(klik op ▼, ► om in / uit te klappen)

Citaten daoïsme

Opdracht

Vlak voor haar dood zei mijn eenentachtigjarige moeder tegen me: Wil je geloven dat ik geen idee heb hoe ik hier gekomen ben?
En mijn even oude vader: Ik ben helemaal kapotgeschoten. Begrijp je wat ik bedoel? Ik sta de hele dag versteld.
Ik zei: Ik begrijp precies wat je bedoelt.

Deze website draag ik op aan iedereen die het net als ik, om wat voor reden dan ook, niet meer weet - in het bijzonder aan mijn moeder die op 25 juli 2011 en mijn vader die op 21 april 2012 ook het niet weten voorgoed achter zich lieten.

Disclaimer

Citaten op deze website zijn over het algemeen niet representatief voor de auteur of het werk in kwestie.

Ik ben het nergens mee eens of oneens, ook hiermee niet. Ik erken of ontken niets, ook dit niet. Dat geldt niet alleen voor de citaten maar ook en vooral voor alles wat gezegd moest blijven in mijn dwaalteksten.

Dadaïsme & surrealisme



Verlichting voor dummy'sCitatenCultuur > Dadaïsme en surrealisme

Deze pagina: Citaten over niet weten uit de moderne kunst.
Samensteller: Hans van Dam.
Deze website: NIET-WETEN.NL.
De titels van de citaten zijn van mij, tenzij anders vermeld.





Doesburg, Theo van


Uit Wat is Dada?, Theo van Doesburg, 1923.


(De artikelen van Theo van Doesburg zijn terug te vinden op nl.wikisource.org.)


Dada leven
Dada wil geleefd zijn.
Dada verlangt geen intellectueele bevattingsmogelijkheid.
Dada wijst elke logische begripsassociatie onverbiddelijk van de hand.

Spontaniteit
Den dadaïsten gedurig gestelde vraag »wat is dada« is theoretisch evenmin te beantwoorden als alle vragen betreffende andere levensphenomenen.
Het antwoord op de vraag »wat is dada« laat zich slechts in de spontane handeling omzetten.

Geen vragen, geen stellingname
Dada stelt überhaupt geen vragen.
Dada is de ontkenning van den algemeen gangbaren levenszin.
Dada is de sterkste negatie van alle cultureele waardebepalingen.
De werkelijke dadaïst neemt voor niets stelling, noch voor kunst, noch voor politiek, noch voor philosofie of godsdienst.

Louter etiketten
Dada ziet in alle imaginaties die ons van de werkelijkheid hebben afgeleid – we mogen ze Tao, Om, Bramah, Jaweh, God, getal, geest, enz. noemen, slechts verschillende etiketten voor een en hetzelfde artikel dat, »uit een niets zich ontwikkelend« met veel tam tam en boem boem den mensch wordt opgedrongen.

Altijd al dada
Dada heeft altijd bestaan, doch werd eerst in dezen tijd ontdekt.

Niet dit of dat
Uit een heiligen tegenzin voor de ivoren closets onzer »groote Mannen« pretendeert hij [de dadaïst] niet, kunstenaar, filosoof of hervormer te zijn. Vrij van eerzuchtige verlangens, beroemd te zijn of maatschappelijk te slagen, is hij de meest vrije, meest rustige, gelijkmoedige mensch ter wereld.

Zoals een boom groeit
Dada (aldus Richard Huelsenbeck) ruht in sich, und handelt aus sich, so wie die Sonne handelt, wenn sie am Himmel aufsteigt oder, wie wenn ein Baum wächst. Der Baum wächst ohne wachsen zu wollen. Dada schiebt seinen Handlungen keine Motive unter, die ein »Ziel« verfolgen. Dada gebiert nicht aus sich heraus Abstraktionen in Worten, Formeln und Systemen, die es auf die menschliche Gesellschaft angewendet wissen will. Es bedarf keines Beweises und keiner Rechtfertigung, weder durch Formeln noch durch Systeme.

Bébé, Sisi of Lollo
Dada – dit woord beteekent niets en had, zooals Hausmann opmerkt, evengoed Bébé, Sisi of Lollo kunnen zijn – is uit geen enkel a priori, uit geen enkele theorie ontstaan.

