Verlichting voor dummy's >
De bekende weg > Gebaande wegen
Deze pagina: Dwaalteksten over bestaande wegen naar verlichting, eerste serie.
Auteur: Hans van Dam.
Deze website: NIET-WETEN.NL.
De intergalactische waarheidsconferentie
De meester droomt dat hij een
intergalactische waarheidsconferentie voorzit.
De zaal is zo groot als de kosmos zelf.
Alle zitplaatsen zijn bezet.
Alle
staanplaatsen zijn bezet.
Alle hangplaatsen zijn bezet.
De
meester zegt: Vandaag draait het maar om één vraag. Wie van
ons heeft de waarheid in pacht?
De meester vraagt het de
katholiek, de papist, de ultramontaan, de integralist, de gnosticus, de
basilidiër, de bogomiel, de borboriet, de cainiet, de carpocratiër, de
mandaeër, de chiliast, de marcionist, de ophiet, de arianist, de
pelagiaan, de manicheeër, de doceet, de maroniet, de amish, de albigens,
de waldenzer, de lollarde, de flagellant, de hussiet, de calixtijn, de
gereformeerde, de protestant, de lutheraan, de calvinist, de zwingliaan,
de anglicaan, de presbyteriaan, de episcopalist, de dissenter, de
Boheemse Broeder, de Moravische Broeder, de puritein, de quaker, de
doopsgezinde, de wederdoper, de methodist, de remonstrant, de
contraremonstrant, de sociniaan, de jansenist, de apostolist, de
adventist, de millerist, de Jehova-getuige, de restaurationist, de
mormoon, de piëtist, de quiëtist, de evangelist, de unitariër, de
zevendedagsadventist, en vele anderen.
Allen roepen: Ik!
De
meester vraagt het de benedictijn, de bernardijn, de augustijn, de
cisterciënzer, de kartuizer, de trappist, de karmeliet, de
premonstratenzer, de kruisheer, de celestijn, de johannieter, de
tempelier, de serviet, de camaldulenzer, de miniem, de trinitaris, de
franciscaan, de minoriet, de barrevoeter, de recollect, de kapucijn, de
conventueel, de tertiaris, de dominicaan, de jezuïet, de redemptorist,
de alexiaan, de camilliaan, de hiëronymiet, de marist, de salesiaan, de
montfortaan, de passionist, de scheutist, de picpus, de begijn, de
ursuline, de visitandine en vele anderen.
Allen roepen: Ik!
De
meester vraagt het de orthodoxe jood, de modern-orthodoxe jood, de
charedische jood, de chassidische jood, de mitnagdiem-jood, de
reconstructionist, de reformist, de karaïtische jood, de talmoedist, de
Sadduceeër, de Farizeeër, de Esseen, de Hasmoniet, de nazireeër, de
ebioniet, de elkasiet, de maraan, de converso, de franksiet, de donmeh,
de zeloot, de sikariër, de sabbatist, de kabbalist, de rabbinist, de
talmidaïst en vele anderen.
Allen roepen: Ik!
De meester vraagt het de moslim, de ahmadiyyaist, de lahorist, de abadist, de
mozabiet, de koranist, de panislamist, de soefiet, de salafiet, de
sjiiet, de isma'iliet, de druze, de nizari, de jafari, de zaidiet, de
soenniet, de hanafiet, de berailviet, de deobandiet, de hanbaliet, de
salafist, de wahabist, de malikiet, de mu'taziliet, de shafiïet, de
maraboet, de fakir, de derwisj, de kalender, de volksislamiet, de
bektashiyyaist, de chishtiyyaist, de mevleviyyaist, de naqshbandiyyaist
en vele anderen.
Allen roepen: Ik!
De meester vraagt het de
agnost, de atheïst, de atheoloog, de deïst, de dystheïst, de eutheïst,
de kakotheïst, de monotheïst, de suitheïst, de henotheïst, de
polytheïst; de kathenotheïst, de maltheïst, de pantheïst, de
panentheïst, de cosmotheïst, de transcendentalist, de asceet, de dualist,
de zuivere non-dualist, de dualistische non-dualist, de gekwalificeerde
non-dualist, de non-dualistisch dualistisch non-dualist, de alchemist,
de antroposoof, de martinist, de vrijmetselaar, de rozenkruiser en vele
anderen.
Allen roepen: Ik!
