maak er eentje voor haar, die ze geëmotioneerd aanneemt.
Nog achthonderd te gaan voor een senbazuru. Als L. weg is, begin ik te vouwen.

Zaterdag 4 december 2010
Haruki Murakami, u weet wel, mijn held, heeft een prachtig essay geschreven dat onlangs in The New York Times is verschenen. Over realignment. De veranderende tendens in de wereld van "logische analyse vòòr de acceptatie" (20e eeuw) naar "as-it-is" (21e eeuw). En de rol van het verhaal hierin. Verplichte kost. Ik heb het essay zelf even uitgeprint, want van papier leest het toch lekkerder.

Reality A and Reality B by Haruki Murakami

Eigenlijk maken wij wat Murakami hier beschrijft in Nederland ook nog eens mee met Geert Wilders, die nu aan de macht is. Daar staan we toch ook naar te kijken met een groot vraagteken boven ons hoofd. (De Q in 1Q84 staat voor "question mark".)

Er is geen eindconclusie.


Dat kan zo'n vreselijk angstaanjagende gedachte zijn. Maar ergens zit er ook bevrijding in.

Zaterdag 27 november 2010
Boeddha kent zichzelf niet.

Vrijdag 1 oktober 2010
Tijdens mijn monniksinwijding (tokudo ceremonie) heb ik onder andere de volgende gelofte afgelegd: Ik beloof te leven in armoede van Geest, niets te willen, niets te hebben, niets te weten. Ik heb hier eerder al geschreven dat dit volgens mij mijn belangrijkste beoefening is. En dat ik misschien zelfs wel al die andere afgelegde geloftes zou kunnen vergeten, wellicht omdat ze uit deze voort lijken te komen. Het zinnetje zelf is afkomstig van Meister Eckhart.

Afgelopen woensdag kocht ik na de singelwandeling het boek Over God wil ik zwijgen, preken en traktaten van Meister Eckhart bij boekhandel De Wijze Kater. Het is een nieuwe uitgave. Ik weet niet of de vertaling van C. O. Jellema goed is, maar het boek zelf ziet er in ieder geval prachtig uit met zijn donkergrijze tint en zijn rode leeslint. Prettig is ook dat op de gebroken witte pagina's het lettertype niet in een pikzwarte kleur is afgedrukt, maar ook in een donkergrijs. Dit maakt het contrast niet zo "hard" en pijnlijk voor mijn ogen.

Vanochtend las ik de eerste preek, Beate pauperes spiritu (zalig zijn de armen van geest). Ik viel met mijn neus in de boter, want deze gaat gelijk al over de bovenstaande zin, de gelofte die ik heb afgelegd. Voor ik het weet, zit ik heftig enthousiast hardop te citeren (en nog een keer en nog een keer!) en verwoed met mijn potloodje zinnen te onderstrepen.

Nu heb ik een klacht gehad dat ik zo vaag en onbegrijpelijk ben geworden de laatste tijd. Ik doe mijn best om mijn website daarom te blijven voorzien van dagelijkse opvallendheidjes die dicht bij mij (en jou) staan. Maar aan de andere kant: de vrouw die lyrisch wordt van sommige onbegrijpelijke zinnen ben ik ook. En eerlijk gezegd; stiekem heb ik nooit erg rekening gehouden met mijn lezerspubliek. Ik heb enkel gedaan wat ik zelf ben. Dus hierbij toch een citaat. En het is vast niet de laatste.

"Want in Zijn werken is het niet Gods bedoeling dat de mens een plaats in zich heeft waarin Hij zou kunnen werken, want armoede van geest betekent dat hij zo leeg is van God en al Zijn werken, dat God, wil hij in de ziel werken, zelf de plaats is waarin Hij werken wil."

uit: Over God wil ik zwijgen van Meister Eckhart

Ofwel; je moet niet Boeddha de kans geven zijn werk in jou te verzetten. Je moet zelfs niet Boeddha willen zijn. Je moet zo leeg zijn dat je Boeddha bént. Zonder het te weten, zonder te weten wat of wie hij is. Dan is hij in zichzelf werkende. Dat is de Dharma!

Nou, excuseert u mij. Ik ga even lyrisch op de grond liggen.