Rien de rien
De dadaïsten – waaronder zich thans gaarne de beste en intelligentste menschen van onzen tijd (als Einstein, Chaplin en Bergson) rekenen, verklaren in bijna al hun manifesten uitdrukkelijk, dat zij niets willen, niets weten en niets zijn:
DADA – zoo schrijft Picabia – lui ne sent rien, il n’est rien, rien, rien.
Il est comme vos espoir: rien.
Comme vos idoles: rien.
Comme vos paradis: rien.
Comme vos hommes politiques: rien.
Comme vos héros: rien.
Comme vos artistes: rien.
Comme vos réligions: rien.
Dada is niet gemaakt, maar ontstaan.
DADAIST kan men niet worden, slechts zijn.

Wanordening
Dada ziet van elke proefneming, om de oneindig varieerende, chaotische en ongelijkvormige massa, die men menschheid noemt, te ordenen geheel af.

Mobiel
Dada heft de algemeen erkende dualiteit tusschen materie en geest, man en vrouw, geheel op en schept hierdoor het »Indifferenzpunkt« een punt alzoo boven het menschelijk begrip van tijd en ruimte.
Hierdoor bezit dada het vermogen het vast oog- en distantiepunt, dat ons in onze (3 dim) waanvoorstellingen gevangen houdt, mobiel te maken. Zoo werd het mogelijk, inplaats van slechts één facet, het geheele wereldprisma als een geheel te zien. In dit verband is Dada een der sterkste manifesten der 4e Dimensie, getransponeerd in het subjekt.
Van elk »ja« ziet Dada gelijktijdig het »neen«. Dada is ja-neen: een vogel op vier pooten, een ladder zonder sporten, een kwadraat zonder hoeken. Dada bezit evenveel positiva als negativa. De meening is alleen destruktief is het leven, waarvan Dada de uitdrukking is, misverstaan. Dada bestrijden beteekent zichzelf bestrijden. Dada wil afrekenen met de scheiding tusschen een transcendentale en een alledaagsche werkelijkheid. Dada is de behoefte aan een eenvormige wereldrealiteit bestaande uit dissoneerende en contrasteerende verhoudingen.



Uit Dadaïsme, Theo van Doesburg, 1923:

Veelvormig
Daar de dadaïst aan niets eenige positieve waarde hecht, aangezien hij de waarheid onbestaanbaar acht, spreekt het vanzelf, dat het dadaïsme geen bepaalden vorm heeft. Dada kan onder vele vormen tot uiting komen.

Geen-standpunt
De vorm, die echter het meest overeenkomt met de dadaïstische levenshouding is [...] de relatieve kunstvorm nl., waarbij de maker voor niets stelling neemt. Deze relatieve kunstvorm gaat altijd vergezeld van een lach.

Spiegel
Voor den dadaïstischen dichter is het geheele wereldbeeld ’n gedicht zonder bepaald verband of zonder bepaalden zin. Hij wil de wereld niet uit haar verband rukken, door de poëzie buiten haar te stellen. Handel is hem evenzeer poëzie als geplakte zakken; het lezen van de courant geeft hem een dichterlijk genot. Hij maakt zijn verzen zooals hij zijn Shimmy danst, zooals hij eet, drinkt, wandelt of een bad neemt. De dadaïst heeft geen bizondere extaze noodig. Hij is instrument, spiegel van het geheele wereldgebeuren en dit gebeuren is DADA.

Ja-neen
De dadaïst, — de naam „dada”, drukt reeds de sprakelooze erkenning van het bestaan uit — schept uit de negatie van elke traditioneele, vastgestelde, steriele realiteit het „ja” van zichzelf, in onmiddellijk en onafscheidelijk verband met alle tijd-ruimtelijke gebeurtenissen en verschijnselen. Niet aan tijd en ruimte gebonden, leeft de dadaïst het positief-negatieve, het ja-neen, het vol-ledige het gisteren-morgen en in de stoute vlucht van zijn scheppende verbeelding, plaatst hij de tegengestelden direct nevens elkaar.