De meester vraagt het de absurdist,
de activist, de aestheticus, de
amoralist, de analytische wijsgeer, de anarchist, de atomist, de averroïst,
de conceptualist, de consensualist, de constructivist, de cynicus, de
decadentist, de decisionist, de defaitist, de deontoloog, de
determinist, de indeterminist, de dialectisch materialist, de dualist,
de eclecticus, de emationist, de empirist, de encyclopedist, de
epicurist, de essentialist, de evolutionist, de existentialist, de
falsificationist, de fatalist, de fenomenoloog, de freudiaan, de
fysicalist, de hedonist, de historicist, de historist, de holist, de
idealist, de illuminist, de immaterialist, de inductionist, de
instrumentalist, de intuïtionist, de irrationalist, de jungiaan, de
logicist, de logisch positivist, de materialist, de mentalist, de
monist, de moralist, de naturalist, de natuurfilosoof, de neokantiaan,
de neoplatonist, de pluralist, de neorealist, de neothomist, de
nihilist, de nominalist, de objectivist, de obscurantist, de
occasionalist, de parallellist, de peripateticus, de personalist, de
perspectivist, de platonist, de pluralist, de positivist, de
postmodernist, de pragmatist, de presocraat, de probabilist, de
procesfilosoof, de pythagoreeër, de neopythagoreeër, de pyrrhonist, de
rationalist, de realist, de reductionist, de relativist, de scepticus,
de sciëntist, de sensualist, de situationist, de sofist, de solipsist,
de stoïcijn, de structuralist, de poststructuralist, de subjectivist, de
thomist, de traditionalist, de transcendentaal idealist, de
utilitarist, de vitalist, de voluntarist en vele anderen.
Allen roepen: Ik!
De meester vraagt het de volksboeddhist, de
hinayanaboeddhist, de mahayanaboeddhist, de theravadaboeddhist, de
mahanikayaboeddhist, de dhammakayaboeddhist, de dhammauttikaboeddhist,
de watrawilaboeddhist, de kandubodaboeddhist, de tapovanaboeddhist, de
galduwaboeddhist, de delduwaboeddhist, de vajrayanboeddhist, de
yogacaraboeddhist, de madhyamakaboeddhist, de prasamgikaboeddhist, de
svatantrikaboeddhist, de vaibhasikaboeddhist, de shingonboeddhist, de
zuiver-landboeddhist, de mantrayanaboeddhist, de tien-taiboeddhist, de
san-lunboeddhist, de fa-hsiangboeddhist, de lu-tsungboeddhist, de
hua-yenboeddhist, de wonboeddhist, de zenboeddhist, de soto-boeddhist,
de rinzai-boeddhist, de tibetaanse boeddhist, de roodhoed, de geelhoed,
de narmapaboeddhist, de kagyupaboeddhist, de amidist, de
kadampaboeddhist, de neokadampboeddhist, de sakyapaboeddhist, de
jonangpaboeddhist, de riméboeddhist, en vele anderen.
Allen roepen: Ik!
De meester vraagt het de hindoe, de mayavadist, de
shunyavadist, de brahmaan, de vedist, de lamaïst, de jaïnist, de
parsist; de shaivist, de shaiva siddhantist, de kasjmir shaivist, de
pashupati shaivist, de gorakshanatha shaivist, de shaiva advaitist, de
vira shaivist, de shaktist, de smartist, de vaishnavist, de
sampradayist, de ramanandavolgeling, de tengalaist, de vadagalaist, de
agama hindoeïst, de bhakti yogi, de astanga yogi, de hatha yogi, de
siddha yogi, de tantrist, de advaitist, de dvaitist, de keshadhari sikh,
de sanatan sikh, de hozoori sikh, de ramgharia sikh, de namdhari sikh,
de nirankari sikh, de nanaksar sikh, de sant nirankari sikh, de mona
sikhs en vele anderen.
Allen roepen: Ik!
De meester vraagt het
de taoïst, de shintoïst, de animist, de naturalist, de totemist, de
sjamaan, de druïde, de idolatrist, de siderist, de xylolatrist, de
dierenaanbidder, de slangenvereerder, de fetisjdienaar, de
vuuraanbidder, de zonaanbidder, de manist, de Baälsdienaar, de
voodoopriester, de wintipriester, de mithraïst, de pythagoreïst, de
peyotist, de tengrist, de confucianist, de humanist, de neohumanist, de
seculier humanist, de religieus humanist, de esotericus, de
oscillantist, de spiritist, de hellenist, de neopaganist, de burkhanist,
de umbandaïst, de aetherist, de raëlist, de scientologist, de urantist,
de brianist, de vitalist, de purtillologist, de yoist, de mohist, de
bahá'íist, de prometheïst, de demonist, de satanist, de setianist en
vele anderen.
Allen roepen: Ik!
Tenslotte vraagt de meester
het de vertegenwoordigers van de verenigende godsdiensten - de Arès
Pilgrimage beweging, de Bahai, de Cao Dai, de Cultus van het Sprekende
Kruis, de Falun Gong, de Huna, de Konkokyo, the Law of One, de Mahikari,
het Rastafarianisme, de Seicho-no-le, de Tenrikyo, de theosofie, het
Unitarian Universalism, de Universal Life Church en vele anderen.
Allen roepen: Ik.
De meester zegt: Als jullie van mening zijn dat meerdere
of alle religies op hetzelfde neerkomen, waarom verenigen jullie je dan
niet?
De universalist zegt: We zijn het er nog niet helemaal over
eens waar we het precies over eens zijn.
De meester zegt: Aha.
De
universalist zegt blozend: Maar dat is slechts een kwestie van tijd.
De theosoof zegt: Wij theosofen proberen eerst binnen de eigen
gelederen tot eenheid te komen.
De meester zegt: Hoelang proberen
jullie dat al?
De theosoof zegt: Sinds... anderhalve eeuw.
De meester zegt: Hoelang bestaan jullie al?
De theosoof mompelt: Sinds
anderhalve eeuw.
