M
Ma
-
Maagdaandoening: Vlieswond*.
-
Maagdblad: "Het Gulden Vlies", tijdschrift voor ongerepten.
-
Maagdenvlees: Moet, ondanks de grote malsheid, worden gebroken
voordat het kan worden genuttigd.
-
Maagdperforatie: Aanbrengen van piercing bij jong meisje.
-
Maagdzuur: Vloeistof om jonge meisjes in te conserveren voor later
gebruik.
-
Maandmannetje: Periodieke damesbezoeker.
-
Maasjesharing: Geliefde zeevis die er telkens weer doorheen weet te
glippen.
-
Maburka: Poolse volksdans door gemaskerde personen.
-
Macadame: Zwaar opgemaakte vrouw.
-
Macagroni: Van friesmeel gemaakt streekgerecht uit het noorden des
lands
-
Macrobatisch: Met veel kunstgrepen grote winst behalen.
-
Madoena: Look-alike van de heilige maagd.
-
Madonnat: Maagdelijk vruchtwater.
-
Maffiojo: Siciliaanse klimtol.
-
Mafghanistan: Knotsgek Aziatisch land.
-
Mafkezer: Iemand die neukt als een gek.
-
Magnetium: Een zilverwit metaal dat bij verbranding andere metalen
aantrekt.
-
Magnetroon: Elektrische zetel.
-
Magneut: Drankje met onweerstaanbare aantrekkingskracht.
-
Magreet: Aantrekkelijk achterwerk.
-
Maillissement: Bankroet dat per elektronische post wordt meegedeeld.
-
Mailloot: Dwaas in kousebroek. Malloot in maillot.
-
Majeurette: Vrolijk meisje met dikke tetten en dijen.
-
Majokko: Land van liegebrokken.
-
Makeleurdij: Met koophuizen langs de deuren gaan.
-
Makkriel: Jonge makreel. Geliefde rookwaar.
-
Malarianuskiet: Mug die tropische ziekte overbrengt via de aars.
-
Malkezer: Mediterraan met rare bedgewoonten.
-
Maltresse: Vrouw waarop mannen zich afreageren na ruzie met hun
echtgenote.
-
Mammificatie: Uitdroging van de borsten.
-
Manchete: Zeer scherpe boord aan mouw.
-
Manchetknop: Regelaar waarmee de schuimkraag op een glas bier kan
worden ingesteld.
-
Mancometer (1): Instrument om de mate van invaliditeit te bepalen. (2): Instrument om te bepalen hoe ver iemand uit het lood
is geslagen.
-
Manconist: Ambtenaar die een mancometer* bedient.
-
Mandaadbrief (1): Schriftelijke opdracht krachtens welke men
copuleert. (2): Poststuk met uitnodigende inhoud dat mannen op
Valentijnsdag van stille aanbidsters krijgen.
-
Mandorine: Kleine oranje tokkelvrucht. (Zie afbeelding)
-
Mangelei: Ingedikt vocht van uitgeknepen heren.
-
Mangrover: Zeestruikrover.
-
Manikakken: Obsessief ontlasten.
-
Manipuberen: Door dwars gedrag beïnvloeden.
-
Mankieren: Dicipline op de Paralympic Gay Games.
-
Mankisch-depressief: Neerslachtig ten gevolge van ongelijke benen.
-
Manmaakblokje: Instant bedgenoot.
-
Mannenlooster: Heteroseksuele vrouw die frequent van partner wisselt.
-
Mannequeen: Homofiele catwalkman.
-
Mannetjessputter: Grote, sterke persoon waarvan de brandstof bijna op
is.
-
Manstruatie: Herenbloeding*.
-
Manzaad: Bedwelmend sperma.
-
Mapril: Piepjonge moeder.
-
Marathond: Lange afstandsviervoeter.
-
Marathond, Halve ~: Lange afstandsviervoeter die niet goed uitkeek op
spoorwegovergang.
-
Marathonloops: Periode van ruim 42 dagen waarin vrouwelijke honden
vruchtbaar zijn.
-
Maraton: Vat waarmee grote afstanden worden afgerold.
-
Marend: Protesterende roofvogel.
-
Maretaak: Opdracht van boodschapper.
-
Maria-Nichtmis: Naam van de baanbrekende mis die de Paus aan homo's
opdraagt nadat hij ze eindelijk erkend heeft.
