Wanda´s Blog Ubuntu Gnome

157dagen tot
Lucid Linx LTS 10.04

Recente siteactiviteit

( H ) GStreamer , FFmpeg , H264 Codecs , lame , AAC etc . NL + DE.

Zin  om  te  leren  ...  dan  kunt  U  hier  beginnen  ,  veel  lees  plezier .

Gebruik Uw pijltjes toetsen en druk ook de F11 toets in dan heeft U  negen regels meer om te lezen. ( is een lange pagina ).

Een enkele keer staat een grafiek er twee maal op , dit om U onnodig  te laten scrollen

Soms een droge leerstof , maar hoog interessant  voor diegene die in Multimedia geinteresseerd  zijn  , ik  toch ! .

  <   Volg ons  Sandra.S.  doorheen deze materie , en neem koffie mee ...  plus broodjes .

Alles is aanklikbaar .

Ontwerp

De filosofie van GStreamer meent dat, in plaats van voor elk multimediaformaat een aparte mediaspeler te gebruiken, er beter één raamwerk of speler wordt gebruikt die uitbreidbaar is met plugins. GStreamer is dus in feite gewoon een geheel dat verschillende plugins omvat. Als een programma dat GStreamer gebruikt multimedia wil afspelen, laadt GStreamer de noodzakelijke plugin die het bestand voor het programma afspeelt.

De GNOME desktopomgeving maakt standaard gebruik van GStreamer sinds versie 2.2. GNOME en GTK+-programma's worden aangeraden om het ook te gebruiken.

Plugins.





De GStreamer plugins worden onderverdeeld in drie groepen:


Naam Pluginset Beschrijving
Good Een set vrije plugins van goede kwaliteit onder de LGPL licentie.[1]
Bad Een set plugins die nog niet helemaal in orde zijn in vergelijking met de andere plugins [2].
 Ugly                    Plugins van goede kwaliteit die echter problemen kunnen geven op het vlak van licentie. [3

Programma's die GStreamer gebruiken zijn onder andere:

  • Rhythmbox, de standaard audiospeler van GNOME  = Zeer goed voor MP3 en OGG muziek bestanden af te spelen + Radio streams.
  • Banshee, een GTK-gebaseerd audiospeler
  • Songbird (alleen linuxversie
  • Sound Juicer kan CD's rippen naar elk formaat waarnaar GStreamer kan schrijven  = oke
  • Kaffeine, de standaard mediaspeler van KDE, kan GStreamer gebruiken met behulp van een KPart
  • GnomeBaker kan van elk audiobestand dat GStreamer ondersteund audioCD's branden.
  • Brasero kan van elk audiobestand dat GStreamer ondersteund audioCD's branden. = oke
  • Totem, De standaard mediaspeler in GNOME = Ik gebruik  de  Totem (gstreamer)  variant , die bij elke versie beter word.
  • Totem xine  is mijn andere dvd en video player met de lib xine´s.
Categorie:GNOME - Wikipedia

Codec - Wikipedia
                                                                             
Totem (mediaspeler) - Wikipedia

xine - Wikipedia

Koffie pauze ! .

Duits talig.


GStreamer ist ein freies Multimedia Framework, lizenziert unter der LGPL. Es ist in der Programmiersprache C geschrieben und verwendet die Softwarebibliothek GObject. GStreamer ist eines der Projekte von freedesktop.org, das sich darum bemüht, die Zusammenarbeit und den Datenaustausch zwischen den Projekten durch offene Standards zu erhöhen.

Geschichte

Ende 1999 wurde das Projekt GStreamer ein öffentliches Projekt. GStreamer wurde und wird hauptsächlich für Unix/Linux entwickelt. Mittlerweile basieren zahlreiche Programme auf GStreamer, darunter seit der Version 2.2 auch die GNOME-Desktop-Umgebung sowie dazu passende Musik- und Videoprogramme wie z.B. Rhythmbox. GStreamer soll auch in der künftigen KDE-Multimedia-APIPhonon“ als Backend nutzbar sein.

Blog der Entwickler (englisch)

Homepage von GStreamer (englisch)

0--------------------------------------0

Duits talig.

Entwickler: FFmpeg Projekt
Aktuelle Version: Revision 15383
(10. September 2008)
Betriebssystem: Plattformunabhängig
Kategorie: Multimediasoftware
Lizenz: LGPL / GPL
Deutschsprachig: Duits sprachig Wikipedia.

Verwendung

Das FFmpeg-Projekt besteht aus einer Reihe von freien Computerprogrammen und Programmbibliotheken, welche digitales Video- und Audiomaterial aufnehmen, konvertieren, senden (streamen) und in verschiedene Containerformate verpacken können. Unter anderem enthält es mit libavcodec eine Sammlung unterschiedlicher Audio- und Video-Codecs.

FFmpeg wird unter Linux und anderen Unix-artigen Systemen entwickelt und wurde auch auf andere Betriebssysteme und Plattformen portiert. Bekannte Programme die FFmpeg verwenden, sind unter Unix und Windows die Programme MPlayer, VLC und xine, unter Windows Mobile und Palm OS der TCPMP.

Das Projekt besteht aus mehreren Komponenten:

  • ffmpeg ist ein Kommandozeilenprogramm, um von einem Video-, Audio- oder Bildformat zu einem anderen zu konvertieren. Es unterstützt auch das Aufnehmen und Kodieren von einer TV-Karte in Echtzeit.
  • ffserver ist ein HTTP-Multimedia-Streaming-Server für Live-Übertragungen über das Internet.
  • libavcodec enthält alle ffmpeg-Audio- und -Video-Encoder und -Decoder. Die meisten Codecs wurden von Grund auf neu geschrieben. Diese Bibliothek kann von anderen Programmen benutzt werden, um dann die Filme selber darzustellen.
  • libavformat enthält die Container-Parser und -Ersteller für alle herkömmlichen Audio- und Video-Containerformate (z. B. AVI, Mov, MKV, Ogg/Ogg Media etc.).