Geen onderscheid
Hij is niet bemiddelaar tusschen a en z, maar hij is az. Hij zegt niet: ik lig hier in mijn bed buiten „mij” rijden de vrachtwagens, omnibussen, auto’s en treinen, jankt een hond of schreit een kind enz., maar hij is er zich van bewust, dat dit alles tegelijkertijd met dezelfde snelheid, in hetzelfde tempo en met dezelfde intensiteit plaats grijpt. Hij zoekt voor dit gebeuren (zichzelf, bed, buiten, vrachtwagens, omnibussen, auto’s, treinen, hond, kind enz.) geen analoge voorstelling, geen theorie, zelfs geen synthese, maar hij doordringt wezenlijk, de zintuigelijke en buitenzintuigelijke gewaarwordingssfeer.



Uit Karakteristiek van het Dadaïsme, Theo van Doesburg, 1923.

Omgekeerde boom
Voor den dadaïst is de wereld transparant. Hij ziet de meest tegenstrijdige en inconsequente handelingen op een en hetzelfde vlak in een en hetzelfde moment plaats grijpen.
      De wereld komt voor hem voor als een afdruk van verschillende over elkâar geschoven photografische negatieven. Uitgezonderd het heimelijk bedrog, en de behoefte elkander moreel en physiek te vernietigen, bestaan er voor hem geen enkele wezenlijke contrôle om zich in deze chaos te oriënteeren.
      Elke actie hoe goed gemeend en sterk ook wordt direct gevolgd door een reactie van gelijke intensiteit.
      Elke schijnbare evolutie is slechts verandering van vorm, de zoogenaamde geestelijke inhoud onverschillig van welk product, wordt slechts bepaald door de oogenblikkelijke en subjectieve stemming.
      Wanneer men b.v. in de Upanishade leest dat het universum gelijk is aan een boom wiens wortels in de hemel en wiens kruin in de aarde groeit dan is men hiervoor (vooral bij 'n schemerlamp) in groote bewondering.
      Als men echter in onzen tijd van dada zegt: dat het is een vogel met vier pooten, een kwadraat zonder hoeken, dan is dit klinkklare onzin!
      Dit is dada.

In dada leven
Dada is ondefinieerbaar, toch weet ieder wat dada is, omdat men in dada leeft.


K. Schippers


Uit Holland Dada, K. Schippers, 2000:


Dada wil niets
Wanneer men den inhoud der dada-geschriften waarvan er hier een dertigtal voor mij liggen aan de rede toetst, pogende met gezonde burgermansdegelijkheid van elken zin den zin, van elk woord de logische beteekenis te vatten, komt men bedrogen uit. Dada wil dat niet. Maar wat wil Dada dan wel? Het wil niets. Maar 'niets' in positieven zin.
(Theo van Doesburg, p35)

Te gronde
Ik heb zelf nog maar één hoop: als dadaïst te gronde te gaan.
(Theo van Doesburg, 37)

Overzinnelijk
Wanneer achter 'onzin' een dieperen zin schuilt dan dien van de norm, is 'onzin' niet slecht geoorloofd maar zelfs noodzakelijk. Zoo zal het Dadaïsme nieuwe overzinnelijke normen scheppen.
(Theo van Doesburg, 37)

Volkomen zoek
[In het gedicht, getiteld 'X-beelden'] zijn de logica en de door dichters zo graag bezongen schoonheid volkomen zoek. De dichter zit in een kamer waar een tram doorheen rijdt, heeft een pet op en ziet horizontale en verticale palen. Woordanarchie, vrolijke nonsens, vrije associaties, dit gedicht van Bonset [pseudoniem van Theo van Doesburg] is volkomen dada. (39)

Aaneengeknoopt stuk touw
In het volgende nummer van De Stijl staat de tekst 'Over het nieuwe vers en het aaneengeknoopte touw', waarin Bonset zijn 'X-beelden' van commentaar voorziet. Hij schrijft dat het woord logica altijd verkeerd wordt gebruikt: 'Elk eindje touw door een knoop verbonden aan een ander einde touw. En dit aaneengeknoopte touwstuk noemt men logica.' (38)