-
Marinieren: Wat militairen der zeemacht in hun vrije tijd met
zichzelf doen. Zie ook Matschappen*.
-
Marintiem: Vozen in een bootje.
-
Marionettenregeling: Afspraak over wie wanneer aan de touwtjes mag
trekken.
-
Marktkooplul: Onuitstaanbare uitventer.
-
Marmoet: Reusachtig voorhistorisch knaagdier.
-
Marockaan: Swingende Noord-Afrikaan.
-
Marrokaas: Noord-Afrikaans zuivelproduct.
-
Marsepijn: Lichamelijk lijden na de vierdaagse.
-
Marstodont: Reusachtig mannetje van andere planeet.
-
Martelaarschaap: Ooi dat stierf voor haar geloof in Ram.
-
Masjorette: Meisje dat goed met een stokje overweg kan.
-
Masochrist: Iemand die zichzelf aan een kruis nagelt.
-
Masonnette: Vernederend kleine etagewoning.
-
Massagrap: Geestigheid voor het grote publiek.
-
Mastobont: Vacht van bepaald uitgestorven slurfdier.
-
Mastokont: Gigantisch achterwerk.
-
Masturbaren: Wat een vrouw doet die zichzelf graag bevalt.
-
Masturbatje: Slagplankje om solo-pingpong mee te spelen.
-
Masturberin: Bij dierentuinbezoekers populair zuigdier dat de hele
dag ligt te onaberen.
-
Masturbine: Door gas aangedreven dildo.
-
Masturclass: Cursus zelfbevrediging onder leiding van een ouwe
rukker.
-
Matrak: Slaapplaats voor Belgische masochisten.
-
Matroosjka: Zeeman in zeeman in zeeman in...
-
Matschappen: Zich misdragende mariniers. Zie ook Marinieren*.
-
Maximumsnolheid: Hoerigheidsgrens.
-
Mayoeuvreren: Behendig eiersaus op eten draperen.
-
Mayokko: Land waar men veel eiersaus eet.
-
Mazes: Moeder van Mozeven.
Me
-
Meanderthaler: Habitué van nl.taal die ontwijkend gedrag
vertoont.
-
Mededeelzwam: Geneigd tot het met anderen delen van kletskoek.
-
Medeklikker: Assistent-verklapper.
-
Medewekster: Assistente die de baas wakker moet maken.
-
Mediamiet: Nationale troetelnicht.
-
Mediater: Dokter die vaak in het nieuws weet te komen.
-
Mediaterraan: Medewerker van migrantenomroep.
-
Mediatyfoon: Door Hilversum razende wervelstorm.
-
Medikus: Geneesmiddel voor onvolzoenden*.
-
Medillink: Gevaarlijke narcostad in Colombia.
-
Meebonk: Benedenbuur.
-
Meekoker: Iemand die ernstig ziek wordt door de etensluchtjes van de
buren.
-
Meerderharige: Jongeling met tenminste twee schaamharen.
-
Meerharenplan: Langdurige antikaalheidskuur.
-
Meerkut: Het soort vrouw dat zich op dure jachten ophoudt.
-
Meerlandicus: Polyglot.
-
Meerschalk: Ondeugend vriendje van meermin.
-
Meesteroprichter: Louche ondernemer die grossiert in b.v.'s.
-
Meëteoor: Verstopt talgkliertje in de huid dat bij uitknijpen de
ruimte inschiet.
-
Meëteoriet: Hemellichaam dat aanschuift aan het banket.
-
Megasus: Reusachtig vliegend paard.
-
Megatong: Soort plaatvis*.
- Megazijn: Gigantische opslagplaats.
-
Megraine: Forse hoofdpijn, maar niet zo erg als gigraine*.
-
Meideern: Prikkelend meisje.
-
Meidengrup: Damestoilet.
-
Meidentroep: Inhoud van handtasjes.
-
Meikezer: Iemand die alleen kinderen heeft die in maart jarig zijn.
- Meiregel: Alle vogels leggen een ei.
-
Melancholied: Fado.
-
Melancholikus: Zwaarmoedige zoen.
-
Melkbroer: Onechte halfbroer.
-
Melkmuisje: Knaagdiertje dat voor de zuivelproductie wordt gehouden.
Zie ook Vleesmuis*
-
Melkveeouder: Oude koe die de meisjes tijdens het melken voorleest.