Da FFmpeg auch Codecs enthält, die – besonders in den USApatentrechtlich geschützt sind, kann die Benutzung u. U. für sich in den USA befindende Anwender rechtliche Schwierigkeiten bereiten; die Rechteinhaber erhalten keine Lizenzgebühren vom Projekt, da sich der Sitz des Projekts in Ungarn und nicht in den USA befindet. Die MPEG verlangt beispielsweise von den Herstellern, pro MPEG-4-Encoder oder -Decoder in Hardware- oder Software-Form eine Lizenzgebühr von 0,25 [1] US-Dollar abzuführen, auch wenn die MPEG an der Implementierung des Codecs nicht beteiligt war. Aus diesem Grund wird ffmpeg oft nicht als fertig kompiliertes Programm weitergegeben, sondern nur als Quellcode.

Des Weiteren entstammen dem FFmpeg-Projekt zwei neue Video-Codecs. Ein nur verlustfrei arbeitender Codec namens FFV1 (englisch) und ein fast fertiggestellter Codec namens Snow, welcher auf Wavelet-Transformationen und einer intelligenten Variante der Bereichskodierung beruht.

Weblinks

Quellen

http://www.streamcrest.com/MPEG-4%20License%20Proposals.pdf
Eerst  een  hapje eten  voordat  U  verder gaat.
En weer Nederlands talig .
Een   klein  beetje  theorie  wat  betreft  codecs  etc  ...  best  wel  interessant , maar ook compex

Codec

Een codec is een stuk soft- of hardware dat toelaat data te coderen/decoderen of te comprimeren/decomprimeren. Er bestaan codecs om bijvoorbeeld geluid of beeld te coderen in een handelbaar formaat met behoud van een zeker kwaliteitsniveau. Codecs worden toegepast voor datacompressie van bestanden. Ook worden codecs gebruikt bij het real-time versturen van audiogeluid over een ISDN-telefoonlijn. Dit wordt veel toegepast bij radio-interviews waarbij de te interviewen persoon niet fysiek aanwezig hoeft te zijn in de radiostudio.

Hoe de codering precies te werk gaat hangt af van het doel en is vaak te vinden bij de beschrijving van de desbetreffende codec. Onder Windows is een codec vaak als bibliotheek (DLL) beschikbaar.

Inhoud

Compressie

De mechanismes voor datacompressie die worden toegepast vallen vaak onder de term lossy compression. Ook wordt lossless compression toegepast.

Voorbeelden

Voorbeelden van video-codecs:

Voorbeelden van audio-codecs:

MPEG is een veel gebruikt systeem voor de compressie van beeld- en geluidsbestanden.

Situering

In 1988 werd de werkgroep Moving Pictures Experts Group opgericht als een samenwerkingsverband tussen academici en mensen uit de zakenwereld. Sindsdien houdt deze werkgroep zich bezig met de ontwikkeling van een standaard voor de codering van audio en video.

De MPEG-codecs zijn een voorbeeld van datacompressie met gegevensverlies (lossy). Dit is een methode waarbij decompressie van een gecomprimeerd bestand resulteert in een bestand, verschillend van het origineel. Er zal verlies van informatie optreden, met kwaliteitsverlies als gevolg.

De lossy MPEG-compressiealgoritmes maken gebruik van een transformatietechniek. Dit wil zeggen dat de beelden en geluiden in kleine segmenten worden gehakt, getransformeerd worden naar het frequentiedomein, en vervolgens worden gekwantiseerd.

Meestal wordt er een extra stap toegevoegd, waarbij een bepaalde afbeelding voorspeld wordt op basis van de vorige geconstrueerde afbeeldingen, en enkel de verschillen met de vorige afbeeldingen en de extra informatie om de voorspelling te kunnen vormen, worden bijgehouden. Deze voorspellingsmethode wordt ook gebruikt in andere compressieformaten.

MPEG standaardiseert enkel het bitstreamformaat en de decoder. Een bitstreamformaat is de vorm waarin data zich bevindt in een reeks van bits die gebruikt wordt in een toepassing voor digitale communicatie of opslag. De encoder is helemaal niet gestandaardiseerd, maar er zijn referentie-implementaties beschikbaar voor leden die gevalideerde bitstreams produceren. Concreet betekent dit dat bijvoorbeeld een willekeurige MPEG-decoder om het even welk MPEG-materiaal van hetzelfde type kan decoderen, zonder rekening te moeten houden met de encoder.

De officiële benaming van MPEG is ISO/IEC JTC1/SC29 WG11. De gebruikte bestandsextensie voor MPEG op computers is .mpg.

Formaten

MPEG heeft een aantal compressieformaten gestandaardiseerd. Elk formaat heeft een onbekend aantal codecs. Doordat de bitstream en de decoder gestandaardiseerd is, kan een decoder van een bepaald formaat, iedere MPEG-bitstream van dat formaat decoderen. Het is voor de decoder dus niet van belang met welke codec een bepaald bestand geëncodeerd werd.