Dinsdag 31 augustus 2010
"Dat heet ik-weet-het-niet-zazen. We weten niet meer wat zazen is. Ik weet niet wie ik ben. Als je je evenwicht weet te vinden als je niet weet wie je bent of waar je bent, dan aanvaard je de dingen zoals het is. Je aanvaardt jezelf, al weet je niet wie je bent. Dat is "jij" in de ware betekenis. Als je wilt weten wie je bent, is dat "jij" niet de echte jij. Het is makkelijk jezelf te overschatten, maar als je zegt: "Ik weet het niet", dan ben je jij, en ken je jezelf volkomen."

uit: Niets is zo van Shunryu Suzuki

Ik ben fan van Suzuki Roshi. Hij spreekt mij erg aan. Dit op een kaartje schrijven, elke dag even lezen en dan zazen. Dat is het enige dat me te doen staat.

Donderdag 13 mei 2010
Het is best fijn om mezelf (en daarmee bijvoorbeeld ook dingen die me overkomen) gewoon ondefinieerbaar te laten, en daarin te rusten.

Dat is overigens iets anders dan onverschillig zijn. Misschien is het juist wel het tegenovergestelde..

Woensdag 12 mei 2010
Het lijkt wel alsof onvoorwaardelijke liefde pas echt helder wordt in de duisternis van niet-weten.

Of ook wel, zoals ik eerder schreef, thuisloosheid is pure liefde.

Ik ben thuisloos, ik ben onvoorwaardelijke liefde. Dit is verstandelijk niet te begrijpen. Een koan..

Maandag 22 maart 2010
Omdat hij door de telefoon aan mijn stem had gehoord dat er iets raars aan de hand was, komt hij me tegemoet lopen. Ik omhels hem stevig en vraag hem of ik nog leef. Hij antwoordt bevestigend: "Ja, liefje, je leeft nog." Maar ik weet eigenlijk niet wat dat is, leven.

Zondag 7 maart 2010
Zen is één grote identiteitscrisis.

Dinsdag 13 oktober 2009
Met lege handen staan kan opgevat worden als iets beangstigends. Iets dat ik te allen tijde dien te vermijden. Ronddolen in het duister, in het pure niet-weten, niks hebben om me aan vast te houden. Ik kan het soms eng vinden. Het past ook niet zo in de cultuur, want we moeten vooral op iets of iemand bouwen. Maar er zit ook iets heel rustgevends in. iets bevrijdends, in houvastloosheid. Als ik niets weet, kan ik elke kant op. Soms word ik 's ochtends wakker met een heel rustig gevoel van vertrouwen, terwijl ik dan tegelijkertijd geen enkel houvast heb. Geen idee hebben, gewoon het leven leven.

Nico Sensei zegt er dan ook het volgende over: "Klein vertrouwen is vertrouwen in iets of iemand hebben. Groot Vertrouwen is nergens op gebaseerd."

Zaterdag 10 oktober 2009
"Er kan een moment komen dat zelfs de Dharma niet meer werkt."
- Nico Sensei

Dit is een uitspraak die me bijblijft. Een hele mooie uitspraak. In het eerste ogenblik dat ik hem hoorde, voelde ik gelijk de steek. Hoe kan dat? Het is toch onmogelijk dat de Dharma, de Leer, de Weg, Tao, Uiteindelijke Werkelijkheid, Zo-heid, etc. etc. niet meer zou werken? Hoe zou dit hier niet kunnen werken? Ik merkte gelijk mijn eigen gehechtheid aan de Dharma op. En aan het werken ervan.

Maar dan gaat het zinken, voorbij mijn menselijke emoties, en ontvouwt zich een schoonheid in deze uitspraak.

Soms denk ik (!) wel eens dat het enige dat blijvende inspiratie biedt, mijn eigen hartsverlangen is. Dat stuwt, drijft, brandt en gaat voort. De rest, alle ideeën, alle boeken die ik lees, kunnen weliswaar ook inspireren. Maar er komt vroeg of laat een moment dat ik niet anders kan dan ze te laten gaan. Want hoe weet ik zeker dat dat wat geschreven staat, dat wat ik bedenk, waarheid is? Elk idee is een omkadering van iets, en een uitsluitsel van iets anders. Dat gebeurt in mijn eigen verstand, enkel doordat ik denk te kunnen omvatten, en is dus per definitie onhoudbaar. Bovendien gaat elk idee en elke inspiratie vanzelf wel voorbij. Niet aan vast te houden.