De meester trekt zijn wenkbrauwen op en zegt: Wie was jullie grondlegger ook alweer?
De theosoof stottert: Hè-hè-helena Bla-bla-blavatsky.
Meester: Ik zeg niks.
Iemand roept: Wat is volgens u de waarheid, meester?
De
meester haalt zijn schouders op.
Om misverstanden uit te sluiten voegt hij eraan toe: Tja.
Even valt er een
verbijsterde stilte.
Dan barst de hele kosmos in lachen uit.
Tot in de verste uithoeken van het universum wijzen de ingewijden brullend naar de meester terwijl de tranen hen over de
wangen rollen.
Er lijkt geen einde aan te komen.
De meester staat daar maar.
Van zijn gelaat valt niets af te lezen.
Als ze
eindelijk uitgelachen zijn vraagt iemand, nog nahikkend van de pret: Waarom noemt u
zich dan meester?
Opnieuw barst de hele kosmos in lachen uit.
De
meester heft zijn hand op.
Als het lawaai eindelijk verstomd is, zegt de meester: Daarom juist.
Kun je nagaan
Leerling: De waarheid is dat er geen verhaal is.
Meester: Dat is nog steeds een verhaal.
Leerling: U heeft gelijk. De waarheid is niet in woorden te vatten.
Meester: Dat is nog steeds een verhaal.
Leerling: U heeft gelijk. Ik zou mijn mond moeten houden.
Meester: Dat is nog steeds een verhaal.
De leerling houdt zijn mond.
Meester: Dat is nog steeds een verhaal.
Leerling: Dat het nog steeds een verhaal is ook!
Meester: Kun je nagaan.
De juiste vraag
Leerling: Hoe kom je aan de waarheid?
Meester: Dat is de vraag niet.
Leerling: Wat is de vraag wel?
Meester: Hoe je ervan afkomt.
Leerling: Hoe kom je van de waarheid af?
Meester: Zie er eerst maar eens aan te komen.
Leerling: Hoe kom je aan de waarheid?
Meester: Zie er eerst maar eens vanaf te komen.
Leerling: Het gaat er niet om hoe je aan de waarheid komt.
Meester: Waar gaat het dan wel om?
Leerling: Hoe je ervan afkomt!
Meester: Zie eerst maar eens van deze af te komen.
De waarheid als een koe
Leerling: Wat is de waarheid?
Meester: Een koe.
Leerling: In welke zin?
Meester: Wat je
haar ook vraagt, ten antwoord zal ze loeien.
Leerling: Bedoelt u dat de waarheid onuitsprekelijk is?
Meester: Boe!
Leerling: Bedoelt u dat de waarheid niet bestaat?
Meester: Boe!
Leerling: Bedoelt u dat de waarheid wel bestaat maar niet kenbaar is?
Meester: Boe!
Leerling: Bedoelt u dat de waarheid het kennen is en niet het gekende?
Meester: Boe!
Leerling: Bedoelt u dat het loeien zelf de waarheid is?
Meester: Boe!
Leerling: Bedoelt u dat het gewoon niet weet?
Meester: Boe!
Leerling: Bedoelt u dit alles tegelijk?
Meester: Boe!
Leerling: Bedoelt u niets van dit alles?
Meester: Boe!
Leerling: Maar wat bedoelt u dán!
Meester: Boe!
Leerling: Bè!
Meester: Zo kun je het ook zeggen.
Een ui
Leerling: Wat is de waarheid?
Meester: Een ui.
Leerling: Hoezo?
Meester: Je staat maar te pellen, de tranen springen je in de ogen en het levert alleen maar schillen op.
Leerling: U bedoelt, de waarheid bestaat niet?
Meester: Ik bedoel, wie verwacht er nou schillen.
Het gerucht
Een leerling schudt zijn stervende meester door elkaar.
Hij schreeuwt: Zeg me de waarheid!
Meester: Al sla je me dood.
Leerling:
Dus het gerucht is waar!
Meester: Wat is waar?
Leerling: Dat de waarheid niet bestaat!
Meester: Al sla je me dood.
Hier sterft de waarheid
Leerlingen drommen samen rond het sterfbed van de meester.
Een van
hen vraagt een ogenblik stilte.
De leerling spreekt met overslaande stem: Hier sterft de
waarheid!
De meester piept: Die moet nog geboren worden.
Een andere leerling declameert: De waarheid wordt
ieder moment opnieuw geboren!
De meester hoest: Dan mag jij haar vroedvrouw zijn.
Een derde leerling oreert: De waarheid is eeuwig en ongeboren!
De meester fluistert: Waar zijn je getuigen?
Ergens achterin roept een leerling: Waarheid bestaat niet!
De meester rochelt: Bestaat niet bestaat niet.
Een leerling zegt: Hoe zit het dan wel?
Het antwoord laat lang op zich wachten.
Tenslotte zegt de meester: Tja.
Of laat hij een boer?
Of is het een wind?
Het is hoe dan ook zijn laatste woord.
(Z)waarheid
Leerling: Wat is waarheid?
Meester: Zwaarheid.
Leerling: Wat is niet weten?
Meester: Gewichtloosheid.