-
Melodreumatisch: Overdreven aandoenlijk wurm, altijd van een ander.
-
Membekrachtiging: Het opspuiten van de borsten met beton.
-
Memmentaler: Habitué van nl.taal die het alleen maar over
vrouwenborsten heeft.
-
Memopauze: Seniorenmomentje.
-
Memorabal: Worp of schot dat sinds mensenheugenis in jaaroverzichten
wordt herhaald.
-
Memvloeistof: Moedermelk.
- Meneer de Muil: Voorleesvader met grote bek.
-
Mengelsmoes: Leugencocktail.
-
Meninggitis: Ziekte die het beoordelingsvermogen aantast.
-
Mensensmikkel: Kannibalisme.
-
Mensenwater: Aqua sapiensis.
-
Menthaal gehandicapt: Allergisch voor pepermuntjes.
-
Menupauze: Periode waarin de maaltijd zijn smaak verliest.
-
Merkelijkheid: Wereldbeeld op basis van etiketten, labels en
productnamen.
-
Mesjogger: Trimmer die de marathon van Amsterdam wil lopen. Zie ook
Roodwandelen*.
-
Mesokke: Voetkleding die er in de wasmachine als een gek vandoor
gaat.
-
Mestgezel: Persoon met wie je gezellig in de tuin gaat zitten kakken.
-
Mestodont: Voorhistorisch dier dat enorme drollen draaide.
-
Mestruatie: Periodieke diarree.
-
Meteoorsteden: Uit de grond schietende Vinex-wijken.
-
Meteotieten: Hogedrukgebieden van weervrouw.
-
Meterselie: Soepgroente die op de tanden van peettante groeit.
-
Methanon: Aan verslaafden vrij verstrekte aardgasvervanger.
-
Metro-oom: Lieve meneer die in de ondergrondse lullies*
uitdeelt aan kinderen.
-
Metrognoom: Ritmisch bewegende tuinkabouter.
-
Metselkak: Goedkope cementvervanger.
-
Meubilisatie: De tuinstoelen zomerklaar maken.
-
Meunenveger: Moderne vissersboot om rondslingerende zeepuitalen mee
te vangen.
-
Meuralgie: Zenuwaandoening die enfarts terribles* veroorzaakt.
-
Meurasgebied: Vochtige, stinkende streek.
-
Meuratorium (1): Slaapzaal. (2): Afspraak over de tijdelijke beperking van het laten
van winden.
-
Meuravië: Slaperige landstreek in Tsjechië.
-
Meurgarine: Stinkende kunstboter.
-
Meurihuana: Wiet waarvan je ogenblikkelijk in slaap valt.
-
Meurmot (1): Alpien stinkdier.
-
Meurmot (2): Vlindertje dat 's nachts slaapt.
-
Meurtuarium: Lijkenhuis waar de stroom is uitgevallen.
-
Meuteorologie: Weerkunde voor de massa.
-
Meutse: Troep teven. Menigte vrouwen.
Mi
-
Miasmat: Rottende vloerbedekking.
-
Microboon: Nauwelijks zichtbare peulvrucht.
-
Microkasmos: Vrijwel onzichtbaar, maar zeer hinderlijk onkruid in de
glastuinbouw.
-
Microprofessor: Universitair docent voor de kleinsten onder ons.
-
Microsauna: Heteluchtbad voor miniputters.
-
Microsloop: Instrument om hele kleine voorwerpen mee te vernietigen.
-
Miecommunicatie: Chinees tafelgesprek.
-
Mierenbeuker: Hardhandige pietlut.
-
Mierendelen: Noodzakelijk ritueel als er meer neukers zijn dan
mieren.
-
Miereneger: Afro-Amerikaan behorend tot de Myrmecophagidae.
-
Mierenmeter: Kniesoor die alleen de kleinste mieren neukt.
-
Mietrailleur: Oorlogswapen dat de verkeerde kant op schiet.
-
Mincommunicatie: Nogal negatief gesprek.
-
Minderharige: Kale medemens. Andersgehaarde.
-
Minderhedenvaagstuk: Typisch overheidsrapport.
-
Minipuleren: Op slinkse wijze verkleinen.
-
Minitair: Kindsoldaatje.
- Minitaurus: Minuscuul mythisch monster.