Ik weet nog wel dat dat de reden was waarom ik nooit lang bij hetzelfde kon blijven. Dat ik na lang paardgereden te hebben en verschillende stromingen onderzocht te hebben bijvoorbeeld op den duur zelfs het hele Natural Horsemanship-gebeuren moest verwerpen. Om maar lukraak iets uit mijn vroegere geschiedenis van vóór zen te noemen. Terwijl dat zo dicht bij het paard en de natuur zou staan. Het was enkel weer opnieuw een groepje mensen die weer opnieuw bepaalde ideeen erop na hielden. Maar waarop gebaseerd? Misschien op hun verlangen het mysterie te kennen, maar vervolgens het enkel bedekten met een nieuwe laag aan ideeen. Niets menselijks is mij vreemd natuurlijk; ik verschil daar niet veel van. Ik kan het alleen niet volhouden. Zelfs niet met betrekking tot een hoop Boeddhistische boeken.

Er kan een moment komen dat zelfs de Dharma niet meer werkt.
Daar sta ik dan.
Met lege handen.

Dinsdag 8 september 2009
Soms vraag ik mezelf wel eens af of ik uberhaupt nog wel iets doe. Of ik een eigen wil heb. Tuurlijk, ik heb het geleerd dat dat zo is. Maar is het zo? Heeft dat ik (en wat is dat) een eigen wil, temidden van dingen die niet eigen-willen zijn? Kan ik echt geheel individueel, als ik, voor iets kiezen?

Ik lijk soms zo overgeleverd te zijn aan iets... aan een grillige geest. Zoals Nico Sensei dat tijdens een sesshin in Vught zei. Vermoeide geest, verdrietige geest, kwetsbare geest, kleine geest, verlichte geest, boze geest, blije geest, heilige geest. Het raast maar voorbij, in mij. Dat is na acht jaar zitten echt nog steeds niet over gegaan. Sterker nog, ik word me er alleen maar pijnlijk van bewust dat het allemaal voorbij blijft komen. Rustige geest, wispelturige geest, domme geest (au!), sterke geest, geraakte geest, wonderbaarlijke geest, pijnlijke geest, kinderachtige geest (“ben je nou nog niet gegroeid, Marloes!”), oh zo kwetsbare geest..

Heb ik er wel iets over te zeggen, over die geest en zijn uitdrukkingsvormen, over mezelf? Kan ik het echt zelf sturen?

En welke ervan is waar?
Welke ben ik?

Woensdag 17 juni 2009
Mijn lieve Dharmabroertje Chris stuurt me weer eens iets moois. Dit keer een zinnetje van onze geliefde Etty Hillesum:

"Ze zien het steeds nog niet mijn God, dat alles hier drijfzand is behalve jij."

Nico Sensei gebruikt in zijn boek Dansen in het duister ook het woord drijfzand. Hij schrijft ergens:

"Elk weten berust op drijfzand: niet-weten."

Deze twee citaten passen in elkaar. Alles is drijfzand, want berust op niet-weten. God is het uiteindelijke, onbevattelijke mysterie, conceptloos, woordeloos, grenzeloos.. Geen enkel woord voldoet, en ook dat niet.. God is niets, maar niet in de zin dat het niets weer een iets wordt (zijnde het niets als iets). Misschien is God wel louter het ervaren zelf.. Ik weet het niet.

Vrijdag 29 mei 2009
The Big Sit, het 90 dagen lang beoefenen van zazen, is afgelopen toen ik in retraite zat. Dat kwam dus mooi bij elkaar. Het is allemaal goed gegaan, maar ik kan me natuurlijk afvragen in welke hoedanigheid het niet goed gegaan zou zijn.

Ik heb, op enkele dagen na, elke dag thuis gezeten. Elders zitten, zoals bijvoorbeeld op een hotelkamer op Texel, vond ik moeilijker. Dan lijkt het toch ongemerkt aan me voorbij te gaan. Soms zelfs gemerkt.

Als je vraagt of al dat zitten geholpen heeft, moet ik je het antwoord schuldig blijven. Want dat weet ik niet. Misschien is dat het enige: dat ik steeds meer of opnieuw er achterkom dat ik het eigenlijk allemaal niet weet. Of dit helpt. Of dat helpt. En wat helpt het dan precies? Geen idee..

Afgelopen woensdagavond zei C. dat ook zo mooi in de zendo: "Soms hoor ik dat wel eens iemand zeggen: "Ik wil de wereld een stukje beter achterlaten." En dan vraag ik me echt oprecht af bij mezelf: Hoe dan? Hoe doe ik dat dan? En hoe weet ik zo zeker dát ik dat doe?"