MPEG-1

MPEG-1 (1991) is de initiële compressiestandaard voor video en audio door de Moving Picture Experts Group. Later werd deze gebruikt als standaard voor video-cd. Het formaat beschrijft ook het populaire Layer 3 (MP3) audiocompressieformaat. De videocodec is enkel van toepassing voor niet-geïnterlinieerde beelden. Het formaat beschrijft verder ook nog synchronisatie en multiplexing van video en audio, procedures om de conformiteit te testen, en referentiesoftware.

MPEG-2

Het MPEG-2-formaat (niet te verwarren met MP2, MPEG-1 Audio Layer 2) is voornamelijk ontwikkeld voor het transporteren van digitale kwalitatieve video en audio voor televisie-uitzendingen. Het wordt gebruikt voor digitale televisie via conventionele antennes (dus niet via satelliet) (ATSC, DVB en ISDB), uitzending ('broadcasting') over satelliet (DirecTV), en digitale kabeltelevisie. Ook heeft het (met een kleine aanpassing) zijn toepassing gevonden op dvd-videodiscs.

MPEG-2 specificeert dat onbewerkte frames in drie soorten frames gecomprimeerd kunnen worden:

  • intra gecodeerde frames (I-frames)
  • voorspellend gecodeerde frames (Predictive coded, ofwel P-frames)
  • bidirectionele P-frames (B-frames)
Meestal wisselen I-, P- en B-frames zich af. Een mogelijke volgorde is: IBBPBBPBBPBB(I). De frames samen vormen een GOP (Group Of Pictures). Hoe de variatie moet optreden is niet specifiek vastgelegd: de standaard is hier nogal flexibel in.
I-frame
Een I-frame is een gecomprimeerde versie van een enkele onbewerkt frame. Het maakt gebruik van ruimtelijke redundantie en van het feit dat het menselijk oog bepaalde veranderingen in een beeld niet kan waarnemen. In tegenstelling tot P-frames en B-frames zijn de I-frames niet afhankelijk van de vorige of volgende frames. In het kort komt het erop neer dat het frame wordt verdeeld in blokken van 8 bij 8 pixels. De data in elk blok wordt getransformeerd middels een discrete cosinustransformatie. Dit levert een 8 bij 8 matrix van coëfficiënten. De transformatie zet ruimtelijke variaties om naar een variatie in frequentie, waarbij lage frequenties corresponderen met "grove lijnen" en de hoge frequenties corresponderen met details in de afbeelding. De informatie in het frame zelf wordt niet veranderd: door de inverse cosinustransformatie toe te passen kan de originele informatie uit het I-frame worden teruggewonnen. Gewoonlijk zijn de componenten van de hogere frequenties in dit signaal ongeveer 0. Dit resulteert in het verlies van kleine, subtiele niveauveranderingen in kleur en helderheid.
Vervolgens wordt de gekwantiseerde 8 bij 8 matrix gecomprimeerd. Meestal is één hoek van de matrix gevuld met allemaal nullen. Men start nu in de tegenovergestelde hoek van de matrix. Vervolgens gaat men "zigzaggen" door deze matrix en worden alle coëfficiënten uit de matrix gecombineerd tot een string. Nadat deze nog enkele bewerkingen heeft ondergaan, krijgt men een veel kleiner array met getallen. Dit array wordt uiteindelijk uitgezonden of op DVD gezet. In de ontvanger, of in de DVD speler, wordt het voorgaande proces omgekeerd toegepast. Dit resulteert in een goed benaderde reconstructie van het originele signaal.
P-frames
P-frames zorgen voor meer compressie dan I-frames. Ze gebruiken de data van het voorafgaande P- of I-frame. P- en I-frames worden zogenaamde referentieframes genoemd. Om een P-frame te genereren wordt het vorige referentieframe gereconstrueerd, net zoals in een DVD speler of een TV ontvanger. Het frame dat men wil opbouwen wordt verdeeld in 16 bij 16 pixels macroblocks. Vervolgens wordt het gereconstrueerde frame doorzocht om de best passende gecomprimeerde 16 bij 16 pixels macroblock te vinden. Beide frames (het voorafgaande en het actuele) worden dus per macroblock vergeleken. Hierbij wordt rekening gehouden met beweging: de wijziging in positie wordt meegegeven als vectoren die de richting en afstand aangeven waarin pixels zich bewegen. Omdat beide macroblocks niet perfect overeenkomen wordt voor beide blocks een string met coëfficiënten bepaald zoals hierboven beschreven. Vervolgens wordt het verschil van deze strings genomen om verder te verwerken.
B-frames
Het verwerken van een B-frame lijkt erg op dat van een P-frame, met het verschil dat een B-frame ook het volgende referentieframe gebruikt. Ze zorgen voor meer compressie dan P-frames, maar ze worden nooit gebruikt als referentieframe omdat ze zijn "opgebouwd" (voorspelling) uit andere frames.
Bovenstaande tekst haalt enkele bewerkingen van de MPEG-2 laag aan. Er zijn echter nog veel meer details die hier niet zijn besproken, zoals chrominantie, luminantie, het labelen van de delen die de bitstroom vormen en dergelijke.

MPEG-3

Oorspronkelijk werd MPEG-3 (niet te verwarren met MP3, MPEG-1 Audio Layer 3) ontworpen voor High-definition television (HDTV), maar toen duidelijk werd dat soortgelijke resultaten verkregen konden worden door kleine aanpassingen aan MPEG-2 door te voeren, werd besloten om het verder ontwikkelen van MPEG-3 te beëindigen.