De onttrekking
Je schreef me, over het Dadaïsme m'n meening te zeggen. Welnu, Als ieder denkbeeld zijn tegendenkbeeld of contrast heeft, zonder dat het eèn meer 'waard' is dan het andere, zouden we dan niet kunnen zeggen, de waarde van de 'betrekkelijke' waarheid is juist dat zij 'prikkelt' tot denken.
   In het betrèkkelijke, dat zich laàt denken zijn we denkend betrokken.
   Ik vòel zoo, dat het in het Dadaïsme gaat om opheffing van het verstandelijk denken, het gaat om het geestelijke accent: de onttrekking.
   De dadaist erkènt de waarde van het denken, zoo we zelfstandig denken. Het subject moet zijn, het ledig, een niets. Immers wat zich aan het niets verwerkelijkt is eenheid van het sub en objectieve.
(Evert Rinsema, 221)


Ades, Dawn


uit Dada en surrealisme, Ades, Dawn, 1976:



Niets

Alleen Dada stinkt niet, het is niets, niets, niets.
Het is als al jullie hoop en verwachtingen: niets.
Als jullie paradijs: niets.
Als jullie idolen: niets.
Als jullie politici: niets.
Als jullie helden: niets.
Als jullie kunstenaars: niets.
Als jullie religies: niets.
Fluit, schreeuw, sla me op m'n bek, nou en? Ik zal steeds weer herhalen dat jullie idioten zijn.
(Manifeste cannibale dada van Francis Picabia, voorgelezen tijdens de Dada soirée in het Théâtre de la Maison de l'Oeuvre, Parijs, 27 maart 1920) (4)

Narrenspel
Wat wij Dada noemen, is een narrenspel uit het niets, waarin alle hogere vragen aan de orde komen, een gladiatorengebaar, een spel met schamele overblijfselen, een terechtstelling van geposeerde moraal en overvloed. (Hugo Ball in zijn dagboek Die Flucht aus der Zeit) (5)

Twee kanten van dezelfde medaille
Toen Marcel Duchamp in 1913 een fietswiel ondersteboven op een kruk monteerde, en in 1914 het eerste readymade koos, een flessenrek uit de Bazaar van l'Hôtel de Ville, was dit een eerste stap in de richting van Dada. Verhief dit gebaar van de kunstenaar het alledaagse massaprodukt tot een kunstwerk, of was dit als een Paard van Troje, dat de gelederen van de kunst kwam binnendringen teneinde alle objecten en kunstwerken tot hetzelfde niveau te reduceren? Natuurlijk zijn dit in werkelijkheid twee kanten van dezelfde medaille. (6)

Nog steeds raadselachtig
Tijdens een recente tentoonstelling in London, 'Pioneers of Modern Sculpture', bleken het Fietswiel en het Flessenrek nog steeds raadselachtig, na vijftig jaar lang reeds een rol te hebben gespeeld in de anti-kunst traditie. (7)

Het begin bij nul
Dada werd in 1916 in Zürich gedoopt, hoewel de omstandigheden - en de betekenis van de naam - nog steeds betwist worden. Richard Huelsenbeck, destijds een uit Duitsland uitgeweken jonge dichter, zegt dat hij en Ball het woord toevallig in een Duits-Frans woordenboek hebben ontdekt, en dat dit kleuterwoord (dat hobbelpaard betekent) 'het primitieve, het begin bij nul, het nieuwe in onze kunst uitdrukt'. (12)

Het bankroet van het idee
Wat wij celebreren, is tegelijk een klucht en een dodenmis... Aangezien het bankroet van het idee de mensheid tot in haar binnenste delen heeft vernietigd, komen thans op pathetische wijze de instincten en de grondmotieven naar boven. Daar geen enkele kunst, politiek of geloof tegen deze maalstroom is opgewassen, blijft ons slechts de blague en de bloedige pose over. (Hugo Ball) (14)