Die onwetendheid is zo ontiegelijk groot.. zo'n enorme ruimte.

O ja, aangezien ik dat elke ochtend na het zitten deed; ik kan nu wel de 16 voorschriften uit mijn hoofd opzeggen. Dat dan weer wel. ;)

Maandag 16 maart 2009
Als ik kijk naar de tweede van de Tien Grote Voorschriften [...], dan luidt deze als volgt:

Ik beloof het eigendom van anderen te respecteren.

Ik vind het het makkelijkst om deze zin letterlijk op te vatten. Ik beloof geen materiele spulletjes van een ander toe te eigenen. Gij zult niet stelen.

Ik zou dat woordje "eigendom" echter ook figuurlijk kunnen zien. Of het niet enkel voorbehouden laten zijn aan materieel eigendom. Ik zou het breder kunnen nemen. Gedachten, emoties en handelingen van een ander zijn zo ook (in figuurlijke zin) als eigendom van een ander te zien. Nu kun je de discussie aangaan of iets uberhaupt in eigendom kan zijn, maar dat bedoel ik in dit postje even niet.

Wat ik bedoel:

Respecteer ik boosheid van een ander?
Respecteer ik onvermogen van een ander?
Respecteer ik van een ander iets dat hij of zij doet of zegt en dat ik noooooit zo zou doen of zeggen?

Een aantal jaar geleden kwamen er foto's in het nieuws van een Amerikaanse vrouwelijke militair die in een gevangenis in Irak een naakte gevangene aan een lijntje vasthield. Dat was voor heel veel mensen heel erg schokkend. Toen ik haar op de foto zag, dacht ik:

"Ik zou ook zo kunnen zijn."

Dat was nog veel schokkender.

Na veel zazen (in mijn geval dan, ik spreek voor mezelf) sloop er een groot Niet-Weten in mijn beoefening. Niet Weten wie ik ben en Niet Weten wie of hoe ik morgen zal zijn. Kan ik met zekerheid zeggen dat ik nooit of te nimmer iemand zal ombrengen, of aan een lijntje vast zal houden met als doel te martelen? Kon zij dat, toen ze nog een klein meisje was? Tuurlijk, ik heb normen en waarden meegekregen (zij vast ook). Ik heb geleerd dat het niet mag en ik hoop echt met hart en ziel dat ik nooit zoiets zal doen. Maar zegt dat dat ik ook daadwerkelijk nooit zoiets ergs zal doen? Wat weet ik Echt van mezelf?

Vanuit dat grote Niet-Weten wordt de Bodhisattva geboren, de -laat ik het simpel zeggen- mededogende, compassievolle mens in mij. Vanuit dat Niet Weten ben ik immers altijd gelijkwaardig aan de ander. Want ik weet net zo weinig over mijzelf en mijn handelen dan over de ander en zijn handelen. Niets.

En dat zit ook in kleine dingetjes, niet enkel in zulke grote, schokkende martel-gebeurtenissen. Maar ook als een vriend boos is, of als ik een ander zijn handelingen niet begrijp. Vanuit dat Niet Weten ontstaat dan ook die gelijkwaardigheid. Ik beloof jouw eigendom te respecteren, want niets zegt dat het mijn eigendom niet zal zijn - nu, of in de toekomst. Niets zegt dat ik anders (beter, slechter, hoger, lager, etc.) ben of anders zal zijn dan jij.

En volgens mij zijn al die Grote Voorschriften er (onder andere) om mij op deze kern te wijzen, zonodig telkens weer opnieuw.

Maandag 20 oktober 2008

"Niet-weten is de hoogste vorm van intimiteit."

Het waren weer een aantal heerlijke dagen in Zin. Ze gingen gepaard met veel beroering en veel ontroering, met daaronder een diepe rust. Nico Sensei lijkt ook altijd nét even wat beter in vorm te zijn, wat natuurlijk ook komt door het feit dat hij meer tijd heeft en dus dieper op dingen in kan gaan. Soms wilde ik er wel voor altijd blijven wonen. Maar zondag wilde ik ook weer lekker naar huis.

Een sesshin vergeet ik snel. Al in de auto op de snelweg op weg naar huis vervagen de dagen die ik in Zin doorbracht, de uren en uren die in stilte vergleden terwijl ik op mijn kussen zat. Sommige dingen blijven langer hangen. Zoals bovenstaande zin. Voor mij DE zin van de sesshin. Zo mooi... Opvallend genoeg staat deze zin ook in het boek dat ik momenteel lees, het sluit dan ook aan bij het postje hier twee stukjes onder. In het niet-weten ontmoet je jezelf en de ander volledig naakt..