MPEG-4

Zie MPEG-4 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

MPEG-4 is een uitbreiding van MPEG-1 om video/audio-“objecten” te ondersteunen, 3D-inhoud, lage bitrate-encoding en Digital Rights ManagementQuickTime-bestandsformaat, ontwikkeld door Apple. Microsoft, die graag zijn eigen bestandsformaat in een ISO-standaard had zien opnemen, kwam daarop met een eigen versie van MPEG-4. Het is overigens op deze (gesloten en incompatibele) Microsoft-variant van MPEG-4 dat het populaire DivX gebaseerd werd. (DRM). Als bestandsformaat koos de Moving Pictures Experts Group voor het

In samenwerking met het Joint Video Team (JVT) werd een geavanceerde videocodec ontwikkeld. Deze kreeg de naam H.264, maar dient vanzelfsprekend enkel als referentie. Softwareleveranciers kunnen, conform de ISO-standaard, hun eigen codecs en bijhorende encoders ontwikkelen, als dit een meerwaarde kan betekenen voor de door hen aangeboden producten. Enkele voorbeelden hiervan zijn Apple en 3ivx.

MPEG-7

In tegenstelling tot de andere standaarden, die beschrijven hoe bewegende beelden daadwerkelijk geëncodeerd kunnen worden, is MPEG-7 een standaard om multimedia-inhoud te beschrijven aan de hand van XML. Het is een meta-informatiesysteem als aanvulling op MPEG-1, MPEG-2 en MPEG-4. Tegenwoordig hebben we te maken met een overmaat aan informatie, de toevoer van audiovisuele informatie neemt exponentieel toe in de tijd. Daarom zal een beschrijvend, doorzoekbaar informatiesysteem als MPEG-7 een grote hulp worden voor het terugvinden van audiovisueel materiaal.

MPEG-21

MPEG-21 is een OpenSource framework voor multimedia-applicaties. Het is de bedoeling dat bij conversies en uitwisseling van multimedia tussen verschillende gebruikers en bedrijven de auteursinformatie en herkomst bewaard blijft. Het is dus niet te vergelijken met DRM6 dat voor restricties bij de distributie zorgt, maar eerder als een technologie om de herkomst, het gebruik en de distributie van het bestand te achterhalen.

MJPEG

Vaak wordt MJPEG ten onrechte als een MPEG-formaat aanzien, daarom is ze ook in deze lijst opgenomen. MJPEG echter een methode waarbij iedere frame van een beeldsequentie naar het JPEG-formaat wordt omgezet om zo een 10:1 tot 20:1 compressie te bekomen. Deze methode wordt voornamelijk gebruikt in commerciële postproductie. MPEG-1-kwaliteit bij lage bitrate is niet acceptabel voor deze gebruikers, en het is moeilijk om videosequenties te bewerken met inter-framecompressie.

Samengevat is MJPEG dus een toepassing van de Joint Photographic Experts Group, en niet van de Moving Picture Experts Group.

Veel gebruikte codecs

Zoals hierboven reeds beschreven heeft ieder MPEG-formaat zijn eigen codec. Aangezien echter enkel het formaat en de decoder beschreven zijn, kunnen dus andere codecs ontwikkeld worden. Voorbeelden hiervan zijn Sorenson Squeeze, 3ivx en Nero Digital.

Toepassingen

Om intercompatibiliteit te verzekeren, waarbij verschillende producten de standaard op dezelfde manier implementeren, werd de Internet Streaming Media Alliance (ISMA) opgericht als een samenwerkingsverband tussen Apple, Cisco, IBM, Kasenna, Philips, Sun Microsystems, AOL Time Warner, Dolby Laboratories, Sony en 27 andere bedrijven. De ISMA houdt zich vooral bezig met het definiëren van bruikbare profielen.

Zoals eerder al beschreven hebben de verschillende MPEG-formaten elk hun eigen toepassingen gevonden. Zo wordt MPEG-2 voornamelijk gebruikt door digitale televisiebroadcasters, en zal MPEG4 vooral bij de gewone consumenten zijn plaats veroveren (draadloos netwerk). Na verloop van tijd zal MPEG4 echter ook op professioneel vlak MPEG-2 gaan overnemen. Zo zijn er nu al plannen om bij iDTV ondersteuning te bieden aan MPEG4, in plaats van enkel MPEG-2. De grote winst aan bandbreedte aan eenzelfde kwaliteit is vanzelfsprekend een zeer sterk argument.

Vooral het gebruik van MPEG-1 zal evenredig met de opkomst van MPEG-4 afnemen. VHS-kwaliteit is voor de veeleisende consument niet langer voldoende, en de uiterst efficiënte videocompressie van MPEG-4 part10 maakt dit het formaat van de toekomst.

Players

Aangezien MPEG-4 wordt voorspeld als het meest gebruikte formaat voor video en audio, wordt dit formaat reeds door de meeste nieuwe spelers ondersteund. Hieronder kunnen we onder andere QuickTime 6, RealPlayer 10 en de VLC media player opmerken. Microsoft weigert echter nog steeds om mp4-bestanden in hun Windows Media Player te ondersteunen. (Het formaat mp4 is hetzelfde als MP4, MPEG4 en MPEG-4).

Streaming

Het MPEG-formaat is uitermate geschikt voor streaming media. De Moving Picture Experts Group heeft hiervan altijd het nut ingezien en rekening mee gehouden bij de ontwikkeling van hun formaten en implementatie van codecs. De industrie volgde deze redenering niet, en MPEG is op commercieel vlak nooit doorgebroken als streaming formaat. Dit was voornamelijk het gevolg van het feit dat concurrerende formaten als RealMedia en Windows Media met hun eigen streamingserver op de markt kwamen. MPEG is immers een standaard, die niet wordt gestuwd door een commercieel bedrijf, en dus afhankelijk is van implementatie en ontwikkeling door derden.