Uitverkoren
Leerling: Velen zijn geroepen, weinigen uitverkoren.
Meester: Waardoor?
Leerling: De Waarheid.
Meester: Ben jij geroepen of uitverkoren?
Leerling, spijtig: Geroepen. En u?
Meester: Gevlucht.
Samen zwijgen
De leerling zegt niets.
De meester zegt niets.
De leerling zegt niets.
De meester zegt niets.
De leerling zegt niets.
De meester zegt niets.
De leerling pinkt een traantje weg en zegt: Waarheid is samen zwijgen!
De meester zegt droog: Dat had je nou niet moeten zeggen.
Over het nut van instructies
Een
leerling komt aangerend met
een bord aan een paal.
De meester zegt: Waar heb je dat vandaan?
De leerling zegt: Uit een veldje narcissen!
De
meester zegt: Houd ons niet langer in spanning.
Triomfantelijk steekt de leerling
het bord omhoog.
De meester leest: Pluk mij.
Vergeten
Leerling: Wat is het geheim van uw verlichting?
Meester: Alles vergeten.
Leerling: Dat zal ik onthouden!
De Weg van het Midden
Meester: Wat is de Weg van het Midden?
Leerling: De Gulden Middenweg.
Meester: Hoe bedoel je?
Leerling: Te veel is niet goed, te weinig is niet goed.
Meester: Boeddha?
De leerling knikt.
Meester: Aristoteles?
Leerling: Ook.
Meester: Wat is de Weg van het Midden nog meer?
Leerling: Niets vaststellen.
Meester: Hoe bedoel je?
Leerling: Alles in het midden laten.
Meester: Nagarjuna?
De leerling knikt.
Meester: Maar waarom zou je?
Leerling: Dat is de Weg.
Meester: Waarheen?
Leerling: Nirwana.
Meester: Mooie vaststelling.
Leerling: Wat is de Weg van het Midden voor u?
De meester haalt zijn schouders op.
Leerling: Hoe bedoelt u?
Meester: Precies zoals ik het zeg.
Leerling: Maar u zei helemaal niets!
Meester: Niet alle taal komt uit de strot.
Leerling: Wat?
Meester: Niet alles wat me de strot uitkomt is taal.
Leerling: Maar wat zei u dan precies?
Meester: Ik haalde mijn schouders op.
Leerling: Dus wat betekent de Weg van het Midden voor u?
Meester: Niets weten vast te stellen.
Leerling: Hoe bedoelt u?
Meester: Alles in het midden moeten laten.
Leerling: Maar waarom zou je?
Meester: Wie zegt dat je daar een keuze in hebt?
Leerling: Wilt u soms zeggen van niet?
Meester: Dat laat ik liever in het midden.
Steeds dezelfde
Leerling: Volgens de advaita vedanta moet ik onderzoeken wie ik ben.
Meester: Staat er ook bij hoe?
Leerling: Ik moet alles afwijzen wat veranderlijk is.
Meester: Waarom?
Leerling: Omdat ik me steeds dezelfde voel, kan ik onmogelijk iets veranderlijks zijn.
Meester: Waarom zou iets veranderlijks zich niet steeds hetzelfde of dezelfde kunnen voelen?
Leerling: Dat... weet ik eigenlijk niet.
Meester: Onderzoek dat dan eerst maar eens.
Het bewustzijn
Leerling: Volgens de advaita vedanta kan ik onmogelijk iets veranderlijks zijn.
Meester: Waarom niet?
Leerling: Omdat ik me steeds dezelfde voel.
Meester: Als je niets veranderlijks bent, wat ben je dan wel?
Leerling: Datgene waarin al het veranderlijke verschijnt en verdwijnt.
Meester: Pardon?
Leerling: Het bewustzijn natuurlijk.
Meester: Wat zijn de eigenschappen van het bewustzijn?
Leerling: Het bewustzijn heeft geen eigenschappen.
Meester: Hoe weet je dan dat het onveranderlijk is?
Leerling: Wat geen eigenschappen heeft kan ook niet veranderen.
Meester: Wat geen eigenschappen heeft kan ook niet hetzelfde blijven.
Fundamenteel
Leerling: Bewustzijn is fundamenteel.
Meester: Hoezo?
Leerling: Zonder bewustzijn zouden er nooit gedachten opkomen.
Meester: Gedachten zijn fundamenteel.
Leerling: Hoezo?
Meester: Zonder gedachten zou het idee van bewustzijn nooit opkomen.
Fundamenteler
Leerling: Gedachten zijn fundamenteler dan bewustzijn.
Meester: Wat is fundamenteler, de golf of het water?
Leerling: Het water, zou ik denken.
Meester: Nou dan.
Leerling: Dan snap ik het.
Meester: Dat had je gedacht.
Leerling: Hoe bedoelt u?
Meester: Wat is fundamenteler, het licht of de ether?
Leerling: Ether bestaat niet.
Meester: Nou dan.
Leerling: Nou snap ik er niks meer van.
Meester: Dat noem ik pas fundamenteel.
Je Jantjes doorzien
Leerling: Je bent er als je de 108 Jantjes in jezelf helemaal doorziet.
Meester: Zei Jantje nummer zoveel.