-
Minituurcamera: Zeer klein foto- of filmtoestel dat gebruikt wordt om
te spioneren.
-
Minnekezen: Doel van Minnevozen*.
-
Minnekoken: Voorspel.
-
Minnevozen: Voorspel van minnekozen.
-
Minserie: Slechte televisiereeks die in omgekeerde volgorde wordt
uitgezonden.
-
Minutireus: Dwerggigant.
-
Miracuneus: Wonderbaarlijk reukorgaan.
-
Misantroep: Ongeorganiseerde meute mensenhaters.
-
Miscotheek: Katholieke kerk waar dansplaatjes worden gedraaid om
klanten te trekken.
-
Miserabal: Slechte worp of schot bij balsport.
-
Misionaris: Missionaris die nooit iemand heeft kunnen bekeren.
-
Miskraai: Grote witte zangvogel die liever raaf had willen zijn.
-
Mislamiet: Tot het christenhondisme bekeerde moslim.
-
Mislim: Islamitische martelaar die in de hemel kwam toen de maagden
net op waren.
-
Misogym: Ballet-hater.
-
Misscommunicatie: "Na m'n verkiezing wil ik me inzetten voor de
wereldvrede en een showbizzcarrière".
-
Misstasten: Het bij de jury meest populaire onderdeel van een
missverkiezing.
-
Misstverkiezing: Wedstrijd die moet uitmaken wanneer men het minste
van de dames ziet.
-
Mistcommunicatie: Praatje van benevelde weerman.
-
Mistpoes: Verondersteld voortplantingsorgaan van witte wieven.
-
Mistrailleur: Mensvriendelijk vuurwapen.
-
Mitsdadiger: Iemand die van alles belooft, maar slechts onder
voorwaarden uitvoert.
-
Mitsdienaar: Knaapje dat voorwaarden stelt aan meneer pastoor.
-
Mitsgrijpen: Betasten onder voorwaarde dat het lekker is.
-
Mitskraam: Gezinsuitbreiding onder voorwaarden dat papa een nieuwe
auto mag.
-
Mitspoes (1): Vrouw die alleen onder voorwaarden wil seksen.
-
Mitspoes (2): Kat die onder voorwaarden op je schoot komt liggen.
Mo
-
Modderdag: Uitje naar de beautyfarm.
-
Moddermavo: Waardeloze opleiding.
-
Modeliefje: Catwalkman. Catwalkpoes. Mannequin.
-
Modeloos: Hopeloos conservatief gekleed.
-
Modevagina: Kale kut.
-
Modicijnen: Geneesmiddelen waarvan de populariteit met de seizoenen
wisselt.
-
Moederroverste: Bendeleidster.
-
Moedervloek: Krachtterm waarmee men wordt geboren.
-
Moedjahedeun: Afghaans vrijheidslied.
-
Moerbij: Insect dat wordt aangelokt door bouten.
-
Mohamgedaan: Iemand die zich van het geloof heeft afgekeerd. Zie ook
mislamiet
-
Mohammedaas: Islamitische steekvlieg.
-
Mohammoed el Mancha: Hoofdpersoon uit beroemd Moors verhaal over
dappere man die berg tegemoet trad.
-
Mokkelaar: Handelaar in mooie buitenlandse vrouwen.
-
Moktober: Maand om te mopperen.
-
Molecul: Over erfelijkheid verkondigde onzin. Zie ook Genohype*
-
Molenaars: Door windkracht aangedreven anus.
-
Molenar (1): Don Quichot.
-
Molestereo: Met zijn tweeën iemand aftuigen.
-
Mollenaar: Ambachtelijke vandaal.
-
Molotofcocktail: Aangenaam pittig drankje.
-
Monanist: Solotoetjeseter.
-
Mondharminica: Heel klein muziekinstrument, door blazen en zuigen
bespeeld, veel gebruikt in het filharminisch* orkest.
-
Monitorkabbel: Golfpatroon dat wel verschijnt op oude beeldschermen.
-
Monogooltje: Iemand met aangeboren eenorigheid.
-
Monoharmonica: Blaasinstrument met maar één toon.
- Monopauze: Onderbreking van een eenzaam bestaan.
-
Monorroe: Bepaalde geslachtsziekte die je maar één keer
hebt.
-
Monoseigneur: Titel van hoge geestelijke zonder bovenstukje.
-
Monotagewoning: Huis zonder verdiepingen.