Donderdag 2 oktober 2008
Ik had het er gisteravond tijdens mijn persoonlijk onderhoud (daisan) ook over met mijn leraar. Het leven is een groot mysterie. Het is onkenbaar, onbevattelijk en het gaat mijn begrip te boven. Als ik om me heen kijk, kan ik me afvragen: "Wat is dit allemaal?" Als ik naar mijn handen kijk, naar een stoel, naar de gevels, naar de hond. Wat is dat nou? En wat is het dan dat dat allemaal ziet? En wat is dat zien dan? Ik begrijp niets van dit leven. Ik verkeer in grote onwetendheid. Met deze onwetendheid, die alles omvat, betreed je mijnes inziens een religieus gebied. Dit is geen wetenschap meer, geen economische bezigheid, of ethiek, of iets dergelijks. Dit is religie.

Ik lees veel boeken. Boeddhistisch, niet-boeddhistisch (als je ze in moet delen), fictie, non-fictie. Zo lees ik ook veel boeken met religieuze inslag. Althans, dat beweren ze dan. Maar ik krijg er steeds meer moeite mee dat er zoveel boeken zijn die beweren een antwoord op de bovenstaande vraag te hebben. Die een hapklaar antwoord geven op de vraag wat dit allemaal is, en waartoe dit allemaal dient. De Grote Vraag van Leven en Dood, zoals ze in het Boeddhisme ook wel zeggen. Een Cursus in Wonderen is wat mij betreft zo'n boek. Hoewel het nog wel interessant is vanwege het feit dat ze God en Mens niet als twee afgescheiden dingen zien, blijft de insteek van het boek: "lees dit en je zult het antwoord kennen" (en alles zal goed komen). En dat begrijp ik niet. Hoe kun je, in religieuze context, temidden van die grote onwetendheid, het antwoord kennen?

Er wordt in heel veel boeken (ook sommige boeddhistische) een poging gedaan om die onmetelijke, ondoorgrondelijkheid van het bestaan (en lijden) te overbruggen. Vergeefse moeite, er is niets waar je de brug aan vast kunt maken. Er is niets wat opgevuld kan worden.

Zen (of religie/spiritualiteit) is niet het antwoord kennen. Zen is de vraag (durven) leven. (En daarmee citeer ik vast iemand, maar ik weet niet meer wie..)

Woensdag 24 september 2008
"Religie* biedt geen oplossingen." - Nico Sensei, vanavond

* daar mag je zen ook onder rekenen.

Dinsdag 20 juni 2008
Kom, ik nodig je uit om even een momentje met me mee te gaan en te luisteren. We treden gewoon even uit ons stoffelijke lichaam en ik geef onze energieballetjes vleugels. We vliegen omhoog, een tiental meters en daar blijven we hangen. Jij recht boven jouw leven, ik boven de mijne. En dan kijken we naar beneden, naar onszelf, naar ons lijf dat daar beneden nu is, achter die computer. Zie je jezelf zitten? Mooi.

We blijven hangen en gaan terug in de tijd. We gaan ons eigen leven bekijken, in een soort sneltreinvaart. We zien onszelf geboren worden, uit onze moeders. We zien onszelf huilen en vastgehouden worden. We zien onszelf bedekt worden met liefde, onszelf groeien. De eerste stapjes worden door ons gezet. We zien onszelf kraaien van plezier. We zien onszelf huilen als we vallen. Mama plakt een pleister op de wonde.
We zien onszelf groter worden. We zien onszelf de wereld ontdekken. We zien onszelf spelen, met onze poppen, onze auto’s of buiten op straat. We zien onszelf ontdekken dat we van alles bedenken kunnen, hele fantasiewerelden komen voorbij in onze geest.
We worden ouder. We zien onszelf vechten met de puberteit. We zien onszelf ruzie maken, met vader, moeder, of andere mensen. We zien onszelf schreeuwen, we zien onszelf lijden.

We zien onszelf ouder worden en de liefde bedrijven. We zien ons naief zijn en verkeerde keuzes maken. We zien onszelf opofferen voor andere mensen. We zien ons manipuleren en andere mensen gebruiken. We zien onszelf gebruikt worden.
We zien onszelf lachen en gelukkig zijn. Plezier hebben en gepijnigd worden. We zien onszelf verloren voelen en eenzaam zijn.