Wat Jantje niet leert
Leerling: Wat Jantje niet leert zal Jantje niet kennen.
Meester: Wat hij wel leert ook niet.
Exclusief
Leerling: Wat is mindfulness?
Meester: Je blindstaren op een bloem om de rest van het heden niet te hoeven zien.
Negeren
Leerling: Verlichting vind je door alle verhalen in je hoofd te negeren en je aandacht volledig te richten op de aandacht zelf.
Meester: Het bekende verhaal.
Hupsakee
Leerling: Je koffer met verhalen moet helemaal leeg!
Meester: O ja?
Leerling: Alle verhalen moeten weg!
Meester: Dan ook het verhaal van de koffer.
Leerling: Wat?
Meester: Alle verhalen moesten toch weg?
Leerling: Maar dan hou je niets over!
Meester: Ook het verhaal van het niets.
Leerling: En het verhaal dat alle verhalen weg moeten?
Meester: Hupsakee.
Leerling: Jeminee.
Meester: Als je het doet moet je het goed doen.
Leerling: Dat meent u niet!
Meester: Welnee.
Leerling: En hupsakee?
Meester: Weg ermee.

Geouwehoer
Leerling: Houd je aandacht bij de stilte en je zult vanzelf de eenheid vinden.
Meester: Wat is er buiten die eenheid?
Leerling: Niets.
Meester: Ook geouwehoer maakt deel uit van die eenheid?
Leerling: Alles.
Meester: Waarom dan je aandacht op de stilte gericht?
Weggooien
Leerling: Gedachten zijn e-mails die je ongeopend moet weggooien.
Meester: Behalve deze zeker.
Je postvak opheffen
Leerling: Gedachten zijn e-mails die je ongeopend moet weggooien.
Meester: Ik heb ze al uit voor ik de delete-knop heb gevonden.
Leerling: Ik eigenlijk ook.
Meester: Daar sta je dan.
Leerling: Wat moet je doen om geen kennis te hoeven nemen van je e-mails?
Meester: Je postvak opheffen, denk ik.
Leerling: Hoe dan?
De meester richt een denkbeeldig pistool op zijn hoofd en zegt: Pang!
Het gekende
Leerling: Ik ben het kennen, niet het gekende.
Meester: Wat is het verschil?
Leerling: Het kennen is de realiteit, het gekende een illusie.
Meester: Waartoe behoort deze gedachte?
Leerling: Eh... tot het gekende.
Meester: Nou dan.
(Dun)nobody
Leerling: Wat vindt u van Tony Parsons?
Meester: Een ontzettende nobody.
Leerling: Een nobody?
Meester: Iemand die meent niemand te zijn.
Leerling: O, zo.
Leerling: U bent toch ook een soort nobody?
Meester: Eerder een dunnobody.
Leerling: Wat is nou weer een dunnobody?
Meester: Een don't-know-body.
Leerling: Wat is dat?
Meester: Iemand die niet weet of hij iemand of niemand is.
Leerling: Zeker weten?
Meester: Zeker weten is voor nobody's.
Niemand hier
Leerling: Douglas Harding kan Douglas Harding niet vinden. Alexander Smit kan Alexander Smit niet vinden. Tony
Parsons kan Tony Parsons niet vinden. Wolter Keers kan Wolter Keers niet vinden. Jan van Delden kan Jan van Delden
niet vinden. Nisargadatta
Maharaj kan Nisargadatta Maharaj niet vinden. En u?
Meester: Ik ben zelfs het niet vinden kwijt.
Pretenties
Leerling: Nisargadatta heeft gezegd: pretendeer niet te zijn wat je niet bent en weiger niet te zijn wat je wél bent.
Meester: Pretendeer niet te weten wat je wel of niet bent.
Vrije wil
Leerling: Je hoeft alleen maar...
Meester: Je veronderstelt een vrije wil.
Leerling: In te zien dat je geen vrije wil hebt.
Meester: Je veronderstelt een vrije wil.
Leerling: Maar ik zeg toch...
Meester: Alsof je zelf kunt bepalen wat je inziet.
Leerling: Wilt u soms zeggen van niet?
Meester: Als het aan mij ligt niet.
Leerling: Bedoelt u dat je niet zelf kunt bepalen wat je inziet of dat u niet wilt zeggen van niet?
Meester: Als het aan mij ligt niet.
Hoeven, moeten en willen
Leerling: Ik hoef alleen maar...
Meester: Een hoef is een voet van hoorn.
Leerling: Ik moet alleen maar...
Meester: Een moet is een merk of een indruk.
Leerling: Ik wil alleen maar...
Meester: Een wil is een stootkussen of wrijfhout.
Zoeken naar geluk
Leerling: Zoeken naar geluk is vermijden wat er is.
Meester: Niet als zoeken naar geluk is wat er is.
Leerling: Zoeken naar geluk is vermijden wat er is.
Meester: Niet als vermijden is wat er is.
Leerling: Zoeken naar geluk is vermijden wat er is.
Meester: Voor sommigen is geluk zoeken naar geluk.
Leerling, hoopvol: Meent u dat nou?
Meester: Zie je nou wel.