Voor MPEG-4 lijkt hier verandering in te komen. Een belangrijk voorbeeld hiervan is de Darwin Open Source Streamingserver van Apple, die streaming van MPEG-4 ondersteunt. Alles zal echter afhangen van de ondersteuning door de players. Inmiddels is dankzij het succes van iPod, iTunes de QuickTimespeler vrijwel even wijd verbreid als de Windows Media-speler. Met name in het mobiele segment en de Set-top box (IP TV) zijn de kansen voor MPEG streaming aanzienlijk.

Zie ook  onder op deze pagina staat nog meer van dat spul.

Bestandsformaten voor compressie van multimedia
Videocompressie: ISO/IEC: MPEG-1 · MPEG-2 · MPEG-4 · MPEG-4/AVC · ITU-T: H.261 · H.262 · H.263 · H.264 · SMPTE: VC-1
Andere: AVS · Dirac · Indeo · MJPEG · RealVideo · Theora · VP7 · WMV

Audiocompressie: ISO/IEC MPEG: MP3 (MPEG-1 Layer III) · MPEG-1 Layer II · AAC · HE-AAC · ITU-T: G.711 · G.722 · G.722.1 · G.722.2 · G.723 · G.723.1 · G.726 · G.728 · G.729 · G.729.1 · G.729a · FRC · EFRC
Andere: AC3 · ATRAC · FLAC · iLBC · Monkey's Audio · Musepack · RealAudio · SHN · Speex · Vorbis · WavPack · WMA

Beeldcompressie: ISO/IEC/ITU-T: JPEG · JPEG 2000 · JPEG-LS · JBIG · JBIG2
Andere: BMP · GIF · ILBM · PCX · PNG · TGA · TIFF · WMP

Mediacontainers: 3GP · ASF · AVI · FLV · Matroska · MP4 · MXF · NUT · Ogg · Ogg Media · QuickTime · RealMedia
Enkel Audio: AIFF · AU · WAV

Koffie pauze.

Matroska

Matroska is een multimediacontainer. Het Matroska-project heeft als doel een volledig open source multimediacontainer-formaat te ontwikkelen. Het bestaat sinds 2002, genoemd naar de Russische matroesjka poppen en is ontstaan uit het MCF(‘Multimedia Container Format’)-project. Matroska komt meestal voor in de vorm van .mkv (matroska-videobestanden) en .mka (matroska-audiobestanden).

Inhoud

Multimediacontainer

Een multimediacontainer is een bestand dat kan bestaan uit één of meerdere audio-, video- en ondertitelingtracks. Dit maakt het mogelijk om bijvoorbeeld een complete film op een CD of DVD op te slaan in een enkel bestand. Het is echter geen video- of audiocodec en dus niet geschikt voor compressie. Matroska bevat eigenschappen van een modern containerformaat, zoals snel zoeken in het bestand, foutherstellend vermogen, hoofdstukken, selecteerbare ondertitels, selecteerbare audiotracks, uitbreidingsmogelijkheden met modules, streaming voor internet (HTTP en RTP audio- en videotracks) en menu's (zoals op DVD's).

EBML

Opbouw Matroska-bestand volgens EBML-standaard

Matroska weet zich te onderscheiden van het oorspronkelijke MCF, doordat het is gebaseerd op EBML (Extensible Binary Meta Language), een binaire versie van XML. EBML maakt het mogelijk voor Matroska om aanzienlijke voordelen in termen van toekomstige formaatuitbreiding te bereiken, zonder de bestandsondersteuning te verbreken.

Een EBML-bestand start altijd met de code 0x1A. In DOS betekent deze code 'stoppen met weergeven'. In een Matroska-bestand kan er dus nog ASCII-tekst geïntegreerd worden voor de EBML-data, die kan weergegeven worden met DOS. Hierachter is de ‘header’ van de EBML-data opgeslagen. Zo kan het decodeerprogramma weten met welke compressie het te maken heeft. Hierachter wordt de ‘block timecode’ opgeslagen. Deze bestaat uit een 16 bit integer. Vermenigvuldigd met een welbepaalde tijdschaal verkrijgt men een getal dat aan het hoofd van elke cluster is opgeslagen (zogenaamde TimeCode Blocks). Hierdoor kan men door een Matroska video- of audiobestand gaan tot op de milliseconde. Hierna komt de werkelijke data met hoofdstukken, ondertitels, menu’s en dergelijke. Aan het eind van het bestand kunnen nog bestanden of tekst toegevoegd worden.

Beveiliging en ondersteuning

Zoals bij de meeste containers wordt ook Digital Rights Management (DRM) ondersteund in Matroska. Men kan trouwens willekeurig een beveiliging in Matroska inbouwen. Doordat de beveiliging zich bevindt in de Blocks kan men deze aanpassen zonder het te ontcijferen. De beveiliging kan zich ook bevinden in een apart deel van Matroska. Hierdoor heeft men twee aparte sleutels nodig om deze te ontcijferen, wat het kraken moeilijker maakt.

Matroska ondersteunt bijna alle codecs, inclusief Ogg Vorbis. Ook bijna alle ondertitelformaten worden ondersteund. Doordat er verschillende tracks aanwezig kunnen zijn, is er een mogelijkheid voor menu’s zoals bij DVD’s. Ook hoofdstukken worden ondersteund door een bestandje mee te geven dat verwijst naar verschillende clusters.

FFmpeg

XAMPP

Meest recente versie 0.4.9/ 20 december 2008
Besturingssysteem Linux
Licentie GPL
Website ffmpeg.org

FFmpeg is een programma dat audio- en video streams converteert. Het programma kan ook live feeds (bijvoorbeeld vanaf een TV-kaart of webcam) converteren.

