(klik op ▼, ► om in / uit te klappen)

Citaten daoïsme

Opdracht

Vlak voor haar dood zei mijn eenentachtigjarige moeder tegen me: Wil je geloven dat ik geen idee heb hoe ik hier gekomen ben?
En mijn even oude vader: Ik ben helemaal kapotgeschoten. Begrijp je wat ik bedoel? Ik sta de hele dag versteld.
Ik zei: Ik begrijp precies wat je bedoelt.

Deze website draag ik op aan iedereen die het net als ik, om wat voor reden dan ook, niet meer weet - in het bijzonder aan mijn moeder die op 25 juli 2011 en mijn vader die op 21 april 2012 ook het niet weten voorgoed achter zich lieten.

Disclaimer

Citaten op deze website zijn over het algemeen niet representatief voor de auteur of het werk in kwestie.

Ik ben het nergens mee eens of oneens, ook hiermee niet. Ik erken of ontken niets, ook dit niet. Dat geldt niet alleen voor de citaten maar ook en vooral voor alles wat gezegd moest blijven in mijn dwaalteksten.

Het lege geheim



Verlichting voor dummy's  > Interviews > Het lege geheim

Deze pagina: Gesprek met de auteur over niet weten als een leeg geheim.
Auteur: Hans van Dam.
Deze website: NIET-WETEN.NL.


Het Lege Geheim


Interviewer: Tony Parsons spreekt van het Open Geheim, Adyashanti van het Vreselijke Geheim en u van het Lege Geheim. Wat is het verschil?

Hans van Dam: Een van de gevleugelde uitdrukkingen van Tony Parsons is "niemand hier". Daarmee bedoelt hij dat het individu als afgescheiden persoon tegenover de wereld een illusie is, en dat vrije wil niet bestaat. Volgens hem is er alleen maar zijn. Hij noemt het een geheim omdat niemand het wil toegeven en hij noemt het geheim open omdat het op straat ligt voor iedereen die ogen in zijn hoofd heeft.

Adyashanti noemt ditzelfde geheim - dat er niemand in je binnenste woont - verschrikkelijk omdat de meesten van ons de gedachte van de onbemande mens onverdraaglijk vinden.

Bent u het daarmee eens?

Ik weet niet wie ik ben. Ik weet niet wat ik ben. Ik weet niet of ik ben. "Iemand hier" valt niet te verdedigen - hoe graag ik het ook zou willen. Maar "niemand hier" valt ook niet te verdedigen - hoe graag ik het ook zou willen. Vrije wil valt niet te verdedigen maar onvrije wil, of overmacht, of hoe je het ook noemen wilt, ook niet. Zelfs dat het niet te verdedigen valt, valt niet te verdedigen. Daarom beweer ik liever niks.

Wat is dan uw geheim?

Mijn geheim is dat je eigenlijk niets weet. Zelfs niet of je eigenlijk niets weet.

Ik weet toch zeker hoe ik heet? Ik weet toch zeker hoe ik mijn broek aan moet trekken?

Daarom zeg ik ook "eigenlijk". Je schijnt van alles te weten. Ik ook. Dat gaat nooit over. Maar als je het onderzoekt, zul je ontdekken dat al je kennis in de lucht hangt. Je hebt geen grond onder je voeten. Geen poot om op te staan. Al je beweringen berusten op onbewezen aannames. Al je concepten zijn gebakken lucht.

Ga maar na. Ik daag je uit. Zoek maar eens uit wat het wezenlijke verschil is tussen een kruk en een stoel. Tussen een stoel en een tafel. Tussen een tafel en een vloer. Tussen subject en object. Tussen jou en die boom daar. Tussen jou en mij. Probeer maar eens. Je komt er niet uit. Niet in een uur, niet in een jaar, niet in honderdduizend levens. Gegarandeerd. Beweer iets, om het even wat, en onderzoek je aannames en de aannames daaronder. Er komt geen eind aan. Voilà.

Wat is daar geheim aan?

Niets. En toch lijkt niemand het te beseffen. Of mensen willen het niet toegeven, dat weet ik niet. Of het interesseert ze niet. Of het bevalt ze niet. Of ze staren liever naar hun navel dan naar de horizon.

De hele maatschappij is ingericht op het vergaren en overdragen van kennis. De wetenschap heeft de oorlog verklaard aan onwetendheid en vormt een wereldwijd front waarbij de Chinese Muur in het niet valt. Overal zijn bibliotheken, databases, informatiecentra, opleidingsinstituten. Meteen vanaf je geboorte wordt je thuis en op school vol kennis gepompt. Daarna ga je linea recta een doorlopend omscholings-, bijscholings- en nascholingstraject in, dat gelijke tred houdt met je carriëre. Om geopinieerd te blijven lees je kranten, tijdschriften, teletekst, feeds en blogs. Er is geen tijd te verliezen. Je bent nooit te oud om te leren. Na je pensioen wacht de volksuniversiteit of het Hoger Onderwijs voor Ouderen. Kübler-Ross noemt de dood de laatste leerervaring.

Kennis is een krankzinnige obsessie. Dat was het voor mij ook. Ik heb er zowat een halve eeuw vol overgave aan meegedaan. Weten, weten, weten! Maar dat weten is een gammel vlot, drijvend in een oceaan van onwetendheid, om maar eens een cliché te gebruiken. Nog een: niemand durft het te zeggen maar de keizer draagt geen kleren.