Leerling: Zoeken naar geluk is vermijden wat er is.
Meester: Wat heb je aan die wijsheid?
Leerling: Als je dat eenmaal inziet, kun je ermee ophouden.
Meester: Maar hoe kom je tot dat inzicht?
Leerling: Ik dacht dat u dat wel zou weten.
Meester: Misschien wel door naar geluk te zoeken.
Leerling: Zoeken naar geluk is vermijden wat er is.
Meester: Zoeken naar geluk is zoeken naar geluk.
Leerling: Heeft u er dan geen bezwaar tegen?
Meester: Heb jij iets tegen bezwaren?
Leerling: Wat is vermijden wat er is?
Meester: Vermijden wat er is.
Leerling: Nou weet ik nog niks.
Meester: Dat noem ik nou geluk.
Volledige overgave
Leerling: Geluk betekent volledige overgave.
Meester: Maar waaraan.
Leerling: Aan het leven zoals het zich voordoet.
Meester: En als niet overgeven nou is wat zich voordoet?
De leerling zwijgt.
Meester: Nou?
Leerling: Dan niet natuurlijk.
Meester: Waarom noem je het dan volledige overgave?
Leerling: Ik bedoelde, dan óók natuurlijk.
Meester: Wat maakt het dan nog uit?
Een kamp
Leerling: Waarheen leidt de weg?
Meester: Naar een kamp met gelijkgestemden.
Leerling: Wat
staat er boven de toegangspoort?
Meester: Arbeit macht frei.
Leerling, geschrokken: Heeft u liever dat iedereen zijn eigen weg zoekt?
Meester: Waarheen?
Jed mag het weten
Een leerling zit als een bezetene te schrijven. Overal om hem heen liggen proppen papier. De prullenbak zit helemaal vol.
Meester: Wat doe je?
Leerling: Autolyse.
Meester: Wat is dat?
Leerling: Zelfoplossing. De methode van Jed McKenna om tot verlichting te komen.
Meester: Wat houdt die in?
Leerling: Opschrijven wat je meent te weten en alles wegstrepen
waarvan je niet zeker bent, tot alleen de waarheid overblijft.
Meester: En dan?
Leerling: Dan ben je klaar.
De meester knikt.
Leerling: Wat denkt u?
Meester: Wie zegt dat er wat overblijft?
Leerling: Jed.
Meester: Wie zegt dat wat overblijft de waarheid is?
Leerling: Jed.
Meester: Waarom stoppen bij de waarheid?
Leerling: Wat moet je er anders mee?
Meester: Wegstrepen natuurlijk.
Leerling: Waarom?
Meester: Je wou toch oplossen?
Leerling: Maar dan ben je ook klaar?
Meester: Jij wilt voor een dubbeltje op de eerste rang zitten.
Leerling: Wat valt er dan nog meer te doen?
Meester: Het wegstrepen wegstrepen?
Leerling: En dan?
Meester: Het "dan" wegstrepen?
Leerling: Tjonge.
Meester: Jij bent begonnen.
Leerling: Maar dan ben je ook echt klaar?
Meester: Wie zegt dat je ooit klaar komt?
Leerling: Wilt u soms zeggen van niet?
Meester: Wie zegt dat ik weet waar ik het over heb?
Leerling: Ik zie dat ik nog een lange weg te gaan heb.
Meester: Maar waarheen?
Leerling: Zelfoplossing zeg ik toch.
Meester: Je veronderstelt dat er iets op te lossen valt.
Leerling: Waar ben ik in vredesnaam aan begonnen.
Meester: Jed mag het weten.
Autolyse
Autolyse [Grieks,
auto, zelf +
lusis, losmaken,
oplossen] is de weg van Jed McKenna, of moet ik zeggen de "weg" van "Jed McKenna", waarbij men zich door een langdurig en
intensief onderzoek naar vermeende waarheden bevrijdt van zichzelf en zijn
zekerheden, en op de koop toe de waarheid vindt.
Zelf ben ik van mening dat wie in autolyse gelooft, het
proces
van autolyse nog niet voltooid heeft, en dat wie al
autolyserend de waarheid heeft gevonden, wel weer van
voren af aan kan
beginnen. Hetzelfde geldt voor iedereen die mijn mening in dezen of in
wat dan ook deelt of serieus neemt of naast zich neer meent te kunnen leggen.
Wie?
Leerling: Laat "ik ben" los.
Meester: Wie zou dat dan moeten doen?
Leerling: Laat zelfs "ik ben niet" los.
Meester: Wie zou dat dan moeten doen?
De andere kant op
Leerling: Hoe kom ik nader tot mezelf?
Meester: Door weg te lopen?
Leerling: Hoe
vind ik de Waarheid?
Meester: Door haar op te geven?
Hebben of kwijtraken
Leerling: Ik wil hebben wat u heeft.
Meester: Je veronderstelt dat ik iets heb.
Leerling: Dan wil ik kwijtraken wat u kwijt bent.
Meester: Je veronderstelt dat ik iets niet heb.
Leerling: Ik wil ervoor doen wat u ervoor gedaan heeft.
Meester: Je veronderstelt dat ik er iets voor gedaan heb.