We zien onszelf woedend zijn, boos zijn, mensen in de steek laten. Mensen pijn doen van wie we houden. We zien onszelf andere mensen tot steun zijn, liefde geven, kadootjes geven. We zien onszelf niet weten wat we moeten doen, we zien onszelf elke dag naar het werk gaan en de verplichtingen nakomen die we onszelf hebben opgelegd. We zien onszelf het moeilijk hebben en we zien onszelf houden van onze partner, onze kinderen.

We zien onszelf soms denken dat de Verlichting ooit zal komen, dat het Licht ons ooit zal bereiken en dat we voor eeuwig gelukkig zullen zijn. We zien onszelf denken: "Later..." We zien onszelf soms denken dat dat niet kan; dat de Verlichting juist dit is: de manifestatie van het leven in al zijn verschijningsvormen.

We zien onszelf, met zoveel stemmingen, zoveel emoties, zoveel stemmen. We zien onszelf als enige constante juist dat hebben: dat het allemaal continu maar verandert. Dat we altijd op een bepaald moment een bepaalde stemming of emotie hebben, telkens maar opnieuw. We zien onszelf gewoon zo doorgaan, tot het moment dat we sterven.

Dat maakt dat het eigenlijk niets bijzonders is. Kijk maar, je ziet jezelf gewoon een leven leiden, net zoals iedereen. Is er tot nu toe ooit een moment geweest dat daarin echt bijzonder was? Is er ooit een moment geweest dat werkelijk verschilde van een ander moment? Of verschilde van het leven van een ander mens?

Tegelijkertijd is het heel bijzonder. Kijk maar: daar zit je, achter die computer. Is het niet een groot wonder? Het leven kan niet begrepen worden. Maar je mag er zijn! Met welke emotie of expressie je op welk moment dan ook hebt. En we weten niet Waarom. Elk moment zijn we hier, levend en wel, uitdrukking gevend aan het moment, door verdrietig, boos, blij of wat dan ook te zijn. Het maakt niet uit hoe je je voelt, hoe bewust of onbewust je bent, of wat je precies doet of laat:

Je bent altijd de Dharma.

(Wat zoiets betekent als: Je bent altijd uitdrukking van de Waarheid, de Weg, de Werkelijkheid, het Leven.)

Zondag 8 juni 2008
Ik leef in jouw leegte.

Vrijdag 16 mei 2008
Aankomende zondag is er een documentaire op tv over Maezumi Roshi, de leraar van Genpo Roshi, die weer de leraar is van Nico Sensei, mijn leraar. Ik ben heel benieuwd naar Maezumi, mede omdat ik hem nooit in het echt heb kunnen ontmoeten; hij is in 1995 overleden.

Behalve een portret van een groot leraar, zal er ongetwijfeld ook aandacht geschonken worden aan het feit dat Maezumi Roshi een notoir alcoholist was. Misschien minder bekend, maar hij hield er tevens een poosje wat seksuele affaires op na met studentes. Iets waarin hij, zo leert Google, lang niet de enige was.

Wanneer je je intensief toelegt op een bepaalde religieuze praktijk aan de hand van een leraar, komt er een punt in je beoefening dat je afstand moet nemen van je eigen, idealistische beeld van je leraar, of misschien zelfs wel van je beeld van je religie in het algemeen. En met name het Boeddhisme heeft nogal de status sereen, vredevol en "zonder zonde" te zijn. Maar, zoals in elke praktijk, heb je echter te maken met mensen. En mensen zijn niet heilig; het zijn mensen.

Dit afstand doen houdt naar mijn idee een nauwsluitend verband met (is zo niet hetzelfde als) de onderkenning dat ik zelf geen volledig heilig leven kan leiden. Sterker nog, mijn egoisme sijpelt door kieren waar ik niet eens weet van heb. Dat is niet leuk, maar ontkennen heeft evenmin zin. Zeker niet als ik door het vele zazen telkens opnieuw ermee geconfronteerd word. Vanuit dat besef zet mijn beoefening zich echter onverminderd en onvermoeid door. Want ik denk dat het erkennen wat is de beoefening juist zo waardevol maakt.

