|
Thema: De Kracht van de Geboren Koning
Uit de Messiah van Haendel Jesaja 9,5 For unto us a Child is born
unto us a Son is given and the government shall be upon his shoulder and his name shall be called Wonderful Counsellor The Mighty God The Everlasting Father The Prince of Peace. Want ons wordt een Kind geboren
Ons wordt een Zoon gegeven. En de heerschappij zal op zijn schouders zijn; en zijn naam zal genoemd worden: Wonder van een Raadsman De machtige God, Eeuwigdurende Vader Vorst van de vrede.
Tekst: Lukas 2, 8-20
08 In de omgeving bevonden zich herders die in het open veld gedurende de nacht hun kudde bewaakten. 09 Plotseling stond een engel des Heren voor hen en zij werden omstraald door de glorie des Heren, zodat zij door grote vrees werden bevangen. 10 Maar de engel sprak tot hen: "Vreest niet, want zie, ik verkondig u een vreugdevolle boodschap die bestemd is voor het hele volk. 11 Heden is u een Redder geboren, Christus de Heer, in de stad van David. 12 En dit zal voor u een teken zijn: gij zult het pasgeboren kind vinden, in doeken gewikkeld en liggend in een kribbe." 13 Opeens voegde zich bij de engel een hemelse heerschare; zij verheerlijkten God met de woorden: 14 "Eer aan God in den hoge en op aarde vrede onder de mensen in wie Hij welbehagen heeft." 15 Zodra de engelen weer van hen waren heengegaan naar de hemel, zeiden de herders tot elkaar:
"Komt, laten we naar Betlehem gaan om te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons heeft bekend gemaakt." 16 Ze haastten zich er heen en vonden Maria en Jozef en het pasgeboren kind, dat in de kribbe lag. 17 Toen ze dit gezien hadden, maakten ze bekend wat hun over dit kind gezegd was. 18 Allen die het hoorden, stonden verwonderd over hetgeen de herders hun verhaalden. 19 Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en overwoog ze bij zichzelf. 20 De herders keerden terug, terwijl zij God verheerlijkten en loofden om alles wat zij gehoord en
gezien hadden; het was juist zoals hun gezegd was. Meditatie
1 De tekst en de muziek plaatsen ons in de tegenwoordigheid van onze God die ‘met welbehagen’ naar ons kijkt. Ik schaar me bij de herders; ik luister naar het lied van de engelen en zie niet alleen het licht, maar hoor ook hoe de muziek de stralen van het licht uitbeeldt.
2 Aan het eind van het verhaal staat: ‘De herders loofden God om wat ze gehoord en gezien hadden.’ Daar zit een groot verschil tussen. Wat ze zien: een armeluiskind in een voerbak. Wat ze horen: dit is de lang verwachte Messias, Wonderbaar Raadsman, Eeuwige Vader, Vorst van de Vrede! Ik word uitgenodigd met de ogen van het geloof door de simpele buitenkant heen die grote werkelijkheid te onderscheiden.
3 We hóren grote dingen; we zien in een kind in een voerbak. Is dat een symbolische verwijzing naar de eucharistie? Ik kijk naar dit kind en hoor wat er gezegd wordt. In hoeverre bevat dit alles voor mij geestelijk voedsel?
4 De herders staan er blijkbaar niet verwonderd over dat die lang verwachte Messias in hun midden is geboren ver van de wereld waar het allemaal gebeurt; ver van waar je zo’n belangrijke geboorte veel eerder zou verwachten. En als dat in mijn leven ook het geval was…? Dat de komst van Messias - hoe klein en armelijk ook - ergens dicht bij mij plaats vindt?
5 We scharen ons nog één keer tussen de herders, en laten het licht en het lied op ons afkomen. We realiseren ons dat lied en licht geen enkele voorwaarde aan ons stellen: het schijnt gewoon; het zingt gewoon. Over alles heen. Dwars door alles heen…
|