Voor oneindige zin
Dada was eropuit het rationele bedrog van de mens te vernietigen en de natuurlijke en irrationele orde terug te winnen. Dada wilde de logische onzin van de mens van vandaag vervangen door het onlogische sans-sens. Om die reden sloegen wij uit alle macht op de grote trom van Dada en verkondigden we de lof van het onverstand. Dada gaf de Venus van Milo een lavement en stond Laokoon en z'n zonen toe om zich na duizenden jaren te bevrijden uit de worsteling met de goede worst Python. Filosofieën hebben voor Dada minder waarde dan een oude versleten tandenborstel en Dada slijt ze aan de grote wereldleiders. Dada klaagt de duivelse listen van het officiële woordenboek van de wijsheid aan. Dada is voor het zinloze, wat niet onzinnig wil zeggen. Dada is zinloos, et als de natuur. Dada is voor de natuur en tegen de kunst. Dada is direct, net als de natuur. Dada is voor oneindige zin en begrensde middelen. (Arp in een essay getiteld Meer en meer verwijderd van de esthetica) (16)

Een ongrijpbaar raison d'être
We verwierpen alle nabootsing en beschrijving om het Elementaire en het Spontane alle vrijheid te laten. Daar de rangschikking van de vlakken en hun afmetingen en kleuren louter van het toeval leken af te hangen, verklaarde ik dat deze werken waren gerangschikt "volgens de wet van het toeval", waarbij het toeval voor mij niets anders was dan een beperkt gedeelte van een ongrijpbaar raison d'être, van een over 't geheel genomen ontoegankelijke orde. (Arp) (18)

Boemboem
Filosofie is deze vraag: van welke kant zullen we het leven, God, de idee of andere verschijnselen bekijken? Alles wat men bekijkt, is vals. Ik acht het relatieve resultaat niet belangrijker dan de keuze tussen gebak of kersen na het diner. De methode snel naar de keerzijde van iets te kijken, met 't doel je eigen mening indirect op te dringen, noemt men dialectiek, m.a.w. over de geest van gebakken aardappelen kibbelen terwijl men de methode voor de gek houdt.
Als ik uitroep:
Ideaal, ideaal, ideaal,
Kennis, kennis, kennis,
Boemboem, boemboem, boemboem,

heb ik een vrij nauwkeurige beschrijving gegeven van de vooruitgang, wet, moraal en al die andere prachtige eigenschappen die al door verscheidene zeer geleerde heren in zovele boeken zijn besproken. (Tzara in zijn Dada-manifest 1918) (20)

Tegen manifesten
Ik schrijf een manifest en ik wil niets, toch zeg ik zekere dingen, en in principe ben ik net zo tegen manifesten als tegen principes. (Tzara, zelfde manifest) (20)

Laat achter
Laat alles achter.
Laat Dada achter.
Laat je vrouw achter, je maîtresse achter.
Laat je hoop en je angst achter.
Zaai je kinderen in een hoek van het bos.
Laat de buit aan de schaduw...
Ga op weg.
(Breton) (29)

Desoriënteren
Het is de bovennatuurlijke gave om twee ver uit elkaar gelegen werkelijkheden te creëren zonder buiten het domein van onze ervaringswereld te treden, ze samen te voegen en een vonkje aan hun samengaan te ontlokken; om binnen het bereik van onze zintuigen abstracte figuren bijeen te brengen die voorzien zijn van dezelfde intensiteit, dezelfde scherpte als andere figuren; en om ons in ons geheugen te desoriënteren door ons een referentiekader te onthouden - het is deze gave die op dit ogenblik Dada draagt. (Breton) (30)

Afbraak
De desoriëntatie van de toeschouwer is een stap in de richting van de afbraak van z'n conventionele begrip van de wereld en z'n eigen ervaringen volgens van te voren bepaalde patronen te zien. De surrealisten geloofden dat de mens zich had laten steken in een keurslijf van logica en verstand dat zijn vrijheid beknotte en zijn verbeeldingskracht teniet deed. Breton, die deze opvatting van Dada had overgenomen, zag in de onthullingen van Sigmund Freud over het onderbewustzijn een mogelijke richtlijn voor de vrijmaking van de verbeeldingskracht. Zonder al te veel consideratie voor de details van Freud's model voor het verloop van de geestelijke processen, legde hij beslag op het idee dat er, verborgen voor het bewuste, alledaagse leven, een reusachtig, nog niet aangeboord reservoir van ervaringen, gedachten en begeerten bestond. Breton geloofde dat door dromen ... en door automatisch schrijven ... een toegang tot het onderbewustzijn kon worden verkregen, en de barrière tussen het bewustzijn en het onderbewustzijn, die in het belang van orde en verstand gehandhaafd werd, uiteindelijk in zekere zin kon worden afgebroken. (31)