Zondag 6 mei 2007
Ik vond het zwaar, deze sesshin. Zwaarder dan die van vorig jaar. Maar in tegenstelling tot vorig jaar heb ik deze keer wel alle zazen-periodes volbracht. Soms met grote moeite;

Mijn God, wat doe ik hier. Waarom doe ik dit? Wat is dit voor gekte, voor waanzin. Waar is dit goed voor? Dit gaat echt niet meer om "er rustig van te worden", of "gelukkig", of "ontspannen". Wat nou ontspannen. Het doet gewoon pijn. Mijn rechterbeen is voortdurend afgekneld. Ik ben moe. Ik wil naar huis. Ik wil naar een warm bed. Ik wil in een warm bad. Ik wil sex. Waarom blijf ik zitten? Hoe moet ik uberhaupt zitten? Ik word er helemaal niet blij van. Dit gaat niet meer om mij.

Dit gaat niet meer om mij.

Dit gaat gewoon niet meer om mij.

Waar gaat het dan wel om? Wat is dit?

Wat is dit?

Wat is dit wat mij drijft door te gaan? Wat laat mij telkens toch weer zitten, in de wetenschap dat het niet meer om mij gaat? In de wetenschap dat ik het gewoon echt niet meer weet waar het over gaat? Waar gaat dit over? Het is groter dan ik, veel groter. Maar het is een onbevattelijk gebied: Ik weet het niet.

"Goed,", zegt Nico Sensei tijdens daisan, "heel goed. Hier, in dat echt niet meer weten, begint de ware oefening van Zen."

Donderdag 16 november 2006
Nu ik 30 ben..

Ik geloof in het leven. Ik geloof in altijd aanwezige liefde, ik geloof in de dag.

Ik geloof in de meeuwen die zich 's ochtends op het dak warmen in de opkomende zon. Ik geloof in de geur van de herfst. Ik geloof dat alles tijdelijk is en dat alles in fases gaat, ook mijn eigen zijn.

Ik geloof in brownies van de Bijenkorf, in een goede cappuccino ergens op een terras. Ik geloof in de zon en in mijn blote voeten in het gras. Ik geloof in mooie boeken en in geroerd worden. Ik geloof in synchroniciteit en dat het leven me elk moment opnieuw met engelengeduld duizenden handreikingen doet. Ik geloof in inspiratie.

Ik geloof erin dat de wereld en alle mensen van nature goed zijn. Ik geloof in mijn naiviteit. Ik geloof in De Man en in zijn grootse vermogen mij volledig te accepteren zoals ik ben. Ik geloof in eerlijk zijn, ook als dat eng is. Ik geloof in mijn vriendinnen Deborah, Chantall, Anne-Mieke. Alledrie zo verschillend. Ik geloof in hun kracht en in het feit dat we het ook goed oneens kunnen zijn. Ik geloof in mijn goede vriend Thijs, mijn "broer" en partner in crime. Soms uit het oog, nooit uit het hart.
Ik geloof in mijn Zenleraar Nico Tydeman en in zijn wonderlijke puurheid. Hij laat mij zien dat God in mij zit. Ik geloof in Dick Verstegen en Maria Adriaens, die het pad voor mij in duizenden schitteringen hebben laten oplichten. Ik geloof in mijn moeder, ik geloof in mijn vader. Ik geloof in alles wat zij me gegeven hebben, inclusief de moeilijke dingen.

Ik geloof in samen ontbijten op zondagmorgen. Ik geloof in de oude bomen langs de singel, stille getuigen van alles wat ooit heeft plaatsgevonden. Ik geloof in kunst en in de boeken die ik maak. Ik geloof in mooie tatoeages, ik geloof in iets nieuws ontdekken in iets wat ik al duizenden keren heb gezien. Ik geloof in mijn hond, die mij laat zien dat, ook als je wat ouder wordt, je de wereld speels moet blijven bekijken.

Ik geloof in mezelf.

Ik geloof erin dat alles wat hierboven staat ook mogelijk niet waar is.
Ik geloof erin dat ik uiteindelijk niets weet.

Ik geloof erin dat dat niet erg is.

Vandaag wens ik al mijn lezers een hele fijne en magische dag toe!