Leerling: Dan wil ik laten wat u ervoor gelaten heeft.
Meester: Je veronderstelt dat ik iets niet heb gedaan.
Leerling: Maar ik wil weten wat...
Meester: Je veronderstelt dat het een kwestie van weten is.
Leerling: Dan wil ik afleren wat...
Meester: Je veronderstelt dat het een kwestie van niet weten is.
Leerling: Waarvan is het dan wel een kwestie?
Meester: Je veronderstelt dat het een kwestie is.
Leerling: Maar wilt u me dan tenminste zeggen...
Meester: Je veronderstelt dat ik iets wil zeggen.
Leerling: Maar u kunt toch wel...
Meester: Je veronderstelt dat ik een vrije wil heb.
Leerling: Maar u...
Meester: Je veronderstelt dat je iemand voor je hebt.
De leerling kijkt hem verbijsterd aan.
Meester: Of dacht je soms dat je niemand voor je had?
Leerling: Ik...
Meester: Je veronderstelt dat je iemand bent.
De leerling knijpt zich hard in zijn arm.
Meester: En denk nou maar niet dat je niemand bent.
Zand in je ogen
Leerling: Wat zijn de drie versperringen van zen?
Meester: Drie?
Leerling: Hoe bedoelt u?
Meester: Zen is één grote versperring.
Leerling: Zen is toch zeker een
weg?
Meester: Iedere weg is een versperring.
Leerling: Hoe heten de versperringen van zen?
Meester: Meester, leerling, dharma, zazen, koan, gelofte, bevrijding, eenheid,
boeddhanatuur, transmissie, noem maar op.
Leerling, ongelovig: Allemaal versperringen?
Meester: Allemaal zand in je ogen.
Leerling: Maar waarom in godsnaam?
De meester haalt zijn schouders op.
Leerling: Nou?
Meester: Om je traanklieren te activeren?
Leerling: Waar is dat goed voor?
Meester: Dan spoelt het zand uit je ogen.
Leerling: En dan?
Meester: Dan ben je daar ook weer vanaf.
Neti neti
Meester: Wat is de weg?
Leerling: Neti neti.
Meester: Niet iedereen spreekt Sanskriet.
Leerling: De
via negativa.
Meester: Niet iedereen spreekt Latijn.
Leerling: Niet dit, niet dat.
Meester: Wat dan wel?
Leerling: Daar trap ik niet meer in.
Meester: Loop er dan maar omheen.
Leerling: Vernietig alle bedenksels en spring in het gat dat
overblijft!
Meester: En het gat dat overblijft?
Leerling: Wat is daarmee?
Meester: Is dat soms geen bedenksel?
Leerling: O.
Meester: En degene die erin moet springen?
Leerling: Wat is daarmee?
Meester: Is die soms geen bedenksel?
Leerling: O.
Meester: En het idee dat de werkelijkheid uit bedenksels bestaat?
De leerling zwijgt.
Meester: En het idee dat je alle bedenksels moet vernietigen? Dat
je ze kúnt
vernietigen? Dat je dan beter af zult zijn?
Leerling: Allemaal bedenksels.
Meester: Dat zeg jij.
Leerling: Wat zegt u?
De meester haalt zijn schouders op.
Leerling: Alstublieft!
De meester zei: Niet dit, niet dat?
Het doel
Leerling: Het gaat om de weg,
niet om het doel.
Meester: Toch weer een doel gevonden?
Naar je hart
Leerling: Je moet niet naar je hoofd luisteren
maar naar je hart.
Meester: Leuk bedacht.
Hoofd of
hart?
Leerling: Hoofd of hart?
De meester zegt niets.
In
zijn kruis groeit een donkere vlek.
De leerling roept: Meester!
De meester roept: Blaas!
Je bent er al
Leerling: Je bent er al maar dat weet je niet.
Meester: Je bent er niet en dat weet je al.
Leerling: Ik ben er niet en dat weet ik al.
Meester: Je weet het niet en dat ben je al.
Overal
Leerling: Als de leer overal is, waarom zitten we dan in een
klooster?
Meester: Als de leer overal is, waarom niet?
Leerling: Verdomd!
Meester: Maar wie zegt dat de leer overal is?
De essentie
Vlak voordat zijn meester sterft, wil een leerling zijn eigen inzicht testen.
Leerling: Gooi alles weg en wat je
overhoudt is God!
Meester: Zolang je nog wat overhoudt, heb je niet
alles weggegooid.
Jaren later vindt de leerling eindelijk een nieuwe meester.
Leerling: Gooi alles weg en je vindt
het niets!
Meester: Gooi het niets weg, wat houd je over?
Jaren nadat zijn tweede meester overleden is, vindt de leerling eindelijk een nieuwe meester.
Leerling: Gooi het niets weg, wat houd je over?
Meester: Kan jou het schelen.
Leerling: Ik kom er niet uit. U bent mijn laatste hoop!
Meester: Het weggooien?
Leerling: En dat is de essentie?
Meester: De wát?
Leerling: Bedoelt u dat er geen essentie is?
Meester: Wat weet ik daarvan?
Leerling, ontgoocheld: Al die moeite!
Meester: Tja.
Leerling: Wat moet je er dan mee?