Eigenaardig
Masson verklaarde: 'Ik begin zonder een beeld of vooropgezet plan, maar teken of schilder zeer snel al naar gelang de impulsen van het moment. Geleidelijk aan begin ik aanduidingen van figuren of voorwerpen te herkennen. Ik probeer die duidelijker tevoorschijn te laten komen, hun implicatie uit te werken en bewust orde in de compositie aan te brengen.'
'Dat is eigenaardig', antwoordde Matisse. 'Bij mij is het precies omgekeerd. Ik begin altijd met iets - een stoel, een tafel - maar naarmate het werk vordert, ben ik mij daar steeds minder van bewust en tenslotte weet ik nauwelijks nog met welk voorwerp ik ben begonnen.' (37)

Het is niet ver
Het is niet ver - via de vogel - van de wolk naar de mens; het is niet ver - via de beelden - van de mens naar zijn visioenen, van de aard der werkelijke dingen naar de aard der denkbeeldige dingen. Hun waarde is gelijk. Materie, beweging, behoefte en wens zijn onscheidbaar. Stel je een bloem voor, een vrucht of het hart van een boom; zij dragen jouw kleuren, zij zijn noodzakelijke aanduidingen van je bestaan, omdat het jouw voorrecht is te geloven dat alles verwisselbaar is voor iets anders. (Paul Eluard over Max Ernst in Beyond Painting) (45)

Lichamelijke verwarring
Hij blijft, zegt hij, totaal ongevoelig voor natuurlijke schouwspelen en kunstwerken die 'mij niet onmiddellijk in een staat van lichamelijke verwarring brengen, die gekenmerkt wordt door een wind die langs mijn voorhoofd strijkt en in staat is mij werkelijk te doen huiveren.' (hier citeert Dawn Ades André Breton uit diens essay Schoonheid zal konvulsief zijn) (54)

Buiten woorden om
Het Surrealisme was geen kunststijl. Net als Breton in 1923 van de poëzie had gezegd: 'Zij is niet waar je denkt dat zij is. Zij bestaat buiten woorden, stijl, e.d., om... Ik kan geen enkele waarde erkennen in welk uitdrukkingsmiddel dan ook.' ... 'Het surrealisme heeft het woord "als" afgeschaft.' ... 'Hij die geen paard op een tomaat kan zien galopperen is een dwaas. Ook is een tomaat een luchtballon.' (57)


Breton, André





Uit Le Manifeste du Surréalisme, André Breton, 1924:

Naamloos
De geest van de dromende mens wordt volledig bevredigd door wat hem overkomt. De beperkingen van de werkelijkheid doen zich niet langer gelden. Dood, vlieg sneller, heb lief zoveel je wilt. En als je erin blijft, weet je dan niet zeker dat je weer uit de dood zult ontwaken? Laat je meevoeren door gebeurtenissen die zich niet laten beïnvloeden. Je bent naamloos. Het gemak waarmee alles verloopt is onbetaalbaar.

Natuurlijk
Wat is het dat dromen zo natuurlijk maakt en mij in staat stelt zonder enige reserve een mengelmoes aan scènes te verwelkomen die zo bizar zijn dat ze me nog steeds verbijsteren terwijl ik dit schrijf? En toch kan ik mijn ogen geloven, mijn oren; deze grote dag is aangebroken, het beest heeft gesproken.

Surrealiteit
Zodra we het onderwerpen aan methodisch onderzoek ... mogen we hopen dat de mysteriën die niet werkelijk zijn ruim baan maken voor het grote Mysterie. Ik geloof in de toekomstige versmelting van deze twee toestanden, droom en werkelijkheid, die schijnbaar zo tegenstrijdig zijn, tot een soort absolute realiteit, een surrealiteit zogezegd.

