Welkom!

Koninklijke Muziekmaatschappij Hand in Hand Mere

Start

Agenda 

Contact 

Foto's 

Links 

Interne

 

Historische groei 

 Tussen de twee wereldoorlogen waren " De Meirsche Kunstvrienden" actief onder leiding van Alexis De Graeve, die later de bezieler van de muziekmaatschappij zou worden en tevens een groot impact had op het culturele leven in Mere. De vereniging speelde toneel en maakte muziek met een beperkte groep. Uiteindelijk beperkte men zich tot het toneelspel want het gebrek aan financiële middelen in een tijd van crisis en onstabiliteit in het land.

Toch kende deze groep nog een uitloper met een groepje muzikanten onder leiding van Alexis De Graeve en zij volgden lessen bij een uitgeweken Merenaar, Kamiel Heyman, die in Nieuwerkerken woonde.Ze speelden tijdens de oorlog in de fabriek van Alexis De Graeve.Ook Omer Van Impe leerde aan jonge nieuwelingen de eerste begrippen van muziek om ze in staat te stellen een instrument te bespelen. Wegens de oorlogsomstandigheden werd dit groepje muzikznten ontbonden maar niet voor lang.

Begin 1949 hadden voorbereidende gesprekken plaats ten huize van Alexis De Graeve en de  " officiële " stichting van een nieuwe muziekmaatschappij volgde op Paasmaandag 18 april 1949 in de herberg van De Moté. Dit is trouwens gedurende ettelijke jaren het muzikale centrum van Mere geweest.

Men is steeds trouw gebleven aan het lokaal De Motè maar bij sluiting in 1986 verhuisde Hand in Hand naar het Patronaat waar tot op heden alle muzikale bedrijvigheid doorgaat. Alhoewel de getuigenissen in verband met de stichtingsplaats verschillen tussen de herberg van De Moté en het huis van Alexis De Graeve, is men toch unaniem akkoord over de stichters, die bij de oprichting aanwezig waren. Hierbij is het opvallend dat alle stichtende leden muzikanten waren en pas daarna ook andere tot de vereniging toetraden.

Tot de oprichters van Hand in Hand behoren Alexis De Graeve(dirigent) , Henri De Graeve ( tuba) , Albert De Swaef (sax - ato) , Jozef Coppens ( bugel) , Theofiel Van Impe ( trompet) , René Van Impe ( trompet) , Omer Van Impe ( sax - tenor en penningmeester) , Albert Raes ( bombardon en secretaris)

Deze kerngroep kon vrij snel uitgebreid worden met enkele nieuwe spelende leden als Maurice Redant, André De Graeve, Omer De Moté, Jozef Dullaerts, Maurice Huylebroeck. Om administratieve en andere redenen werd een volwaardig bestuur samengesteld met Frans Renneboog als voorzitter, Omer Van Impe als penningmeester, Albert Raes als secretaris en de andere leden Albert De Swaef en Cyriel Tillon.

Het aantal leden steeg gestandig want samen met enkele muzikanten uit de gemeente zelf, kon men spelende leden werven uit Erpe, Lede en Aalst. Zelf reeds bij de aanvangsperiode leidde men jonge muzikanten op met resultaat dat na amper één jaar het potentieel van spelende leden tot een twintigtal was aangegroeid om nog een jaar later een groep van ruim dertig muzikanten te vormen.

In december 1951 dus werden naar aanleiding van het Sint-Ceciliafeest verder in het kasboek genoemd: Matthijs Paul, De Graeve André, De Graeve Henri, De Graeve Amedé, Sterck André, D'hoye Willy, Maesschalck Marcel, De Troyer André, Souffriau Arsene, Hendrickx Frans, Quintijn Hector, Smekens Gaston, Van Rossem Valery, Van Den Eeckhout Frans, Meuleman Frans, Muylaert Willy, Vermeulen Alfons en Van Keymeulen Urbain.

Dergelijke belangstelling was enigzinds onverwacht maar vormde niettemin een stevige basis om verder op te bouwen voor de toekomst, die nu meer dan een halve eeuw bereikt heeft.

Dit bewijst dat de fanfare Hand in Hand een gezonde muzikale politiek gevoerd heeft en nu nog kijkt men naar de toekomst met een nuchtere en realistische visie wat zich vooral uit in de degelijke opleiding van de jeugd.