Meester: Waarmee?
Leerling: Het weggooien natuurlijk.
Meester: Weggooien?
Leerling: Dan hou je niets meer over!
Meester: Of krijg je alles terug?
Begrepen?
Meester Tja waarschuwt:
Niet begrijpen is geen hogere vorm van begrijpen.
Hij waarschuwt ook:
Wie eindelijk doorheeft dat hij niets begrijpt heeft nog steeds iets begrepen.
De hoogste waarheid in vier talen
gate gate paragate1
mu mu mu2
nada nada nada3
tja tja tja4
1. Sanskriet: verder, verder, almaar verder (Hartsoetra)
2. Chinees: niet, niet, niet (Wumen)
3. Spaans: niets, niets, niets (Johannes van het Kruis)
4. Nederlands (Hans van Dam)
Een uitstekende keuze
Meester: Wat willen we vandaag horen?
Leerlingen: De Waarheid!
Meester: Dat sprookje kennen we nou wel.
Leerlingen: Toe nou, meester!
Meester: Maar ik ken nog zoveel andere mooie sprookjes!
Leerlingen: Wij willen het sprookje van de Waarheid horen!
De meester schudt beslist het hoofd.
Hij sluit zijn ogen en zegt: Wat dachten jullie van...
Het sprookje van de Verlichting.
Het sprookje van de Bron.
Het sprookje van de Essentie.
Het sprookje van het Absolute.
Het sprookje van de Diepste Grond.
Het sprookje van de Achterste Stoel.
Het sprookje van de Eerste Oorzaak.
Het sprookje van het Dit.
Het sprookje van de Illusie.
Het sprookje van de Immanentie
Het sprookje van het Eeuwige Nu.
Het sprookje van de Transformatie.
Het sprookje van de Transcendentie.
Het sprookje van de Hogere werkelijkheid.
Het sprookje van de Werkelijkheid-op-zich.
Het sprookje van je Goddelijke natuur.
Het sprookje van de Non-dualiteit.
Het sprookje van de Eenheid.
Het sprookje van het Kennen.
Het sprookje van de Ruimte.
Het sprookje van het Pure Bewustzijn.
Het sprookje van de Zuivere Aandacht.
Het sprookje van de Stilte.
Het sprookje van het Nirwana.
Het sprookje van de Onverstoorbaarheid.
Het sprookje van het Blijvende Geluk.
Het sprookje van de Onvoorwaardelijke Liefde.
Het sprookje van de Neutraliteit.
Het sprookje van de Openheid.
Het sprookje van het Hoogste Inzicht.
Het sprookje van de Wijsheid.
Het sprookje van de Wijsheid voorbij alle wijsheid.
Het sprookje van de Sophia Perennis.
Het sprookje van je Boeddha-natuur.
Het sprookje van het Universele Mededogen.
Het sprookje van het Ware Zelf.
Het sprookje van Geen-Zelf.
Het sprookje van de Ware Geest.
Het sprookje van Geen-geest.
Het sprookje van je Oorspronkelijke Gezicht.
Het sprookje van je Ongeborenheid.
Het sprookje van het Eeuwige Leven.
Het sprookje van de Leegte
Het sprookje van de Onuitsprekelijkheid.
Het sprookje van de Thuiskomst.
Het sprookje van de Vrije Wil.
Het sprookje van de Onvrije Wil.
Het sprookje van de Overgave.
Het sprookje van de Genade.
Het sprookje van de Kosmische Grap.
Het sprookje van het Scepticisme.
Het sprookje van het Stoïcisme.
Het sprookje van het Postmodernisme.
Het sprookje van het Relativisme.
Het sprookje van het Nihilisme.
Het sprookje van het Loslaten.
Het sprookje van het Niet-Oordelen.
Het sprookje van de Onthechting.
Het sprookje van de Zelfvergetelheid.
Het sprookje van de Verdienste.
Het sprookje van de Inzet.
Het sprookje van de Devotie.
Het sprookje van de Ascese.
Het sprookje van het Verzaken.
Het sprookje van het Derde Oog.
Het sprookje van het Ego.
Het sprookje van de Mind.
Het sprookje van Het Werk.
Het sprookje van de Autolyse.
Het sprookje van de Meditatie.
Het sprookje van de Dharma.
Het sprookje van de Sangha.
Het sprookje van het Kleine Voertuig.
Het sprookje van het Grote Voertuig.
Het sprookje van de Transmissie.
Het sprookje van de Grote Weg.
Het sprookje van Geen-weg.
Het sprookje van de...
De meester kucht.
Hij neemt een besluit en zegt: Graag
vertel ik jullie het sprookje van het Grote Mysterie!
Stilte.
Meester: Het sprookje van de Lege Leer dan? Dat kan ik van harte aanbevelen, hoor!
Stilte.
Meester: Maar mijn absolute favoriet is toch wel het sprookje van niet weten...
Stilte.
Meester: Nou? Welke wordt het?
Stilte.
Eindelijk doet de meester zijn ogen open.
Alle leerlingen zijn weggeslopen.
De zaal is helemaal leeg.
Zonder blikken of blozen zegt de meester: Een uitstekende keuze.