Surrealisme
[zelfstandig naamwoord] zuiver psychisch automatisme waarmee men hoopt in woord of geschrift of op welke wijze dan ook, de feitelijke werking van het denken tot uitdrukking te brengen. Gedicteerd door het denken zelf, niet gecensureerd door de rede, niet gehinderd door esthetische of morele overwegingen.

Hogere werkelijkheid
Het surrealisme berust op het geloof in de hogere werkelijkheid van bepaalde, tot nog toe veronachtzaamde associatievormen, in de almacht van de droom, in het belangeloze gedachtenspel. Het streeft ernaar alle andere psychische mechanismen te vernietigen en zichzelf daarvoor in de plaats te stellen bij het zoeken naar oplossingen voor de grote levensvragen.

Deze spiegel
Maar wij, die onze filters hebben uitgeschakeld, die onszelf in onze werken hebben opgesteld als holle vaten voor talloze echo's, instrumenten in dienst van de tekeningen die we maken, wij dienen wellicht een nog hoger doel. Zo brengen we ons zogenaamde talent in de praktijk. Je zou net zo goed kunnen spreken van het talent van deze stalen meetlat, deze spiegel, deze deur, en van de lucht, zo je wilt.

Grenzeloze uitgestrektheden
De geest wordt zich bewust van de grenzeloze uitgestrektheden waarbinnen zijn verlangens eerst zichtbaar worden, waar de voors en de tegens voortdurend vernietigd worden, waar zijn duisternis geen verraad pleegt aan zichzelf.

Oplosbaar
Het is misschien als kind dat men het dichtst bij het ware leven staat; de kindertijd, waarbuiten de mens maar weinig ijzers in het vuur heeft, behalve dan zijn laissez-passer;  de kindertijd waarin niettemin alles reeds samenspant in de richting van een risicovrije zelfgenoegzaamheid. Dankzij het Surrealisme krijgen we wellicht een tweede kans. Het is alsof we ons nog altijd naar onze verlossing spoeden, of naar onze teloorgang. In de schaduwen zien we opnieuw een naamloze verschrikking. God zij dank, het is slechts het Vagevuur. Trillend van angst begeven we ons in wat occultisten gevaarlijk terrein noemen. In mijn kielzog wek ik slapende monsters; ze hebben het nog niet slecht met me voor en ik ben nog niet verloren, omdat ik ze vrees. Hier zijn "de olifanten met vrouwenhoofden en de vliegende leeuwen" die Soupault en mij zo'n schrik aanjaagden, hier is de "oplosbare vis" die me nog steeds een beetje bang maakt. POISSON SOLUBLE, ben ik niet de oplosbare vis, ik ben geboren onder het teken van de Vissen en de mens is oplosbaar in zijn gedachten. De flora en fauna van het Surrealisme zijn ontoelaatbaar.

Geen andere
De Surrealistische stem die Cumae, Dodona en Delphi schokten is geen andere dan de stem die mij mijn minder heftige toespraken influistert. Mijn tijd is niet de zijne, waarom zou deze stem mij helpen het kinderachtige probleem van mijn bestemming op te lossen?

Wat moet ik ermee aan?
Deze wereld, waarin ik te verdragen heb wat ik te verdragen heb (wat, dat wil je niet weten), deze actuele wereld, ik bedoel, wat voor den duivel moet ik ermee aan?

Spook
Deze zomer zijn de rozen blauw; het hout is van glas. De aarde, gekleed in zijn groene mantel, maakt net zo weinig indruk op me als een spook. Leven en ophouden met leven zijn denkbeeldige oplossingen. Het bestaan voltrekt zich elders.



Publicatie van het Surrealistische Manifest leidde tot heftige reacties. Het Bureau de Recherches Surrealistes publiceerde naar aanleiding daarvan in een tijdschrift een reactie in acht punten, waaraan ik onderstaande citaten heb ontleend:

Onzekere gronden
We willen niet de moraal van de mensheid veranderen maar de breekbaarheid van het denken laten zien, en op welke onzekere gronden, op welke grotten we onze wankele huizen hebben gebouwd.

Wanhoopskreet
Surrealisme is geen dichtvorm. Het is de wanhoopskreet van het denken dat zichzelf bevraagd, vastbesloten zich van zijn kluisters te ontdoen , desnoods met stoffelijke hamers.