Waarom is iedereen geobsedeerd door weten?

Weet ik veel. Is iedereen geobsedeerd door weten?

Dat zegt u net zelf!

En daarom is het waar? Mij best. Dan verzin ik er nog een reden bij ook: niet weten is te groot. Het is overweldigend. Het is verpletterend. Het is oogverblindend. Daarom kijk je alleen maar naar het vlot, of naar je knieën of je handen, of naar de andere schipbreukelingen, of je speurt de horizon af naar een schip of een eiland, want de zee is zo wijd en zo diep en zo duister en zo leeg. En als je 's nachts naar de hemel kijkt, zoeken je ogen vanzelf de maan op, of de sterren. Want in de grenzeloze tussenruimte ga je compleet verloren.

Is het u nou ernst of scherts? Want vreemd genoeg raakt het diep van binnen wel een snaar. Ik krijg het er gewoon koud van.

Wat maakt het uit? Ernst is scherts, scherts is ernst. Wat mij betreft is het idee van de rationele mens die dingen doet of laat om eenduidige en begrijpelijke redenen een wensdroom. Of een nachtmerrie. Daar komen alleen maar verhalen van. Zoals dit verhaal. Maar als je het niet erg vindt maak ik het toch even af.

Angst voor de nacht, voor het nachtelijk duister, wordt door psychiaters scotofobie genoemd. Angst voor de grondeloosheid van het bestaan is ook een soort scotofobie. Die angst is net zo ongegrond als wat dan ook. Net zo ongegrond als de grondeloosheid zelf. Daarom ben je banger als je wat weet dan wanneer je niet weet. Wat niet wil zeggen dat ik onbevreesd ben. Want ik heb het weten niet overwonnen. Ik heb er alleen maar iets tegenover gesteld. Iets heeft zich ertegenover gesteld.

Niet weten.

Niet weten zet de bijl in mijn weten. Weten zet de bijl in mijn niet weten. Ze hakken elkaar voortdurend om. De spaanders vliegen in het rond. Het is een dolle boel in mijn bovenkamer!

U bent er maar druk mee.

Ik sta erbij en kijk ernaar.

U bent alleen maar de getuige.

Ook van de gedachte dat ik alleen maar de getuige zou zijn.

Dat doet me denken aan het zuivere gewaarzijn van K. Krishnamurti.

Allemaal theorie.

Wat zou u dan zeggen?

Tja.

Bedoelt u dat u het niet weet of is dat wat u zou zeggen?

Dat is wat ik zou zeggen.

Waarom?

Wat moet ik anders zeggen.

Is dat de reden dat u het geheim van niet weten leeg noemt?

Het geheim van Adyashanti en Tony Parsons luidt: Niemand hier. Of: Alleen maar zijn. Dat zijn in feite beweringen. Iets beweren is een koud kunstje. Ik doe de hele dag niet anders. Net als jij. Net als alle mensen. Bla bla bla. Wij worden blatend geboren en we gaan blatend ten onder. Homo schapiens.

Maar een bewering onderbouwen is andere koek. Ik weet dat ik de claim "niemand hier" niet kan onderbouwen. En reken maar dat ik het geprobeerd heb. Jaren geleden bedoel ik. Toen ik nog dacht dat het mogelijk was om iets te onderbouwen.

Nu weet u dat dat onmogelijk is.

Ik niet. Ook daarover doe ik geen uitspraken meer. Ik heb mijn lesje afgeleerd.

Terug naar het lege geheim...

Ik spreek van een leeg geheim omdat ik niets te zeggen heb. Dit ook niet. Ik heb niets te zeggen omdat ik eigenlijk niets weet. Dit ook niet. Ook al zou je het niet zeggen als je me zo hoort debilereren.

Delibereren.

Debilereren.

Maar als u nou weet dat u eigenlijk niets weet, dan weet u toch zeker iets?

Daar gaan we weer.

Nou?

Je luistert niet. Ik zeg niet voor niks de hele tijd "dit ook niet". Het hele verhaal van niet weten hangt zelf in de lucht. Het is onbewijsbaar. Bovendien is het met zichzelf in tegenspraak.

Voor pyrrhonisten was dit een reden om het scepticisme terzijde te schuiven. Reductio ad absurdum: wat tot een tegenspraak leidt moet wel onjuist zijn. Binnen de spelregels van de logica klopt dat ook wel, maar wat heb ik met de spelregels van de logica te maken? Ik onderschrijf ze immers niet.

Ik beschouw het feit dat ik zelfs niet weet dat ik niet weet, niet als het einde van mijn niet weten maar als het toppunt ervan. Het geeft alleen maar aan hoe alomvattend mijn niet weten wel is. Dat zou althans het geval zijn als ik maar in mijn eigen beschouwingen geloofde.

Maar dat doet u niet.

Dat weet ik niet.

Eigenlijk staat u gewoon met uw mond vol tanden.

Maar dat is dan ook het enige volle aan mij. Mijn leer is leeg, mijn boodschap is leeg en ja, mijn geheim is ook leeg.

Maar hou me er niet aan.