FFmpeg kan diverse invoer- en uitvoerformaten aan en herkent deze volautomatisch. Conversie van bijvoorbeeld MPEG4 (ASF) naar FLV (Flash Video) of RM (RealMedia) formaten is mogelijk. Ook bitrates, framrates etc. kunnen worden gewijzigd. In combinatie met FFserver kunnen webgebaseerde (live) videostreams worden verzorgd. Een enkelvoudige invoerstroom in een bepaald formaat - bijvoorbeeld afkomsting van een Linksys of Axis camera - kan zo door vele cliënten worden bekeken, en in vele formaten, bitrates en framerates worden getoond.

Het programma draait op diverse besturingssystemen, waaronder Linux .

Er zijn nauwelijks formele releases van deze software: de gebruiker wordt geacht de broncode van de SVN server te halen en zelf te compileren. Er moet daarbij gebruik worden gemaakt van een recente GCC compiler (jan 2008: > v. 4.2).

ffmpeg.org  Officiele Website.

Lame.

LAME is een open source MP3 encoder. De naam is een recursief acroniem en staat voor "Lame Ain't an MP3 Encoder". Omdat LAME een open source project is, wordt het ook veel in andere software gebruikt. Vooral in CD-rip software komt men vaak LAME tegen. De kwaliteit kan zich meten met die van commerciële MP3 encoders. Op het moment zijn er geen Windows binaries beschikbaar voor LAME. Wel is de broncode te downloaden vanaf de website.

Inhoud

Naam

LAME was ooit gewoon een groep patches tegen de apart verdeelde ISO voorbeeldbroncode. Merk op dat het beweert geen encoder te zijn. De ISO code had een beperkende licentie maar was gratis verkrijgbaar.

In Mei 2000 werd de laatste versie van de ISO broncode opnieuw geïmplementeerd. Recente versies van LAME hebben de ISO broncode niet meer nodig om gecompileerd te kunnen worden.

Omdat recente LAME versies niet langer een patch voor de ISO encoder code zijn is LAME nu een MP3 encoder op zichzelf. Het acroniem is nu een foute benaming.

LAME

Ontwikkelaar Het LAME ontwerpteam
Meest recente versie 3.98.2 ( 22-9-2008 )
Laatste bètaversie 3.99a0 ( September 2008)
Besturingssysteem Cross-platform
Categorie Codec
Website http://lame.sourceforge.net





















H.264

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

H.264, MPEG-4 Part 10 of AVC (Advanced Video Coding) is een digitale video codec, die een heel sterke compressie van videobeelden nastreeft.

Door de sterke ontwikkeling van het internet is het aantal internetdiensten ook sterk toegenomen. Gezien de opslagcapaciteit en processorsnelhedencodec niet zo groot lijken, maar een sterkere compressie brengt ook andere voordelen met zich mee, nl. ook sterk zijn toegenomen kan de nood aan een verbeterde

  • een betere kwaliteit bij een zelfde bandbreedte bij streaming video
  • snellere downloadtijden van videobestanden
  • nog betere kwaliteit op DVD’s
  • langere films op een DVD
  • ...

Daarom besloten ITU-T VCEG en ISO MPEG hun krachten te bundelen en richtten ze het Joint Video Team (JVT) op, om samen een nieuwe videocoderingsstandaard te ontwikkelen: H.264/AVC.

De encoder voor H.264/MPEG-4 AVC video streams is het open source pakket x264. Deze toepassingen maken reeds gebruik van de x264 encoder

  • Google Video
  • MobileASL
  • Speed Demos Archive
  • TASvideo

"Multi-picture inter-picture prediction" heeft volgende eigenschappen:


  • Door gebruik te maken van vorige geëncodeerde frames als referentie op een veel flexibelere manier dan de vorige standaarden, laat "Multi-picture inter-picture prediction" toe om tot 16 referentieframes te gebruiken (of 32 referentievelden bij interlaced encoding). Dit is een zeer groot verschil in vergelijking met vorige standaarden die slechts 1 enkele referentie toelieten (of 2 referenties in het geval van B-frames). Dit type van encodering laat een klein effect toe op de bit-rate en de kwaliteit in de meeste scenes. Maar, in bepaalde types van scènes - met herhaaldelijke beweging, flash- back/forward of achtergronden met een getypeerd reliëf - creëert deze encodering een beduidend lagere bit-rate terwijl de kwaliteit van het beeld behouden blijft.
Bestandsformaten voor compressie van multimedia
Videocompressie: ISO/IEC: MPEG-1 · MPEG-2 · MPEG-4 · MPEG-4/AVC · ITU-T: H.261 · H.262 · H.263 · H.264 · SMPTE: VC-1
Andere: AVS · Dirac · Indeo · MJPEG · RealVideo · Theora · VP7 · WMV

Audiocompressie: ISO/IEC MPEG: MP3 (MPEG-1 Layer III) · MPEG-1 Layer II · AAC · HE-AAC · ITU-T: G.711 · G.722 · G.722.1 · G.722.2 · G.723 · G.723.1 · G.726G.728 · G.729 · G.729.1 · G.729a · FRC · EFRC
Andere: AC3 · ATRAC · FLAC · iLBC · Monkey's Audio · Musepack · RealAudio · SHN · Speex · Vorbis · WavPack · WMA
·

Beeldcompressie: ISO/IEC/ITU-T: JPEG · JPEG 2000 · JPEG-LS · JBIG · JBIG2
Andere: BMP · GIF · ILBM · PCX · PNG · TGA · TIFF · WMP

Mediacontainers: 3GP · ASF · AVI · FLV · Matroska · MP4 · MXF · NUT · Ogg · Ogg Media · QuickTime · RealMedia
Enkel Audio: AIFF · AU · WAV

Codec betekent: encoder-decoder. Een H.264 codec is dus de software die zorgt voor het encoderen van rauwe video naar een H.264 bitstream en andersom. X.264 is een library die door zo'n codec gebruikt kan worden.