-
Monotheeisme: Geloof in de enige echte godendrank.
-
Monotor: Eenmotorige kever.
-
Monotovcocktail: Brandbom voor eenmalig gebruik.
-
Moordspeling: Een woord op heel verkeerde manier gebruiken.
-
Moordwerktuigkundige: Specialist bij het gerechtelijk laboratorium.
-
Mopsentapper: Iemand die speciaal plezier beleeft aan een bepaald
soort hond.
-
Morbidet: Luguber billenbad.
-
Morgendstand: Blijde gebeurtenis voor mannen op leeftijd.
-
Mormelade (1): Gelei gekookt van zeer lelijke vruchten. (2): Opbergplaats voor het hondje van de buren.
-
Mormoten: Specialiteit van de Poeliers der Laatste Dagen.
-
Morning-afterbil: Achterwerk na een nachtje spanken.
-
Morning-afterpaal: OSOL.
-
Morning-afterpeel: Loslatende huid na een nachtje stevig rampetampen.
-
Morning-afterpik: Kunstpenis voor vrouwen die tevergeefs op de
versiertoer zijn geweest.
-
Morning-afterpis: Waterige ochtendplas na avondje stappen.
-
Mors-d'oeuvre: Nog niet eens begonnen en nu al bevlekt.
-
Morslim: Islamiet met soepsliertjes in zijn baard.
-
Morsmannetje: Groene bewoner van de planeet Onan.
-
Moskeet: Begroeide bidruimte voor islamitische bouwkakkers*
- Mosselbink: Zeeuwse schelpdierkweker.
-
Mosselweker: Keukenapparaat om uitgedroogde schelpdieren eetbaar te
maken.
-
Mosselzaag: Zeeuws eetgerei.
-
Mosterd na de paaltijd: Zie Neuctar*
-
Mosterdgast: Genodigde die te laat is voor het eten.
-
Mosturbatie: Het omwoelen van bosbodems.
-
Motorboter: Deel van de Europese boterberg dat bedoeld is als
biobrandstof.
-
Motorhomo: Ledernicht op vakantie.
-
Motorrijtuigenbetasting: Periodieke autokeuring.
-
Motorvrijtuig: Kunstpenis met trilinrichting.
-
Mottenbalk: Stuk hout om nachtvlinders over te gooien.
-
Moudern: Retro.
-
Mount Neverest: Berg die voortdurend lager wordt.
Mu
-
Muffioso: Ongewassen crimineel.
-
Muggespraak: Irritant zoemend geluid.
-
Muilpezen: Pijpen, fellatio.
-
Muis-aan-muisblad: Gratis tijdschrift voor lesbiennes.
-
Muisantroop: Knaagdierhater.
-
Muiscommunicatie: Piepiepiep? Miauw!.
-
Muisère: Knaagdieroverlast.
-
Muislim: Aanbidder van het opperknaagdier.
-
Muisogyn: Hater van vrouwtjesknaagdieren.
-
Muisoleum: Rijkelijk versierd graafmonument.
-
Muisse: Gerecht van stijfgeklopte knaagdiertjes.
-
Multimatum: Aan vele tijdslimieten gekoppelde laatste voorwaarde.
-
Mummificatiet: Zeer bejaarde vrouwenborst.
-
Muskaatnood: Ernstig gebrek aan bepaalde specerij.
-
Musketsier: Neuker waarvoor een kip te groot is.
-
Muskusruit: Soort waterglas, ten onrechte ook wel Waterkozijn*
genoemd.
-
Muskutrat: Vochtminnende knaagdiersoort der zakrattenfamilie, die
tjilpende geluiden maakt.
-
Mustard: Pittig soort pasta, gemaakt van uitgeperste vogeltjes.
-
Mutsagen: Feromoon dat gedragsveranderingen bij de man veroorzaakt.
-
Mutseum: Ruimte waar vrouwen worden tentoongesteld.
-
Mutsisme: Psychisch bepaald onvermogen om wegenkaarten te lezen.
-
Mutskusos: Beetje groot uitgevallen Beffiaan.
-
Mutspot: Stamppot van peen, ui, aardappel en schaamlapjes.
-
Muurpruim: Meisje dat al héél lang niet ten dans is
gevraagd.
My
-
Myxtomatose: Virusziekte waarvan konijnen een grote knalrode neus
krijgen.