laatste bewerking: 27 feb 2012
Hoophuizen Hulsengoed
een hoeve die wegzakt in zijn dak
van eeuwen ouderdom
waar’t gras verveluwd geel geworden is
een kinderdroom van boerenwereld
verzonken in een beeld
een oerplek van de stoffelsen
hier was het dus hier is het
hier scheen de zon zo fel als schellen
voor de ogen een hand voor ogen
in de schurenschaduw
verzonken in een droom
achttiende-eeuwers leefden hier
hun brood hun breisels hun geploeter
met landerijen her en der
een hekje hier een boomgaard ginder
een groet aan gene buurlui
verzonken in gepeins
waar lief gedeeld door leed werd
met als opbrengst rijen rogge velden boekweit
waar godsvrucht gebreid werd van schapewol
en haver vermalen tot gort
verzonken in voedsel en voer
waar ‘t water aan de kustlijn kwam
en af en toe een zeemanslijk
waar ‘t water steeg en steeg
tot negentienhonderdzestien kwam
en het alles verdronk wat nog restte
verzonken in de bodem van de zee
wie hoor ik toch wenen in mijn ziel
frits stoffels
17 juni 2007
Watersnood 1916: geschiedenis.vpro.nl/artikelen/38199504/
Overstroming te Nijkerk 1916
Storm en Watersnood
In Gelderland.
Men meldt ons uit Harderwijk: In geen 30 jaar heeft men alhier van het zeewater zooveel last gehad als Donderdag, toen de storm uit het Noord-Westen het water met onbeteugeld geweld tot voor de muren, neen, tot in de straten op- dreef, zoodat Vrijdagmorgen het grootste deel der stad geheel blank stond. Welke angstige uren hadden de menschen, vooral de buitenwonenden, des nachts reeds doorgebracht. Velen zaten met hun geheele hebben en houden op den zolder, terwijl anderen naar familieleden, die 'hooger' woonden, waren gevlucht. De ten Westen der stad wonende boeren, vooral verkeerden in grooten nood; daar vluchtte men zelfs tot op de daken, om in grooten angst het oogenblik af te wachten, dat van buiten af hulp zou komen opda- gen, om de menschen van hun koude en gevaarlijke schuilplaats weg te voeren. Te verwonderen is het, dat er nog niet meer vee verdronken is; de tijd ontbrak bijna, evenals bij een snel om zich heen grijpenden brand, om de beesten in veiligheid te brengen. Sommige boeren moesten enkele koeien en varkens missen; van kippen, konijnen en ander klein vee bleef niet veel over. In Harderwijk was het een ontredderde toestand, daar zag men de brievenbestellers op een paardekar van het kantoor halen om hen naar de verschillende deelen der gemeente te brengen. Met ladders bracht men de menschen van hunne bovenwoningen naar beneden om hen dan naar een droger plaats te voeren. Alle scholen waren gesloten; geen enkele was te bereiken; er werd ook niet aan gedacht, want er was buiten veel te veel te zien voor de jeugd, die zulke gevallen gewoonlijk van den vermakelijksten kant opneemt. Tegen den middag was het water zoover gezakt, dat de straten weder begaanbaar waren. Eenige huisjes aan de haven leden veel schade, doordat in de nabijheid liggende boomen aan het drijven geraakt waren en met de gevels in aanraking kwamen, die daardoor voor een groot deel werden stukgeslagen. Tegen 12 uur des middags kwam Prins Hendrik zich per auto van de zaak op de hoogte stellen.
Watersnood Noord-Holland 1916
In West-Friesland: ploeg die poogt dijk te reden 1916
(...)
De spoorlijn tusschen Voorthuijzen en Nijkerk is gedeeltelijk zoo diep onder water gezet, dat de treinenloop gestaakt moest worden. In de omstreken van laatstgenoemde plaats moeten dui- zenden stuks vee in de stallen verdronken zijn.
De Telegraaf, 15 januari 1916
Peter de Rijcke - IJsselmeerkust

|
|