De H.264 compressie-standaard specificeert alleen wat de betekenis van alle bits in zo'n bitstream is, en dus indirect hoe je hem kunt encoderen/decoderen. Hoe je de bitstream in een file opslaat mag iedereen zelf weten (1 op 1, of achterstevoren, of als een linked list van losse chunks, mag allemaal), en er zijn dan ook meerdere file-formaten in gebruik voor dezelfde compressie-standaard (bitstream).

AVI, MKV, WMV zijn file formaten, maar zij kunnen meer aan dan alleen H.264 bitstreams (bijvoorbeeld ook MPEG-2 Video bitstreams) en worden daarom containerformaten genoemd.

Hoewel het H.264 bitstream formaat vastligt in de H.264 standaard, kan het encoderen/decoderen van H.264 op allerlei manieren geïmplementeerd worden: slimmer en minder slim, ondersteuning voor alle H.264 toeters en bellen of voor slechts een deel (H.264 kent verschillende levels/profiles). Er zijn daarom ook verschillende codecs beschikbaar voor dezelfde compressie-standaard. Sommige daarvan maken zoals gezegd gebruik van de X.264 library.

Kennelijk maakt de huidige X.264 library (nog?) geen gebruik van NVidia's hardware support. Ik heb geen idee of de ontwikkelaars van die library die support toe zullen/kunnen voegen.

Vaak wordt bij een film (dus een bestand, zoals AVI, MKV) vermeld met welke codec de film gecomprimeerd is. Vandaar dat er bijvoorbeeld X.264 bij kan staan. Dit wordt gedaan omdat er kwaliteitsverschillen tussen verschillende encoders kunnen zijn, en wellicht ook voor eventuele incompatibiliteiten (die zouden niet voor mogen komen, want een correcte H.264 bitstream moet door elke H.264 decoder van het juiste profile&level afgespeeld kunnen worden.).

AAC+


AAC+ of HE-AAC is een MPEG-4-audiocodec, en staat voor Advanced Audio Coding.

AAC+ combineert drie technieken: AAC, Spectral band replication (SBR, reproduceert hoge tonen), Parametric Stereo (PS, combineert 2 monostreams en maakt er een stereosignaal van terwijl er slechts 2-3kb/s extra informatie wordt gebruikt). De codec is vooral geschikt voor lage bitrates. Op bitrates van 32-64 kb/s heeft AAC+ veelal de beste geluidskwaliteit tegenover andere codecs. Bij hogere bitrates is AAC+ nog steeds beter dan MP3, een AAC+ van 80/96 kb/s klinkt ongeveer als een 128/140 kb/s MP3, maar met dezelfde grootte als de 96 kb/s MP3. Bij 128 kb/s en meer maakt het niet uit, het zal gelijk klinken aan MP3. AAC+ wordt vooral gebruikt voor internetradio en mediaspelers waar de opslagcapaciteit niet al te hoog is.

Ondersteuning

AAC+ is nog niet zo heel erg goed ondersteund. Winamp en Foobar 2000 zijn de voornaamste mediaspelers die AAC+ ondersteunen. iTunes ondersteunt geen AAC+ streams (HE-AAC), alleen AAC wordt ondersteund. Na de laatste update (8.0) wordt deze compressie nog niet in dit commerciële programma herkend.

Orban, bekend van de Optimod, biedt een door Adobe Flash ondersteunde versie aan die werkt met Windows Media Player.

Andere namen

Er zijn meerdere namen voor AAC+, waarvan AAC+ en HE-AAC (HE = High Efficiency) het meest gebruikt worden. Er zijn ook nog: aacPlus, aacPlusV2, eAAC+, en NeroDigital Audio.

Externe links


Veel gebruikte algemene video termen

  • Framerate = Het aantal beeldjes (frames) per seconde. Een bioscoop film heeft 24 frames per seconde (24 fps).
  • Televiesie/video standaarden = PAL (Europees) of NTSC (USA/Japan).
  • PAL televisie = Phase Alternating Line = 720 bij 576 beeldpunten, 25 fps.
  • NTSC televisie = 640 bij 480 beeldpunten, 30 fps.
  • Aspect ratio = Beeldverhouding. Ouderwetse televisie is 4:3 (1,33333:1). Breedbeeld (widescreen) TV is 16:9 (1,7777778:1), Bioscoop film meestal nog breder 2.35:1 (Cinerama/Super widescreen).
  • Mpeg = Moving Picture Experts Group. Een groep ingenieurs die de mpeg standaarden uitvindt. Er zijn. o.a. MP3 (voor audio), mpeg1 (voor video CD/cd-i video), mpeg2 (voor DVD) en divx/xvid (sterk gecomprimeerde video).
  • Bitrate = Aantal bits per seconde (bps) dat gebruikt wordt voor het codeer proces. Voorbeeld: MP3 is meestal 192 kbps, DVD video (oftewel mpeg2) 40000 kbps, en XVid 1000 kbps.
  • Codec = COder/DECoder. Een algoritme om video of audio te coderen en te comprimeren. Bekende codecs zijn bijvoorbeeld MP3 en Xvid.
  • Rekenkunde voor gevorderden: 720:576 = 1,25:1 terwijl een PAL televisie 4:3 (= 1,33:1) is? In principe woderden 36 beeldlijnen gebruikt voor synchronisatie (en teletekst). Blijft over 540 (720:540 = 1.333:1). Bepaal zelf hoe dit zit met een PAL DVD (die is 720x576).

