206dagen tot
DE ZESDE ZON

Verschil reguliere visie

Het verschil tussen de Holistische en de reguliere aanpak zit 'm niet in de kenmerken. Het verschil zit in de benadering. In de reguliere hulpverlening wordt er gekeken welk 'label' iemand krijgt en van daaruit wordt een behandeling opgezet. Deze dient meestal ter onderdrukking of vermindering van symptomen. Bij de Holistische hulpverlening wordt uitgegaan van een kwaliteit die moet worden herkend en erkend. We bepalen de dieper liggende oorzaken en pakken die aan. Om voor jezelf te kunnen bepalen in welke visie en behandeling je jezelf 't meest herkent, zetten we graag een aantal begrippen tegenover elkaar:
Holistische visie:
  1. Innerlijke wijsheid.
  2. Reageren vanuit intuïtie en gevoel.
  3. Buitenzintuigelijke waarnemingen.
  4. Eenheidsgevoel.
  5. Tijdloos.
  6. Gevoelig voor stemmingen en sferen.
  7. Denken in perspectief, multidimensionaal bewustzijn.
  8. Beeld-denkers denken vanuit de rechter hersenhelft.
  9. Rechtvaardigheidsgevoel, besef van afspraak = afspraak.
  10. Gevoel van verbondenheid met de natuur.
  11. Eerlijk zijn, puur.
  12. Emotioneel en zintuiglijk gevoelig.
  13. Rijke innerlijke belevingswereld; alle mogelijkheden en keuzes worden doorlopen en daardoor later antwoord geven.


Holistische behandeling:
  1. Begeleiden en ondersteunen.
  2. Vermogen om zelf te kunnen groeien/herstellen.
  3. Jij bent wie je bent en dat is goed.
  4. Jij redt het op je eigen unieke manier.
  5. Jij hebt een gave/talent/kwaliteit.
  6. Jij hebt je eigen unieke ontwikkeling.
Reguliere visie:
  1. Star denken.
  2. Gedragsproblematiek vanuit onvermogen ADHD of pdd-nos/MCDD
  3. Angsten omdat ze niet het vermogen hebben de wereld te ordenen.
  4. Grenzeloosheid.
  5. Geen tijdsbesef.
  6. Labiel, stemmingswisselingen.
  7. Onvermogen om een samenhangend verhaal te vertellen.
  8. Visueel ingesteld door informatieverwerkingsstoornis.
  9. Naïef, overdreven, reacties buiten proportie, star, niet kunnen omgaan met verandering.
  10. Zweverig.
  11. Niet kunnen liegen vanwege het gebrek aan relativeringsvermogen.
  12. Niet begrijpen van emoties bij zichzelf , doorschieten in emoties, geen controle over emoties.
  13. Dromerig, contactgestoord.

Reguliere behandeling:
  1. Trainen en leren.
  2. Onvermogen en er moeten vaardigheden aangeleerd worden.
  3. Jij bent anders.
  4. Zal altijd hulp nodig hebben.
  5. Je hebt een stoornis/onvermogen.
  6. afwijkende ontwikkeling in vergelijking met het gemiddelde. Onvermogen om vaardigheden te generaliseren of in de praktijk te brengen.