Donderdag 21 september 2006
Gisteren had ik voor het eerst sinds lange tijd weer eens daisan (persoonlijk onderhoud) met mijn zenleraar. Het was fijn om weer tegenover hem te zitten. Ik vertelde hoe mijn zenbeoefening op het moment verdieping aanbrengt in twee dingen. Aan de ene kant het bewuster ervaren van de eenheid, het Grote Wonder dat het leven is, zo onbevattelijk, zo groots.. Ik noem het soms ook wel het aangezicht van God aanschouwen, juist omdat ik geen christelijke achtergrond heb en het voor mij een mooie, frisse uitdrukking is zonder dogma. (In de musical van The Color Purple zingen ze op een gegeven moment "Look what God has done". Dat vind ik ook zo mooi. Dat is wat ik bedoel, de bewustwording van dat Grootse Wonder dat om ons heen is, in ons is, dat leeft. Waarmee ik dus wat anders bedoel dan een oude man met een lange baard die ergens boven ons zweeft.)

En aan de andere kant het bewuster worden van het lijden. De vele mensen, kinderen, dieren die op dit moment pijn hebben, sterven, oorlog, mislukking van oogsten, armoede, verkrachting, aids, onzekerheid, vergankelijkheid, zo groots, zo wijds, zo onbevattelijk, elke seconde weer. Ik vertelde hem over mijn aandeel daarin, mijn verantwoordelijkheid, die al net zo groots en onbevattelijk is. Waar leidt het toe dat ik deze kleren vandaag aan heb getrokken? Waar leidt het toe dat ik dit schrijf? Sommige oorzaak-gevolg-relaties zijn nog enigszins te volgen, maar de meeste niet. Misschien zijn ze er niet, maar vaak zijn ze er wel, zonder dat ik het met mijn beperkte hoofd en mogelijkheden kan volgen.

Afijn, die twee dingen waar ik hier wel vaker over schrijf. Die twee dingen, hoe kan dat samengaan? Hoe moet dat samengaan? Moet ik het zomaar accepteren? Ik kan niks doen. Ook al zie ik het grootse Wonder van het leven, dan nog is achteraf altijd dat Lijden er weer. Ik ben Boeddha en tegelijkertijd niets anders dan een druppel op een enorme, gloeiende plaat...

Woensdag 22 juni 2005
En zo maakte ik tóch een nieuw boek af (foto's volgen morgen) en nam deze mee naar de laatste Zenbijeenkomst van het seizoen. Terwijl iedereen herinneringen ophaalde aan overleden dierbaren of inspirerende voordrachten hield uit proza of poëzie, liet ik gewoon mijn boek zien. Geen diepzinnig verhaal erbij. Gewoon, dit doe ik graag. Scheppen, inspireren. Lege boeken maken.

Later bedacht ik in al mijn onzekerheid -want had ik ook niet beter een diepzinnig iets mee kunnen nemen met een spiritueel verhaal, zoals bijvoorbeeld de ingelijste tekening "Mu" van Maria Adreans- een prachtig bijpassend verhaal over een oogziekte die nooit over zou gaan en niet te stoppen met leven als je bang bent om dood te gaan en zo dus te blijven creëren "zo lang als dat nog kon" met deze ogen, maar toen was de bijeenkomst al lang en breed over. Het voelde ook helemaal niet goed, dat verhaal. Dat ben ik niet. Dat is loze opvulling, gewauwel. Dus blijft het maar zoals het was.

Ik maak graag boeken. Lege boeken.

Donderdag 24 februari 2005
Het is net zoals bij je leeftijd.
Ik wéét dat ik 28 ben.
Maar er is niets in mijn lijf wat zegt dat ik 28 ben.
Wat mij dat wezenlijk laat voelen of waarnemen.
Mijn dijbeen zegt dat niet, mijn hart niet.
Als je nu je lichaam goed voelt en waarneemt,
even stil naar jezelf luistert,
vertelt niets jou je leeftijd.

In vergelijking tot jou zie ik slecht.
In vergelijking tot jou hoor ik slecht.
In vergelijking tot iets anders kun je zeggen
of iets beter of slechter is.
Maar als ik enkel bij mezelf blijf niet.

Er is niets in mijn lijf wat zegt dat ik slecht zie.
Er is niets in mijn lijf wat zegt dat ik slecht hoor.
Er is niets in mijn lijf wat zegt dat ik het syndroom van Usher heb.
Mijn ogen niet, mijn oren niet.

Ik zie gewoon wat ik zie.
Ik hoor gewoon wat ik hoor.

Donderdag 24 februari 2005
Het Zenboeddhisme is nergens op gebaseerd.
Het heeft geen grond.
Het is gewoon maar een constructie.
Zoals zoveel dingen geconstrueerd zijn.

- Zenleraar Nico T.

Maandag 3 november 2003
Heb ik er toch ruim 26 jaar over gedaan om op deze stoel te belanden!