Info over DVD's

  • DVD PAL specs [3]: Mpeg2, 720 x 576 pixels, 25 fps, 16:9 anamorphic or 4:3, up to 9.8 Mbps.
  • DVD NTSC specs [3]: MPeg2, 720 x 480 pixels, 29,97 fps, 16:9 anamorphic or 4:3, up to 9.8 Mbps.
  • (30000 fps / 1001 = 29.97 fps, vraag me niet waarom).
  • Zowel NTSC als PAL dvd's spelen prima af in elke DVD speler ter wereld.
  • Variable framerate = Dit is een lastige! Voor NTSC DVD's zet men voor films (24 fps) de framerate doorgaans niet om (ntsc dvd's ondersteunen 24 fps). Soms ook wordt d.m.v. 3:2 pulldown (moeilijk verhaal!) de framerate met 5/4 vermenigvuldigd tot 30 fps. Maar soms laat men de framerate juist continu varieren tussen 24 en 30 fps. Dat heet variable framerate. Om een dergelijke DVD om te zetten naar XVid dient men de framerate voor de xvid "vast te vriezen" op 24 fps als de bron voor de DVD een film was en op 30 fps als de bron een televisie show was.
  • Authoring = Het omzetten van een mpeg2 bestand naar een video_ts folder. Die video_ts folder is wat op een DVD komt te staan. In feite wordt het mpeg2 bestand in stukken van 1 GB gehakt en hernoemd naar *.VOB.
  • VOB = Video OBject. Het bestand op een DVD waar audio (in meerdere talen!), video, en ondertitels in zitten. Een VOB is 1 GB groot. Een vob is een mpeg2 bestand dat in stukken van 1 GB is gehakt.
  • Anamorphic (Ned.: anamorf) = Een DVD is altijd 720x576 pixels (PAL). De beeldverhouding kan echter 4:3 of 16:9 zijn. Voor 16:9 (breedbeeld) wordt het beeld dus opgerekt in de breedte. Het "echte" beeld is gewoon 4:3 (720x576). Dit resulteert in van die vreemde vervormde, samengeperste, beelden. Dit ziet er weer normaal uit als het beeld wordt vervormd van 4:3 naar 16:9 (opgerekt dus). Dit heet anamorf.
  • Voor een Super widescreen film (ook wel Cinerama of 1:2.35) wordt de film afgespeeld in 16:9 anamorf formaat met zwarte balken boven en onder. Je verliest dan dus aan resolute
  • CSS= Content scrambling system. Als je de video_ts folder van een DVD probeert te copiëren naar harde schijf zul je merken dat dit niet gaat. Er is een (rudimentaire) beveiligingsmethode toegepast op commerciele DVD's: CSS. Dit zorgt ervoor dat ze ook niet zonder meer af te spelen zijn. CSS is kort na de introductie van de DVD "gekraakt" door een Linux gebruiker, omdat hij een DVD wilde bekijken onder Linux. Met behulp van speciale software kan dan ook tegenwoordig zonder enige moeite een DVD naar harde schijf gecopieerd worden, dit heet: rippen.
  • Dubbellaags = Een DVD bevat twee lagen. Beide van ong. 4.3 GB. Dit is een van de weinige verschillen tussen een CD-ROM en een DVD. Goedkope DVD-r en DVD+RW schijfjes zijn meestal enkellaags (1 x 4.3 GB). Met een programmaatje als DVDShrink kunnen geripte DVD's zeer snel en makkelijk verkleind worden naar 4.3 GB (er wordt een kleine hercodering toegepast).
  • DVD+ en DVD- = In den beginne was er een oorlog over de DVD standaard. Het ene kamp stond voor DVD+r en DVD+RW en het andere kamp voor DVD-r en DVD-RW. Beide spelen probleemloos af in iedere dvd speler. Beide kunnen tegenwoordig ook in alle dvd branders gebrand worden. De oolog is over, niemand heeft gewonnen, de consument ook niet. ;)

Soorten video codecs

  • Mpeg1 = Uitgevonden voor gebruik op een video-CD (ook wel: VCD of CD-i Video). Tegenwoordig zwaar achterhaald. Mpeg1 codeert niet erg goed. De audio laag van een vcd is echter nog altijd mateloos populair. Want mpeg1 audio layer 3 noemt men kortweg mp3!
  • Mpeg2. Dit is de video codec van een DVD. Mpeg2 genereert zeer grote bestanden, maar de beeldkwaliteit van deze bestanden is dan ook wel heel erg goed. Een mpeg2 variant is DV, Digital Video voor je digitale videocamera. Het video gedeelte van mpeg2 noemt men wel eens m2v en het audio gedelte ook wel mp2 audio.
  • Mpeg3 = bestaat niet.
  • Mpeg4 = Van Mpeg4 bestaan even veel varianten als er druppels water in de zee zijn. Mpeg4 wordt bijna per definitie gekoppeld aan een MP3 bestand voor de audio. Enkele mpeg4 varianten:
    • Xvid en Divx.
    • Mov (= Quicktime video, Apple).
    • ASF (Advanced Streaming Format) van Microsoft voor het web. Als je op internet een "Windows Media Player" knopje ziet staan, dan zit er meestal asf onder.
    • WMV (Windows Media Video).
    • FLV (Flash Video).
0-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------0

                                                         The end !   Welterusten .